CBR onder verscherpt toezicht vanwege achterstanden

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft het toezicht op het CBR aangescherpt. Dat schreef minister Cora van Nieuwenhuizen woensdag aan de Tweede Kamer. Hiermee moeten de lange wachttijden bij de medische beoordelingen zo snel mogelijk worden verholpen. 

“Ik vind het belangrijk dat het CBR er alles aan doet om de werkvoorraad op een normaal niveau te krijgen en de achterstanden zo spoedig als mogelijk weg te werken”, aldus minister Van Nieuwenhuizen. Het toezicht op het CBR door zowel de Raad van Toezicht als vanuit het ministerie is aangescherpt. Er wordt gecontroleerd of het CBR zich aan het gekozen verbeterplan houdt en of de genomen maatregelen de gewenste effecten hebben en of bijsturing noodzakelijk is.

Dagelijks contact

“De Raad van Toezicht zit er scherp bovenop en komt regelmatig bijeen”, schrijft Van Nieuwenhuizen. “Vanuit het ministerie kijken we vaker en dieper mee bij de gekozen maatregelen en acties die door het CBR in gang zijn gezet. Er is dagelijks contact tussen het CBR en het ministerie. Ik heb het CBR verder opgedragen om maandelijks aan mij te rapporteren over de stand van zaken met betrekking tot de werkvoorraad
gezondheidsverklaringen, de afhandelingstermijn van de gezondheidsverklaringen
en het aantal (bijna) verlopen rijbewijzen.”

Ondanks deze maatregelen zullen de problemen niet op korte termijn zijn opgelost. “Er wordt met man en macht gewerkt om de achterstanden weg te werken. Maar de verwachting blijft dat de druk op de doorlooptijden tot najaar 2019 blijft aanhouden.”

Gezondheidsverklaringen

Het CBR heeft momenteel veel meer gezondheidsverklaringen weg te werken dan gebruikelijk. Hierdoor lopen de wachttijden voor de medische beoordelingen op tot meer dan vier maanden. Ook is de klantenservice van het CBR slecht bereikbaar.

Om de ergste druk er voor dit moment af te halen heeft het CBR al tijdelijke maatregelen genomen. Zo wordt er extra medisch personeel aangetrokken, de klantenservice is uitgebreid en wordt nog verder uitgebreid en de openingstijden van de klantenservice zijn verruimd.

Door het CBR wordt geprioriteerd op afloopdatum van het rijbewijs. Mensen die al langere tijd bezig zijn en van wie het rijbewijs binnenkort verloopt of verlopen is, worden als eerste geholpen. Met de beroepsorganisatie TLN is een spoedprocedure afgesproken voor de beroepschauffeurs.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 21 Feb 2019 07:43:42 +0000

‘Heel benieuwd hoe problemen CBR worden aangepakt’

Politici, de Nationale ombudsman, brancheorganisaties en de ouderenbond; vanuit allerlei hoeken klinkt kritiek op de trage procedures bij de medische afdeling van het CBR. Donderdag vindt een hoorzitting plaats in de Tweede Kamer waarin het thema uitgebreid wordt besproken. In aanloop hiernaar peilt RijschoolPro hoe vanuit de rijschoolbranche wordt gekeken naar dit probleem. 

Seniorenorganisatie ANBO heeft een brief gestuurd naar de Tweede Kamer met daarbij een zwartboek met ervaringen van leden. “Wij raadden leden aan een half jaar vóór het verlopen van het rijbewijs te starten met de aanvraag voor herkeuring, maar inmiddels is zelfs dat krap”, zegt ANBO-bestuurder Liane den Haan. “Het is onbegrijpelijk dat dit probleem niet opgelost wordt. Zelfs de Tweede Kamer moet blijkbaar de nodige druk uitoefenen.”

Naast de lange procedures zegt ANBO dat leden ook last hebben van onduidelijkheid wanneer ze uitsluitsel kunnen verwachten. “Ook krijgt men vaak geen bevestiging dat formulieren zijn ontvangen, werkt de digitale knop niet of de instructies worden als onduidelijk ervaren. En men staat lang in de wachtrij als er telefonisch contact wordt gezocht. Kortom: een standaardvoorbeeld van een vastlopend administratief systeem.”

‘Dit kan natuurlijk niet’

“Wij vinden het goed dat deze discussie op dit niveau gevoerd gaat worden, omdat er duidelijk snel een oplossing moet komen”, zegt Tom Huyskens, woordvoerder van Bovag. “Bovag kent de problematiek en is samen met de andere branchepartijen hierover reeds met het CBR in overleg. Uiteraard hebben wij ook onze bezorgdheid aan het CBR uitgesproken, maar we juichen toe dat nu ook de politiek zich hierover buigt.”

Ook Ruud Rutten, voorzitter van FAM, vindt dat er moet worden ingegrepen. “Zo ver had het nooit mogen komen. Kandidaten krijgen onvoldoende antwoord op hun vragen rondom de medische procedures. En zestig minuten wachten om iemand aan de telefoon krijgen: dat kan natuurlijk niet.”

Overigens ziet Rutten nog steeds dat sommige chauffeurs te lang wachten met het aanvragen van een nieuw rijbewijs. “Ik hoor klachten van chauffeurs die een half jaar moeten wachten op hun rijbewijs, maar dan blijkt ook dat zij maar vier weken voor de vervaldatum hun aanvraag hebben ingediend. Dat moet echt 4, 5 maanden van tevoren gebeuren, soms zelfs een half jaar.”

Hulp vanuit CBR

Wel is Rutten erg tevreden over de hulp die het CBR heeft geboden aan de brancheverenigingen. “Bij FAM komt geen enkele kandidaat in de problemen met het rijbewijs. Als het mis dreigt te gaan, kunnen wij, net als Bovag, VRB en TLN, een contactpersoon bellen die zorgt dat het betreffende dossier prioriteit krijgt.” Ook ziet Rutten verbetering bij de wachttijden voor de beroepschauffeurs. “Ik moest wekelijks voor tien, elf chauffeurs navraag doen bij het CBR. Vorige week ging het maar om één geval. Zeker nu alles online kan, kan het verlengen van het rijbewijs binnen een kwartier zijn geregeld. Mits je geen medische aandoening hebt.”

Ook Peter van Neck, voorzitter van branchevereniging VRB, is blij met de extra hulp richting de brancheverenigingen. “Al maken we hier zo min mogelijk gebruik van.” Dat er iets moet veranderen bij de medische afdeling, staat voor Van Neck vast. “Ik ben wel benieuwd hoe ze dit probleem op korte termijn willen aanpakken. Je kunt namelijk wel een enorm callcenter inrichten, maar als die medewerkers geen antwoord kunnen geven op vragen, schiet je er nog steeds niks mee op.”

Van Neck heeft overigens al eens meegelopen op de medische afdeling in Arnhem. “Wat mij onder meer opviel is dat er vragen binnen kwamen waarvan het antwoord heel gemakkelijk op te zoeken was. Rijinstructeurs die belden, konden het antwoord ook gewoon in het vademecum terugvinden.”

Flexibel zijn

Stichting LBKR verwacht een meer flexibele houding van het CBR. “Als een leerling per abuis een ‘ja’ invult, is het heel lastig om dit weer te corrigeren”, merkt Bert de Weerd op, namens LBKR.  “Ik heb het zelf ook meegemaakt met een leerling. Hoewel er niks aan de hand was, moest hij toch nog langs een specialist. Dat kost tijd en geld.” Ook denkt hij dat een uitgebreidere toelichting op de gezondheidsverklaring veel problemen kan voorkomen. “De mensen interpreteren de vragen op de gezondheidsverklaring anders dan het CBR het bedoeld heeft.”

Aangezien het CBR lastig te bereiken is, worden rijschoolhouders vaak benaderd met vragen, ziet De Weerd. “Wij helpen deze mensen. Dat doen we uit liefde voor het vak, maar eigenlijk nemen we hier een taak over van het CBR. Veel problemen waren te voorzien: meer oudere mensen, en gezondheidsverklaringen die niet meer via een rijschool worden ingediend. Ik vraag me af of het CBR wel genoeg geld heeft gekregen om op deze ontwikkelingen in te spelen. ”

Speciaal telefoonnummer

De LBKR zou het in ieder geval een goed idee vinden als er per regio een aanspreekpunt komt voor rijschoolhouders, net als de examenmanager. “Als je een probleem hebt met een examinator, kun je je tot de examenmanager wenden. Dat zijn korte lijntjes en dat werkt erg prettig, ook al maak je daar misschien maar weinig gebruik van. Zo’n contactpersoon zou er ook moeten komen voor de medische afdeling.”

CBR-woordvoerster Nathalie Dingeldein vertelt dat de examenmanager in principe de contactpersoon is voor rijscholen als het gaat om examens en wat daarmee samenhangt. “Rijscholen hebben ook een speciaal telefoonnummer bij de klantenservice. Als het gaat om de medische procedure en vragen over specifieke casussen, dan is het aan de leerling om contact op te nemen met de klantenservice, bij voorkeur momenteel via een contactformulier. Onze collega’s geven derden geen inzage in dossiers van klanten, in verband met privacy.” Dingeldein verwijst ook naar de website van het CBR waar veel informatie te vinden is over rijden met een aandoening.

Vragen aangepast

Het CBR vindt niet dat de vragen verwarrend zijn. “Dat je niet ‘ja’ moet zeggen, als het eigenlijk ‘nee’ is, is hartstikke duidelijk”, aldus Dingeldein. Het CBR heeft vorig jaar de vragen van de gezondheidsverklaring aangepast. De vragen zijn volgens het CBR duidelijker gemaakt, in logischer volgorde geplaatst en ze sluiten beter aan op de kennis die het CBR nodig heeft om te besluiten over de rijgeschiktheid van een kandidaat. Dingeldein verwijst als voorbeeld naar de vragen over ADHD/ADD en het verliezen van bewustzijn.

Eind vorig jaar bleek dat veel mensen onterecht aangeven dat zij ADHD of ADD hebben. Het CBR zag een stijging van 30 procent sinds november 2017, het moment dat bestuurders zelf hun verklaring moeten indienen. Het CBR heeft daarom het advies voor dit onderdeel aangepast.

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 20 Feb 2019 11:14:21 +0000

Uitstoot vrachtwagens moet 30 procent lager in 2030

Er is door vertegenwoordigers van de Europese Unie en het Europees Parlement een akkoord bereikt over het verminderen van de CO2-uitstoot van vrachtwagens en bussen. De uitstoot moet in 2025 met 15 procent omlaag gebracht zijn, in 2030 met 30 procent. Ook moet in 2025 2 procent van de verkochte vrachtwagens geen – of slechts heel weinig – CO2 uitstoten.

De nieuwe wetgeving moet ervoor zorgen dat het voor bedrijven goedkoper wordt om schonere vrachtwagens aan te schaffen. Op dit moment bedraagt de CO2-uitstoot van zware bedrijfsvoertuigen, zoals vrachtwagens, bussen en touringcars, nog zes procent van de totale CO2-uitstoot in Europa.

Een van de voorvechters van de aanscherping van de regels is Europarlementariër Bas Eickhout van GroenLinks. “Ondanks forse tegenwerking van de Duitse regering zetten we een flinke stap om ook de transportsector in Europa een stuk klimaatvriendelijker te maken.”

Moeizame onderhandelingen

De uitstootnorm is na lang onderhandelen tot stand gekomen. Het Europees Parlement stemde in november voor een reductie van 20 procent in 2025 en 35 procent in 2030, vergeleken met 2019. Maar de lidstaten wilden niet zover gaan.

Het waren volgens Eickhout lange en moeizame onderhandelingen, vooral doordat Duitsland steeds op de rem stond. “Ik vind dat onbegrijpelijk, omdat juist duurzame innovatie de kansen geeft om een voorsprong te nemen op andere fabrikanten in de wereld. Toch is het een groot succes dat de Europese Unie voor het eerst actie onderneemt om de CO2-uitstoot door vrachtwagens aan te pakken.”

Lees ook: Strengere uitstootnormen voor vrachtauto’s en bussen

Bron: Verkeerspro
Auteur: Remco Nieuwenbroek
Publicatie datum: Wed, 20 Feb 2019 10:55:26 +0000

Helmplicht snorfietsers: eerst onderzoek naar effecten

Het zal nog minstens een jaar duren voordat een helm verplicht wordt voor snorfietsers. Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat wil eerst een onderzoek doen naar de effecten op de verkeersveiligheid. Ook komt er een overgangsperiode zodat mensen genoeg tijd hebben om een helm te kopen.

In januari heeft de Tweede Kamer een motie van Maurits von Martels (CDA) aangenomen die de regering verzoekt om zo snel mogelijk met een wetsvoorstel te komen waarbij het dragen van een helm verplicht wordt voor snorfietsers. De minister meldt dat een dergelijke wijziging van de RVV 1990 doorgaans negen tot twaalf maanden vergt.

Eind vorig jaar hebben 130 artsen in een brandbrief gepleit voor een helmplicht voor snorfietsers. De snorfiets is gevaarlijk, stellen zij. “Nergens is de snorfiets zo populair als in Nederland, want het is gewoon een brommer die alleen op papier niet zo snel kan. Maar de afgeknepen brommer rijdt wel degelijk snel en is zwaar.”

Van snorfiets naar bromfiets

De verwachting is dat veel snorfietsers als gevolg van de helmplicht hun voertuig zullen laten registreren als brommer. De bewindsvrouw gaat de mogelijke gevolgen van de nieuwe regel laten onderzoeken: “Wat is het effect op verkeersveiligheid? Gaan bestuurders van de snorfiets kiezen voor een andere mobiliteit en, zo ja, welke? Kan er onderbouwd worden waarom een dergelijke verplichting wel geldt voor de snorfiets maar niet voor vervoersmiddelen met een vergelijkbare snelheid? En is deze maatregel ook te handhaven?” Dit onderzoek moet dit najaar zijn afgerond.

Bovag juicht dat onderzoek toe. “Uiteraard is het dragen van een helm veel beter, voor elke verkeersdeelnemer. het is dan ook goed dat er uitgebreid onderzoek plaats gaat vinden naar de effecten hiervan en de implicaties voor wat betreft de eventuele invoering.” Volgens de brancheorganisatie zou het bijvoorbeeld eenvoudiger moeten worden om bestaande snorfietsen om te laten keuren naar bromfiets, op locatie bij een scooterbedrijf.

Helm kopen

Ook vindt de minister dat er een ‘redelijke’ overgangsperiode moet komen om mensen de gelegenheid te geven een geschikte helm te kopen. “Die helmen moeten ook beschikbaar zijn. Momenteel zijn er namelijk ongeveer 700.000 geregistreerde snorfietsen in Nederland. Daarnaast is ook goede voorlichting over deze maatregel van belang.”

Lees ook: 130 artsen pleiten voor helmplicht snorfietsers

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 19 Feb 2019 09:23:17 +0000

Veilige volgafstand? Zing Last night a dj saved my life

De Vlaamse overheid heeft een vrolijke variant geïntroduceerd op de tweesecondenregel. In een nieuwe campagne worden automobilisten geadviseerd om een veilige volgafstand te houden door Last night a dj saved my life te zingen. Deze regel uit de gelijknamige discohit duurt 2 seconden. Verschillende prominente muzikanten hebben voor deze campagne een cover op dit toepasselijke nummer gemaakt.

Uit onderzoek van de VSV, Vlaamse Stichting Verkeerskunde, blijkt dat Vlaamse automobilisten onvoldoende kunnen inschatten wat een veilige volgafstand is. Wel vinden ze het bumperkleven ergerlijk en gevaarlijk. Sinds 4 februari voert de VSV een campagne langs de Vlaamse hoofdwegen met de slogan ‘Veilige volgafstand? Zing Last night a dj saved my life’.

De Belgische dj Regi en zangers Tourist LeMC en Jasper Steverlinck ondersteunen de campagne met hun eigen covers van de discohit. Ook zijn er radiospotjes en gerichte advertenties op sociale media.

Twee of drie seconden

Het principe is eenvoudig, legt VSV uit: neem een herkenningspunt langs de weg, bijvoorbeeld een lantaarnpaal of een brugpijler, en begin te zingen vanaf het moment dat je voorligger dat punt voorbijrijdt. Kom je zelf voorbij het herkenningspunt terwijl je nog aan het zingen bent, dan is de volgafstand te kort.

Zing je de iets langere versie, Last night a dj saved my life from a broken heart, dan kom je uit op drie seconden, de veilige afstand op een nat wegdek.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Mon, 18 Feb 2019 16:00:03 +0000

VVN start verkeerstraining Uberchauffeurs

Veilig Verkeer Nederland is van start gegaan met het trainen van Uberchauffeurs op het gebied van veilige verkeersdeelname. Deze samenwerking kwam tot stand nadat de laatste tijd veel ongelukken plaatsvonden waar Uberchauffeurs bij betrokken waren. Zo’n 550 chauffeurs gaan de training verplicht volgen.

Onlangs vielen in ongeveer een maand tijd bij drie aanrijdingen door Uberchauffeurs vier doden. Bij veel andere ongelukken raakten mensen gewond. Het meest opvallende incident in die categorie was de aanrijding van een 9-jarig meisje door een Uberchauffeur, die enkele minuten daarvoor ook al een aanrijding had veroorzaakt. Hij reed na deze ongevallen in eerste instantie door, maar meldde zich later bij de politie. Deze en veel andere ongelukken, met en zonder gewonden, vonden vooral in Amsterdam plaats.

Minimumleeftijd 21 jaar

Naar aanleiding van de vele verkeersongevallen met Uberchauffeurs nam de taxidienst maatregelen. De minimumleeftijd om via Uber te werken werd verhoogd naar 21 jaar en ook moeten de chauffeurs voortaan minimaal een jaar rijervaring hebben. Kort voordat Uber deze maatregelen bekendmaakte, was Veilig Verkeer Nederland één van de partijen met forse kritiek op de taxidienst. Nu helpt VVN om te zorgen dat de chauffeurs op verantwoordelijke wijze aan het verkeer deelnemen.

“Veilig Verkeer Nederland is gestart met een nieuwe verkeerstraining voor Uberchauffeurs. Deze training wordt door Uber verplicht voor alle chauffeurs onder de 25 jaar. In de training wordt gewerkt aan sociaal weggedrag en aan het versterken van de risico inschatting van de chauffeurs. Uber geeft aan dat zo’n 550 chauffeurs de verplichte training moeten doen. Van chauffeurs die moeten deelnemen maar dat niet tijdig doen, worden de accounts gedeactiveerd.”

‘Hier blijft het niet bij’

Thijs Emondts van Uber is optimistisch over de impact van de training die Veilig Verkeer Nederland heeft opgesteld. “We zijn ervan overtuigd dat dit positief gaat bijdragen aan de verkeersveiligheid in de stad. Risico’s juist inschatten is een essentieel onderdeel van veilige deelname aan het verkeer, vooral in een drukke stad zoals Amsterdam. Maar hier blijft het niet bij: met de gemeente Amsterdam en landelijke overheid kijken we naar verdere maatregelen om veiligheid van onze app en taxi-industrie verder te verbeteren.”

Bron: Verkeerspro
Auteur: Vincent Krabbendam
Publicatie datum: Mon, 11 Feb 2019 11:49:02 +0000

Stadsvervoerder GVB zoekt nieuwe opleider Code 95

Stadsvervoerder GVB is een marktconsultatie gestart voor het verzorgen van de opleiding Code 95 voor de buschauffeurs. De overeenkomst met de huidige opleider loopt af op 31 juli 2020. De nieuwe overeenkomst heeft de duur van minimaal vijf jaar.

GVB verzorgt het openbaar vervoer met tram, bus, metro en veren in en rond Amsterdam. De aanbesteding betreft het opleiden van de buschauffeurs. Met de marktconsultatie kan GVB bij opleiders informatie inwinnen voor een voorgenomen aanbesteding.

Uitgangspunt is dat de opleiding Code 95 bestaat uit vijf trainingen over een periode van vijf jaar met daarin vier klassikale theorielessen en één praktijkles. Daarnaast wordt er per jaar één extra inhaalles of aanvullende les aangeboden. De opleider ontwikkelt opleidingsplannen die specifiek op GVB gericht zijn.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 15 Feb 2019 07:50:51 +0000

Nationale ombudsman: situatie CBR kan zo niet langer

De Nationale ombudsman Reinier van Zutphen roept verkeersminister Cora van Nieuwenhuizen op om snel met een oplossing te komen voor de ‘schrijnende situatie’ bij het CBR rondom de rijbewijsprocedures. Van Zutphen doet ‘een dringende oproep om nu creativiteit en lef te tonen’

“Ik zie een verergering van de soort problematiek en een forse stijging van het aantal klachten over de dienstverlening van het CBR. Dit kan zo niet langer, een ingreep is nodig”. De Nationale ombudsman heeft donderdag een brief aan minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat gestuurd.

‘Nu creativiteit en lef tonen’

In juni 2018 stuurde de Nationale ombudsman een brief aan de directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen waarin hij zijn zorgen uitte over de behandelingstermijnen van de rijbewijsprocedures. Nu, een half jaar later zijn de signalen nog steeds zorgelijk, constateert de ombudsman. “Ik ben mij ervan bewust dat het CBR hard werkt om tot een oplossing te komen. Dat lost echter nog niets op voor al die mensen die op dit moment in de problemen zitten of raken. Daarom doe ik de dringende oproep om nu creativiteit en lef te tonen, en ook met oplossingen voor de korte termijn te komen.”

Klachten verdubbeld

In 2018 zag de Nationale ombudsman de klachten over het CBR verdubbelen ten opzichte van 2017. Met een piek in de laatste periode van 2018 en begin 2019. “Zo ontvingen wij in de eerste maand van 2019 maar liefst 345 klachten over het CBR. Een absoluut dieptepunt. Dit kan zo niet langer”, aldus de ombudsman. “Klachten gaan niet meer alleen over de lange behandelduur van rijbewijsaanvragen waarvoor een gezondheidsverklaring nodig is. Ook de telefonische bereikbaarheid en de administratieve zorgvuldigheid van het CBR staan onder druk. Kortom: de basis is niet op orde.”

De ombudsman noemt een aantal voorbeelden: zo is voor veel mensen de status van hun lopende rijbewijsaanvraag onduidelijk. Sommige mensen staan langer dan een uur in de wacht bij de klantenservice en toezeggingen om terug te bellen worden niet nagekomen. Daarnaast loopt de postkamer eveneens ‘weken achter’ met het verwerken van de post, waardoor aanvragen worden afgewezen wegens het ontbreken van (meermaals) opgestuurde stukken en de procedure weer van voor af aan begint.

‘Het gaat om mensen’

Belangrijker dan de aantallen is dat het hier om mensen gaat, schrijft Van Zutphen. “Mensen die in de problemen komen doordat de dienstverlening van het CBR tekortschiet en rijbewijzen niet tijdig verlengd zijn. Het kan en mag niet zo zijn dat deze mensen de dupe zijn van de problemen die op dit moment binnen het CBR bestaan.” Hij beschrijft enkele situaties als voorbeeld: “De moeder die haar kind niet naar het speciaal onderwijs kan brengen. De man van 75 die zijn vrouw niet kan opzoeken in het bejaardenthuis. De man die nu door weer en wind meer dan 25 kilometer naar zijn werk moet fietsen, omdat er geen openbaar vervoer beschikbaar is.”

De minister is gevraagd binnen vier weken te reageren op de brief.

Hoorzitting

Naar aanleiding van de vele klachten vindt op donderdag 21 februari in de Tweede Kamer een rondetafelgesprek plaats over de lange doorlooptijden bij het CBR. Tijdens de bijeenkomst komen gedupeerden aan het woord. Daarnaast zijn keuringsartsen uitgenodigd om te spreken. Ook Jan Jurgen Huizing, directeur Bedrijfsvoering bij het CBR, en de hoofdarts van het CBR zullen aanschuiven.

Lees ook: Hoorzitting in Tweede Kamer over wachttijden bij CBR

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 14 Feb 2019 13:35:16 +0000

Verkoop motorfietsen bereikt recordhoogte sinds 2009

De verkoop van nieuwe motorfietsen is in 2018 voor het vijfde jaar op rij gestegen en bereikt het hoogste niveau in tien jaar tijd. Afgelopen jaar werden 13.104 nieuwe motoren geregistreerd: 2,9 procent meer dan in 2017. Dat blijkt uit cijfers van RAI Vereniging, BOVAG en RDC, leverancier van automotive gegevens. Opvallend is de stijging van de verkopen onder jongeren van 18 tot 25 jaar. 

De vakhandel verkocht in 2018 bovendien 15,2 procent meer tweedehands motorfietsen, in totaal gaat het om 42.490 stuks. Het totaal aantal motorfietsen in Nederland bedroeg op 1 januari dit jaar 734.610 en dat is ruim 9.500 meer dan een jaar geleden.

Volgens BOVAG en RAI Vereniging zien steeds meer mensen de voordelen van de motorfiets op dagelijkse basis in relatie tot bereikbaarheid en parkeermogelijkheden. “Dat blijkt ook uit de stijgende populariteit van voornamelijk de zwaardere modellen met een cilinderinhoud van meer dan 1.000 kubieke centimeter, waarbij comfort en gebruiksgemak voorop staat”, aldus de organisaties.

Jongeren

Opvallend is de stijging van de verkopen onder jongeren van 18 tot 25 jaar. In 2018 kocht deze groep 17,6 procent meer motorfietsen dan in 2017. Inmiddels is het aandeel van deze groep in de totale groep verkopen tussen 2007-2018 gestegen van 5 naar 9 procent. De grootste verkoopstijging was echter te zien in de leeftijdscategorie van mensen van 55 jaar of ouder. Het aandeel van deze kopersgroep steeg van 11 procent in 2007 tot 25 procent in 2018.

Populaire motorfietsen

BMW registreerde in 2018 met 2.081 stuks de meeste nieuwe motorfietsen in Nederland, goed voor een marktaandeel van 15,9 procent. Nummer 2, Yamaha, verkocht er 2.015 (15,4 procent) en Kawasaki komt op de derde plaats met 1.809 exemplaren (13,1 procent). Gevolgd door KTM (1.288 / 9,8 procent) en Suzuki (1.150 / 8,8 procent).

De markt voor elektrische motoren lijkt ook langzaam los te komen. Van alle 13.104 registraties, waren 185 elektrisch (1,4 procent marktaandeel). In 2017 was het marktaandeel 1 procent marktaandeel en in 2016 0,6 procent. Met de introductie van een aantal nieuwe elektrische modellen in 2019, verwachten RAI Vereniging en BOVAG dat het aantal elektrische motoren ook in 2019 stijgt.

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 14 Feb 2019 08:56:33 +0000

‘Extra gaspedaal in de lesauto had mogelijk zijn leven kunnen redden’

Zo’n negen maanden na het dramatische treinongeluk in Bussum, waarbij rijinstructeur Henk Reinink om het leven kwam, is het onderzoek naar het ongeval afgerond. De politie heeft de uitkomsten gedeeld met de nabestaanden van Reinink. Eén van de conclusies: een tweede gaspedaal had mogelijk zijn redding kunnen zijn.

Rijschoolhouder Brigitte Halberstadt heeft, mede namens de familie, de uitkomsten van het onderzoek dinsdagavond besproken met de collega’s van Henk Reinink. Reinink was lid van Rijscholen Belang Kring 32 (RBK 32), regio Gooi en Almere, die uit zo’n vijftig rijschoolhouders bestaat.

Het ongeval vond plaats op 1 mei 2018. De lesauto kwam stil te staan op de spoorwegovergang aan de Herenstraat, in het centrum van Bussum. De 18-jarige leerling wist de auto net op tijd te verlaten. Voor de 66-jarige Reinink was het te laat. Het ongeval had een grote impact op de rijschoolbranche. Veel rijinstructeurs kwamen naar zijn uitvaart om hem de laatste eer te bewijzen.

Parkeerrem

De lesauto reed met goede snelheid het spoor op, vertelt Halberstadt, die de contacten onderhoudt met de politie. “De motor sloeg af, maar de reden is onbekend. In de tussentijd was de leerling uitgestapt, waardoor de automatische parkeerrem erop ging.” Reinink had geen gaspedaal aan de instructeurszijde. “Hij boog voorover, waarschijnlijk om met zijn hand het gaspedaal in te drukken. Binnen 7 seconden was de trein bij hem.”

“Henk had de tijd om uit zijn auto te vluchten”, concludeert ze. “Als hij een gaspedaal had aan zijn kant, had het mogelijk zijn redding kunnen zijn. En de automatische parkeerrem heeft tegengewerkt.” De politie heeft deze bevindingen bevestigd tegenover RijschoolPro. Een technische oorzaak heeft de politie verder niet kunnen vinden.

(De tekst gaat verder onder de foto)

Spoorwegovergang aan de Herenstraat in Bussum. foto Google street view
Spoorwegovergang aan de Herenstraat in Bussum. foto Google street view

De leden van de vereniging hebben de uitkomsten dinsdagavond met elkaar besproken. “Als instructeurs kunnen we nog bewuster worden van het gevaar, met name van het feit dat er weinig tijd is en dat die tijd verschilt per oversteek. Ook kunnen de nieuwste elektrische veiligheidsfuncties in auto’s voor ons als nadeel werken.”

Gaspedaal

De vereniging is daarnaast van mening dat het tweede gaspedaal verplicht moet worden in de lesauto. “Ook tijdens examens en of rijtesten bij het CBR. Je hebt daarmee altijd een mogelijkheid om deze in nood te gebruiken en weg te kunnen komen. Bovendien is het belangrijk in de praktijkles om goede voorlichting te geven en te oefenen. We willen graag in gesprek gaan met het CBR over het beleid rondom het extra gaspedaal en over de uitkomsten van het onderzoek.”

In maart vorig jaar hield RijschoolPro een poll onder rijinstructeurs over het tweede gaspedaal. Een ruime meerderheid van 78 procent vindt een extra gaspedaal onmisbaar. Het CBR eist echter dat het eventueel aanwezige tweede gaspedaal voor het begin van het examen moet worden verwijderd of opgeklapt. Voor examinatoren is een uniforme positie van de dubbele bediening namelijk belangrijk. Omdat de bediening per lesauto kan verschillen en de examinator dagelijks in verschillende lesauto’s zit, kiest het CBR voor alleen dubbele bediening met rem en koppeling.

Spoorwegovergang

Nog steeds maken de instructeurs zich zorgen om het spoortraject Hilversum, Bussum en Naarden. Halberstadt zegt hierover in gesprek te zijn met spoorbeheerder ProRail. “Recent kwam een andere collega ook stil te vallen op de spoorwegovergang doordat de leerling schrok van de toeters en bellen die afgingen tijdens het oprijden. Hierdoor sloeg de motor af op de overgang, die maar liefst vijf sporen breed is. De instructeur startte onmiddellijk en kon de auto in de achteruitversnelling zetten. Hij durfde niet over te steken: je weet ook niet waar de trein komt. Hij heeft het maar net gered. Dit risico is veel te groot.”

ProRail ziet de overgangen het liefst verdwijnen. De organisatie heeft eerder aangegeven dat in 2050 alle spoorwegovergangen in Nederland moeten zijn vervangen door veiliger alternatieven, zoals tunnels en bruggen. Alle onbewaakte overgangen moeten al binnen drie jaar zijn verdwenen.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 13 Feb 2019 14:57:04 +0000