TNO: uitstoot van auto’s in praktijk veel hoger dan bij keuring

Het verschil tussen het praktijkverbruik van personenauto’s en de score die automodellen neerzetten bij de typekeuringstest blijft opvallend groot. Dat blijkt uit onderzoek van TNO. Een analyse van tankpasgegevens van Travelcard Nederland laat zien dat het verschil tussen de praktijk en de typekeuringswaarden 41 procent is. Voor voertuigen die in 2016 op kenteken zijn gezet, bedraagt het verschil zelfs 46 procent.

Volgens de onderzoekers ontstaan de grote verschillen onder meer doordat het praktijkverbruik van auto’s sterk afhangt van de inzet van het voertuig. Daarbij spelen de belading, het soort rit en het rijgedrag van de bestuurder een grote rol. Ook wisselende weers- en verkeersomstandigheden hebben grote invloed op het uiteindelijke verbruik.

De omstandigheden tijdens de typekeuringstest op de rollenbank in het lab zijn niet exact gelijk aan de gemiddelde dagelijkse praktijk, en ook omgevingscondities verschillen. Bovendien wordt bij het testen van de auto’s op de rollenbank het energiegebruik voor bijvoorbeeld verlichting en airconditioning niet meegenomen. Dit zorgt ervoor dat in de praktijk het brandstofverbruik en de daaraan gekoppelde CO2-emissies hoger zijn dan bij de typekeuringstest.

Verbruiksreducerende technieken

Dat er een verschil is tussen de resultaten van de testen in het laboratorium en de praktijk wordt met name veroorzaakt door de inzet van verschillende verbruiksreducerende technieken, zoals stop-startsystemen, die bij de typekeuringstest meer voordeel opleveren dan in de praktijk. Verder meldt het rapport dat er zogenoemde flexibiliteiten in de testprocedure zitten. Door gebruik te maken van marges en onduidelijkheden in de voorgeschreven procedure en testcondities is het daardoor mogelijk om zonder technische aanpassingen aan het voertuig het gemeten verbruik op de test te verlagen.

Bij plug-in-hybride elektrische voertuigen die zowel op brandstof rijden als op elektriciteit, is het verschil tussen praktijk en rollenbank nog groter, gemiddeld 90 gram per kilometer. Dit wordt vooral veroorzaakt doordat veel gebruikers de batterij van hun voertuig niet regelmatig opladen.

Trends in praktijkverbruik

In het rapport zijn de tankpasdata van Travelcard geanalyseerd over de periode 2004 tot en met april 2017 voor in totaal 443.000 voertuigen. Onder deze groep is een spreiding in jaarkilometrages. Niet alleen de resultaten van zakelijke rijders die veel kilometers maken, maar ook een grote groep rijders die minder rijdt is meegenomen in het onderzoek.

Lees ook: Overstappen op andere lesauto? ‘Wacht niet te lang’

Bron: Verkeerspro
Auteur: Remco Nieuwenbroek
Publicatie datum: Thu, 26 Jul 2018 06:26:41 +0000

Kaartje: hier moeten snorfietsers de rijbaan op in Amsterdam

De gemeente Amsterdam heeft een kaart gepubliceerd waarop precies te zien is waar snorfietsers straks de rijbaan op moeten. Het gaat om de meeste wegen binnen de ring A10. Ook is een helm dragen daar verplicht voor de snorfietsers. De maatregel gaat naar verwachting begin 2019 in. 

Sinds 1 juli 2018 is het voor gemeenten mogelijk om snorfietser op de rijbaan te laten rijden. Amsterdam wil dat nu zo snel mogelijk invoeren. Wel zijn er nog wat aanpassingen nodig, zoals het plaatsen van borden, wegmarkeringen en het maken van ‘doorsteekjes’ van fietspaden naar de rijbaan. De gemeente verwacht dat begin 2019 alles klaar is.

Helm dragen

Het aantal snorfietsers in Amsterdam is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Het aantal snorfietsongevallen is groot. Doordat snorfietsers zonder helm deelnemen aan het verkeer, hebben de ongevallen voor hen vaak ernstige gevolgen. Daarom moeten snorfietsers, net als bromfietsers, een helm dragen op de rijbaan.

De gemeente heeft een (voorlopige) kaart gepubliceerd waarop precies te zien is waar de snorfietser de rijbaan op moet. Er wordt nog gewerkt aan een gedetailleerde kaart. In december volgt ook een consumentencampagne over de maatregel.

Handhaving

Nadat de regeling in Amsterdam ingaat, worden snorfietsers eerst twee maanden geïnformeerd bij ‘verkeerd’ gedrag, daarna volgen twee maanden van waarschuwingen, meldt brancheorganisatie Bovag. Vier maanden na de invoering kunnen snorfietsers daadwerkelijk een bekeuring krijgen als ze met hun snorfiets op het fietspad rijden of geen helm dragen. Hoe de handhaving er precies uitziet, wordt later bekendgemaakt.

Er is nog een bezwaar- en beroepstermijn voor belanghebbenden. Bovag gaat in elk geval nog een keer bezwaar aantekenen en biedt hulp aan voor degene die dat ook wil doen.

Ombouwregeling

Vorig jaar heeft Bovag meerdere keren met de gemeente gesproken over een ombouwregeling van snorfiets naar een bromfiets, laat de organisatie weten: “De gemeente wilde de keuring betalen en met de RDW regelen dat er één of twee keuringslocaties in Amsterdam zouden komen. Ook zouden ze scooterdealers aanwijzen, om de ombouw uit te voeren. Deze hele regeling gaat niet door! De huidige gemeenteraad heeft dit voornemen ingetrokken.”

In plaats daarvan stimuleert de gemeente Amsterdam mensen om over te stappen naar een schoner alternatief. Er komt een subsidie van ongeveer 700.000 euro beschikbaar. Deze details volgen ook in september.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 25 Jul 2018 07:59:15 +0000

Nieuwe voorzitter voor Raad van Toezicht CBR

De Raad van Toezicht van het CBR krijgt per 1 augustus een nieuwe voorzitter. Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat heeft Jan Mengelers benoemd. Petra Delsing is blij met de benoeming. 

Jan Mengelers is sinds 2014 voorzitter van het College van Bestuur van de TU Eindhoven en heeft een veel ervaring op het terrein van wetenschap, bestuur, technologie en innovatie. Mengelers bekleedt verschillende nevenfuncties op deze terreinen en was van 2008 tot 2013 voorzitter van de Raad van Bestuur van TNO. Jan Mengelers volgt Gerlach Cherfontaine op die op 1 mei jl. afscheid nam als voorzitter.

‘Zeer verheugd’

Petra Delsing, algemeen directeur CBR is ‘zeer verheugd’ met deze benoeming: “We staan voor grote technologische en maatschappelijke veranderingen op ons werkterrein, de mobiliteit. Jan Mengelers heeft als voorzitter bij uitstek een grote toegevoegde waarde bij het realiseren van onze strategische koers. Het CBR ziet daarom uit naar de samenwerking.”

De beroepsgroep LBKR heeft al gereageerd op de benoeming: “Er gaat veel goed bij het CBR. Ik hoop op verbeterd toezicht op de wachttijden praktijkexamen en met name ook van de medische procedure”, aldus Bert de Weerd namens de belangengroep.

Lees ook: René Verstraeten stopt als financieel directeur bij CBR

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 24 Jul 2018 10:52:47 +0000

Aantal caravans en campers in Nederland hoger dan ooit

Nederland telt voor het eerst meer dan 550.000 caravans en campers. Dat blijkt uit cijfers van brancheorganisaties BOVAG en Kampeer en Caravan Industrie (KCI). Begin deze maand stond de teller op 437.442 caravans en 115.359 kampeerauto’s.

De verkoop van nieuwe campers steeg dit jaar tot en met juni met 16,1 procent ten opzichte van het eerste halfjaar van 2017, tot 1.461 exemplaren. De caravanverkoop bleef stabiel in vergelijking met het voorgaande jaar, op 4.426 stuks, oftewel tachtig minder (1,8 procent).

“Qua aantal caravans per hoofd van de bevolking zijn we samen met Zweden de Europese koploper en waarschijnlijk zelfs van de wereld. Het aantal kampeerauto’s in Nederland is de afgelopen tien jaar verdubbeld en ook vouwwagens zijn weer helemaal terug van weggeweest. We zijn en blijven een op-en-top kampeerland”, vertelt Siewert Gorter, voorzitter van BOVAG Caravan- en Camperbedrijven. Nog niet eerder hadden de Nederlanders zoveel kampeermiddelen in bezit, aldus Hans Louwers, secretaris van de Kampeer & Caravan Industrie (KCI). “En dan tellen we nog enkel de gekentekende caravans en campers.”

Rijvaardigheidstrainingen

Een groep rijscholen is vorig jaar gestart met het geven van rijvaardigheidstrainingen voor camperaars. De training is opgezet door BOVAG in samenwerking met de Nederlandse Kampeerauto Club (NKC), een platform voor camperaars. Aanleiding is de flinke groei van het aantal campers in Nederland, in combinatie met de verkeersveiligheid, vertelde René Smit van NKC eerder. Het rijden in een camper vraagt om andere vaardigheden van de eigenaar dan het besturen van een auto. Bovendien zijn de meeste bestuurders ouder dan 60.

Lees ook: Nieuwe categorie C1-rijbewijs vooral voor camperbestuurders

Bron: Verkeerspro
Auteur: Remco Nieuwenbroek
Publicatie datum: Mon, 23 Jul 2018 10:54:52 +0000

‘Help, we verliezen onze toppers in de rijschoolbranche’

Hoe houd je je goede rijinstructeurs binnenboord? Veel ondernemers kunnen vanwege de kleine marges hun medewerkers niet het loon bieden dat ze verdienen. Bij de verkeersschool van Ruud Rutten in Venlo deed zich vrijdag een situatie voor die typerend is voor deze ontwikkeling. De voorzitter van branchevereniging FAM schrijft erover in een ingezonden stuk.

“Ik moet het even kwijt. Vrijdagmorgen 9.30 uur. Iedereen is in vakantiesfeer en het weer ook 25 graden in de vroege ochtend. Gezellig zitten wij wat te keuvelen op kantoor met enkele medewerkers. Zowel instructeurs als administratiemedewerkers. Ik leg hun uit waar we als brancheorganisaties samen met het CBR naartoe willen in de toekomst.

Hopelijk krijgen we de steun uit Den Haag om een mooie stap te maken in de toekomst van de rijinstructeur. Ik lees de hoop in de ogen van enkelen die al vele jaren bij ons in dienst zijn. Hoop, maar eerlijk is eerlijk, ik zie ze denken: Ruud, dit horen we al jaren. Gaan wij het nog mee maken.

Het gaat erom hoe je het oplost, jongedame. En niet van schrik zonder te kijken van rijstrook wisselen en andere weggebruikers in de problemen brengen.

De winkeldeur gaat open. Er komt een kandidaat binnen. Gisteren gezakt voor haar rijexamen. De betreffende instructeur loopt naar haar toe en vraagt of ze al enigszins over de teleurstelling heen is. Het antwoord is kort maar krachtig: ‘Nee’. En: ‘Ik wil volgende week weer op examen’. Ik leun even achterover en ben benieuwd hoe dit wordt opgepakt. De medewerkster van kantoor legt netjes uit wat de spelregels zijn bij het reserveren van een herexamen en adviseert de jonge dame even rustig te blijven en met haar instructeur een goed plan te maken naar haar herexamen. Uiteraard gaat ze nog op vakantie en de betreffende instructeur ook.

Ze is en blijft ervan overtuigd dat ze super gereden heeft, veel ervaring heeft met haar Armeens rijbewijs en nu komt het: het was de examinator. De examinator had constant rustige buitenaf straatjes gereden tot het moment dat hij het genoeg vond en de tijd was aangebroken om haar te laten zakken en door het moordend drukke centrum van Venlo terug te rijden naar de oproepplaats.

We kennen het. Verkeerde rijstrook. Maakt niet uit: het gaat erom hoe je het oplost, jongedame. En niet van schrik zonder te kijken van rijstrook wisselen en enkele andere weggebruikers in de problemen brengen. Uiteraard was dit niet waar. ‘Ik heb gekeken, ik rij immers al jaren. Ik ben er ingeluisd.’ De instructeur blijft rustig en probeert samen met de medewerkster en inmiddels een vrouwelijke collega duidelijk te maken wat er mis ging en hoe het beter kan. Geen gehoor.

Dit is het moment dat ik het niet meer hou. Ik sta op loop er naar toe en vraag de jonge dame even naar mij te luisteren. Ik leg haar uit dat ook ik het erg jammer vind dat ze gezakt is. Maar voor de rest moet ik haar toch echt vertellen dat onze instructeurs hun stinkende best doen met iedere kandidaat. Dat ik echt nog nooit meegemaakt heb dat een examinator van het CBR iemand bewust laat zakken. En ja, in het hedendaagse verkeer is het soms druk en soms minder druk.

Ik leef met hen mee en realiseer me dat dit de reden is waarom ik de laatste jaren al enkele toppers ben kwijtgeraakt.

Ik heb nog een nieuwtje voor haar. Als ze voor reden vatbaar wordt en met haar instructeur een goed plan maakt en dit ook opvolgt en ze slaagt de tweede keer, krijgt ze een rijbewijs waarmee ze ook buiten Venlo mag rijden. En geloof mij. In Amsterdam, Rotterdam en Den Haag, daar is het pas druk.

Ze begint te huilen. Gaat met haar echtgenote overleggen en druipt af. Mijn medewerkers druipen af naar de koffieautomaat om dit voorval gezamenlijk te verwerken en weer verder te gaan met hun volgende kandidaat. Ik probeer iedereen nog een hart onder de riem te steken. Leef met hun mee en realiseer me dat dit de reden is waarom ik de laatste jaren al enkele toppers ben kwijtgeraakt.

Toppers die de branche volledig hebben verlaten. Niet naar de concurrent zijn gelopen maar elders een nieuwe carrière hebben opgebouwd. Omdat inspanning en beloning totaal niet in verhouding staan. Ik krijg er zelfs begrip voor. Ik denk: Ruud dit moet echt anders, dit verdient een hardwerkende instructeur niet. Maar dit verdient deze branche ook niet. Gelukkig gebeurt dit niet dagelijks, maar het doet wel pijn en doet onze branche tekort.”

Ruud Rutten

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Sat, 21 Jul 2018 11:56:49 +0000

Rijden na slapeloze nacht vergelijkbaar met rijden onder invloed

Eén slapeloze nacht heeft hetzelfde effect als rijden onder invloed van 0.9 tot 1.0 promille alcohol. Dat is twee keer de wettelijke limiet voor ervaren bestuurders en ruim vijf keer de wettelijke limiet voor beginnende bestuurders. Hiervoor waarschuwt Veilig Verkeer Nederland (VVN). Ook maken we vaak de fout door bij vermoeidheid een raampje te openen of de radio harder zetten: niet doen, zegt de organisatie.

Vermoeide bestuurders rijden minder accuraat. Ze reageren trager op prikkels en hebben meer moeite met behouden van de koers, meldt VVN. Ook maken slaperige bestuurders minder gebruik van de spiegels. Hierdoor ontstaat een gebrek aan overzicht. Vermoeide bestuurders hebben dan ook 3 tot 8 meer kans op een verkeersongeval met letsel. VVN waarschuwt daarom vakantiegangers die met de auto vertrekken voor een lange reis.

Ongevallen

Vermoeidheidsongevallen zijn niet alleen een kwestie van te lang achtereen doorrijden: ook slecht of te kort slapen, stress, of tijd van de dag kunnen vermoeidheid veroorzaken. Uit een studie blijkt dat vermoeide mensen minder goed koers kunnen houden, vaker bijna of helemaal de zijlijn overschrijden en dat de stuurcorrecties abrupter en groter zijn. De meeste vermoeidheidsongevallen vinden plaats op auto(snel)wegen, in de late avond en vroege ochtend. De consequenties zijn meestal zeer ernstig: er wordt niet of te laat geremd, waardoor de botssnelheid hoog ligt.

Volgens een schatting, gebaseerd op buitenlandse studies, is in 10 tot 15 procent van de ernstige verkeersongevallen sprake van vermoeidheid. Ongeveer de helft van de bestuurders geeft aan weleens zeer vermoeid achter het stuur te hebben gezeten of bijna in slaap te zijn gevallen.

Powernap

“Als het aankomt op het voorkomen van vermoeidheid tijdens het rijden wordt vaak dezelfde fout gemaakt”, vertelt VVN-directeur (a.i.) Alphons Knuppel. “We kiezen sneller voor het onderdrukken van de symptomen, dan het bestrijden van de oorzaak. We zetten een raampje open voor frisse lucht, draaien de radio harder of vinden ons heil bij koffie en energiedrankjes” De enige werkende optie is om de auto aan de kant te zetten voor een korte slaappauze. “Dat kost hooguit een kwartier, de optimale lengte voor een powernap. Bij langer slapen kom je in een diepere slaap terecht waardoor je juist moe en duf wakker wordt. Wil je toch door blijven rijden, maak de reis dan met meerdere bestuurders. Dan kun je elkaar afwisselen.”

Lees ook: 6 tips voor leerling en instructeur: wat te doen bij zwaailicht en sirene?

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 20 Jul 2018 06:35:11 +0000

Examen móet doorgaan, of de rijschool het daarmee eens is of niet

Het was vorige week volop in het nieuws: rijscholen sturen kandidaten veel te vroeg op examen, waardoor er gevaarlijke situaties ontstaan en de examinator de rit moet afbreken. Bij Rijschool Westeraam in Elst was die week juist het tegenovergestelde aan de hand. Medewerkers werden ernstig onder druk gezet door ouders van een kandidaat om zijn praktijkexamen door te laten gaan, terwijl hij er volgens de rijschool nog lang niet klaar voor was. De eigenaresse van de rijschool, Harriet Jansen, doet haar verhaal.

Bij Rijschool Westeraam mogen kandidaten alleen op examen mag gaan als zij er klaar voor zijn, verzekert Jansen. “Bij het aanvragen gaan we er vanuit dat de leerling iedere week blijft lessen. Door omstandigheden kan het soms voorkomen dat de toets of het examen bij nader inzien toch te vroeg komt voor de leerling. We verschuiven dan het examen of we adviseren om extra lessen te nemen. De meeste leerlingen en ouders zijn het daarmee eens en volgen gelukkig ook ons advies op.”

Onverantwoordelijk

Vorige week heeft de rijschool noodgedwongen een praktijkexamen van een kandidaat niet door laten gaan. “Alle instructeurs die hem les hebben gegeven waren het erover eens waren dat hij niet op examenniveau zat en dat afrijden onverantwoordelijk zou zijn. Veiligheid staat bij ons voorop. 
Hij had anderhalve maand niet gelest en totaal 26 uur in de auto gezeten bij twee verschillende rijscholen. Een enkele ouder denkt dat wij extra lessen laten afnemen om zo onze verdiensten op te schroeven, maar dit is bij ons zeker niet het geval, omdat we wachtlijsten hebben van twee tot drie maanden.”

De ouders van de leerling waren het niet eens met deze beslissing. “Ze hebben ons telefonisch, via Whatsapp en via sociale media onder druk gezet en ze hebben zelfs gedreigd met juridische stappen om het praktijkexamen af te dwingen. Ook hebben ze contact opgenomen met de VRB, waarbij wij zijn aangesloten.” De ouders sommeerden de rijschool op het ingeplande examenmoment een lesauto klaar te hebben staan. “Deden we dat niet, dan zouden ze ons aansprakelijk stellen voor alle daaruit voortvloeiende kosten. Ze gaven aan dat het praktijkexamen een momentopname was en dat ze hun zoon liever zouden laten zakken en een ervaring rijker laten zijn dan het examen te verplaatsen.”

We kunnen een leerling die de veiligheid van zichzelf en andere weggebruikers in gevaar brengt niet op examen laten gaan

Meerijden

De rijschool stelde de moeder voor eens mee te rijden tijdens een les, om haar zelf het niveau van haar zoon te laten zien en nadien samen te beslissen over het vervolgtraject. Op dit verzoek is ze niet ingegaan. Inmiddels kon het examen niet meer kosteloos worden verschoven. Om de leerling toch nog tegemoet te komen heeft de rijschool de kosten van het afgelaste examen op zich genomen. “Het geld van het praktijkexamen is volledig teruggestort naar de leerling. De kosten van het ingekochte examen, 102 euro, hebben wij ook volledig voor eigen rekening genomen.”

De kwestie liep vervolgens zo hoog op dat de ouders onder foto’s van geslaagde kandidaten op de Facebookpagina negatieve berichten over de rijschool plaatsten. “Het hele gebeuren heeft ons veel stress en energie gekost. Sommigen adviseerden ons: laat hem toch opgaan, dan ben je van het gezeur af. Maar dit is tegen onze principes, dus we werkten hier niet aan mee. We kunnen een leerling die de veiligheid van zichzelf en andere weggebruikers in gevaar brengt niet op examen laten gaan. Dit willen we niet op ons geweten hebben.”

Advies

In de algemene voorwaarden heeft Rijschool Westeraam duidelijk staan dat de instructeur bepaalt wanneer het examen of de tussentijdse toets plaatsvindt. Westeraam is aangesloten bij Stichting Rijschool Belang (SRB), maar ook deze stichting kan niet meer doen dan bemiddelen tussen kandidaat en rijschool. De rijschool had met name baat bij de hulp vanuit branchevereniging VRB. Het advies: niet toegeven aan de dreigementen.

Als jij als ervaren rijinstructeur van mening bent dat de kandidaat er niet klaar voor is, niet overstag gaan.

“Jij bepaalt als rijschool wat er gebeurt, je moet alle de regie over je rijschool hebben”, zegt Irma Brauers namens de VRB. “Een collega schreef in een ander vakblad de treffende woorden: ik discrimineer niet, maar iedereen die bij mij les neemt, houdt zich aan mijn regels. Sta achter je principes, streef kwaliteit na en als dat de leerling niet bevalt moet je afscheid nemen van elkaar. Als jij als ervaren rijinstructeur van mening bent dat de kandidaat er niet klaar voor is, niet overstag gaan. En als je een kandidaat van een andere rijschool overneemt, schroom dan niet om contact op te nemen met die rijschool.”

‘Geen kanskaart in casino’

Rijscholen zouden ouders die blijven aandringen moeten verplichten mee te rijden om te zien wat er in de leswagen gebeurt. “En het bekende verhaal: ik heb zelf mijn rijbewijs in 20 lessen gehaald, naar het rijk der fabelen verwijzen”, aldus Brauers.

Dat het CBR stelde dat slecht voorbereide kandidaten langer moeten wachten om herexamen te doen, is een goede zaak, stelt ze. “En je moet leerlingen ook hiervan in kennis stellen dat dit de consequentie kan zijn of een onvoldoende voorbereid op examen gaan. Juist rijscholen die goed werk leveren zal niet de zwartepiet toegespeeld worden. Dit treft alleen de rijscholen die met minder goede bedoelingen kandidaten aanbieden. Het rijexamen is geen kanskaart in het casino, dat is de plaats om een gokje te wagen niet de openbare weg.”

Lees ook: CBR wordt strenger: examens vaker afgebroken bij gevaar

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 19 Jul 2018 10:28:22 +0000

CBR past Rijschoolzoeker aan op nieuwe website

De Rijschoolzoeker, onderdeel van de nieuwe website van het CBR, wordt op een aantal punten aangepast. Zo wordt het slagingspercentage toegevoegd aan het resultaat wanneer bezoekers zoeken op naam van een rijschool. Wat voorlopig niét wordt aangepast is de lange lijst met rijscholen die verschijnt bij de zoekresultaten. Veel rijscholen in die lijst komen niet uit de regio waarop oorspronkelijk gezocht is, wat tot veel commentaar heeft geleid binnen de branche. 

De Rijschoolzoeker is de nieuwe versie van de website www.rijschoolgegevens.nl, wat nu ondergebracht is bij CBR.nl. De nieuwe zoekmachine stuitte op veel kritiek uit de branche. Ook de brancheorganisaties kregen vanuit hun leden klachten over de pagina. Veel pijnpunten zijn er al uitgehaald, laat voorzitter Eric Bakker van de VRB weten. Alle resterende opmerkingen worden nu verzameld. “Bij het eerstvolgende branchevoorzittersoverleg zullen we dan gezamenlijk alle voors en tegens bespreken en vervolgens met een passende oplossing komen.”

Zoekresultaten

Bij een zoekopdracht wordt een straal van 25 kilometer gehanteerd. Ook worden rijscholen buiten die straal van 25 kilometer getoond als ze examenresultaten hebben gehad binnen de straal van 25 kilometer. “Dat levert in druk bevolkte gebieden veel hits op met rijscholen uit plaatsen waarvoor je op het eerste oog niet zo gauw zult kiezen”, laat het CBR weten. “Je kunt de straal echter altijd verkleinen door in te zoomen op de kaart. Dan krijg je een overzichtelijke lijst met rijscholen en hun aantal examens en slagingspercentage.”

Volgens het CBR doen jongere gebruikers dit laatste al automatisch. Daarom is de organisatie niet van plan dit punt direct aan te passen. “We willen eerst in overleg met de branche bekijken of bijvoorbeeld de straal van 25 kilometer minder moet worden.”

Gegevens rijschool aanpassen

Het CBR heeft in een bericht op ‘TOP’ enkele aanpassingen aangekondigd. Zo was het voor opleiders op het oude www.rijschoolgegevens.nl mogelijk om zelf hun gegevens aan te passen, waaronder telefoonnummer en e-mailadres. Dat kan in de nieuwe Rijschoolzoeker niet. Hiervoor kunnen ze nu een digitaal formulier gebruiken. De verwerking van de gegevens kan enkele dagen duren.

Op termijn komt er een koppeling tussen het examenreserveringssysteem TOP-internet en de Rijschoolzoeker. De gegevens die rijscholen moeten invullen of aanpassen voor TOP-internet worden dan automatisch overgenomen in de Rijschoolzoeker.

Slagingspercentage

Op de Rijschoolzoeker kan de bezoeker ook een rijschool op naam zoeken. In dat geval krijgt hij alle gegevens van de rijschool te zien, maar zonder slagingspercentages. “Dit komt omdat rijscholen meerdere praktijkopleidingen (examencategorieën) kunnen hebben. We willen gaan toevoegen dat je via deze route, door te kiezen voor een voertuig, ook de slagingspercentages in beeld krijgt. Dat is echter veel werk, dus deze mogelijkheid zal er nog niet zo snel zijn.”

Onder het kopje ‘Filteren’ kunnen consumenten met schuifjes de resultaten afstemmen op slagingspercentage of aantal examens. Omdat er landelijke rijscholen zijn met meer dan 5.000 examens, loopt dit schuifje vaak van 0 tot bijvoorbeeld 5639. Dat maakt het onoverzichtelijk. “Als je bijvoorbeeld het linker schuifje iets verplaatst, spring je zo van 0 naar 200. Dit willen we gaan aanpassen, bijvoorbeeld door het maximumaantal te veranderen in > 500.”

Positief

De vernieuwde website www.cbr.nl wordt verder overigens goed ontvangen, meldt het exameninstituut. “De overzichtelijkheid en duidelijkheid oogsten lof, zowel intern als extern. Tijdens een vooronderzoek onder jongeren werd de geschiktheid voor smartphones al zeer gewaardeerd.”

Voor de vernieuwde site zijn honderden nieuwe tekstpagina’s geschreven en duizenden links aangepast. “Zo’n gigantische operatie levert altijd verbeterwerk op. Zo kloppen niet alle links. Daarom zijn we erg blij met de tips die we in de afgelopen week hebben ontvangen vanuit onder meer de rijschoolbranche. We werken hard door om die punten te verwerken.”

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 19 Jul 2018 09:13:42 +0000

Onderzoekers prijzen effectiviteit T-rijbewijs

Het T-rijbewijs is een succes. Niet alleen qua invoering; ook het resultaat is positief. Dat blijkt uit een onderzoek naar het tractorexamen dat is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. “Het examen T-rijbewijs functioneert naar behoren en de bestaande opleiders slagen er in om kandidaten op het examen voor te bereiden.”

Onderzoeksbureau Royal HaskoningDHV concludeert dat de invoering succesvol is verlopen vanwege de grondige voorbereiding. “De gekozen aanpak en daaruit volgende samenwerking is door de betrokken erg gewaardeerd.” Het T- rijbewijs is in het veld over het algemeen positief ontvangen. Ook wat betreft de uitvoering in de eerste twee jaar zijn de ervaringen grotendeels positief. “Het examen T-rijbewijs functioneert naar behoren en de bestaande opleiders slagen er in om kandidaten op het examen voor te bereiden.”

Als aandachtspunt wordt in het rapport de de toenemende reserveringstijd voor het praktijkexamen genoemd. Verder is  onrust ontstaan onder belangenorganisaties voor lichtere voertuigen (oldtimer trekkers, kleine MMBS), die concluderen dat de exameneisen te zwaar zijn voor de betreffende voertuigtypen.

Effect verkeersveiligheid

De onderzoekers verwachten dat de verkeersveiligheid toeneemt. Dat heeft (uiteraard) enerzijds te maken met een verbetering van de rijbekwaamheid van bestuurders. “Relevante competenties voor verkeersveilig rijgedrag worden met het examen T-rijbewijs getoetst en dit gebeurt beter dan dat voorheen met het examen trekkercertificaat mogelijk was. Er ligt een belangrijk accent op het rijden op de openbare weg. Daarmee ligt de nadruk niet alleen op de technische beheersing van het voertuig, maar vooral op de verkeersdeelneming.”

“Verder krijgen de bestuurders een gedegen rijopleiding door gecertificeerde instructeurs. Het examen volgt de standaardprocedures van het CBR en de uitvoering van het examen verloopt naar tevredenheid. Al met al is het gewenste gevolg dat de nieuwe bestuurders beter zijn voorbereid op veilige verkeersdeelneming dan voor invoering van het T-rijbewijs.”

Serieus

Anderzijds is de geloofwaardigheid van het T-rijbewijs als volwaardige rijbewijscategorie groot. “Dit komt onder andere doordat verzekeringsmaatschappijen op de invoering hebben gereageerd hebben het T- rijbewijs als voorwaarde te stellen voor schadevergoeding. Hierdoor hebben vooral (loon)bedrijven de noodzaak tot het behalen van het rijbewijs door hun medewerkers ingezien. Dat de politie nu kan handhaven op het rijbewijs versterkt dat effect, ondanks dat het in de praktijk niet vaak gebeurt. In tegenstelling tot het trekkercertificaat wordt de rijbewijsverplichting in het veld serieus genomen.”

Een derde effect van het T-rijbewijs is een groter bewustzijn van de risico’s van rijden met (land)bouwvoertuigen en MMBS, zegt Royal HaskoningDHV. Voor en tijdens de invoering is er veel aandacht voor het T-rijbewijs geweest. Ook is er door de grondige aanpak van de invoering met goede communicatie en samenwerking veel draagvlak ontstaan. De meeste brancheorganisaties steunen de invoering en hebben dit naar hun achterban gecommuniceerd. De aandacht voor verkeersveiligheid in combinatie met de steun van belangrijke spelers heeft tot gevolg dat de mind-set van mensen in het veld langzaam maar zeker verandert. Dat beïnvloedt ook de (toekomstige) bestuurders van (land)bouwvoertuigen en MMBS.”

Hogere-ordevaardigheden

Wel worden in het rapport meerdere aanbevelingen gedaan. Zo zou er in het theorie- en praktijkexamen meer aandacht mogen komen voor de hogere-ordevaardigheden. “Goede hogere-ordevaardigheden zijn belangrijke indicatoren van verkeersveilig rijgedrag. Recente onderzoeken wijzen uit dat aandacht voor gevaarherkenning, situatiebewustzijn, anticiperend rijden en zelfevaluatie essentiële vaardigheden zijn. In het examen T- rijbewijs komen die vaardigheden ten dele aan de orde, bijvoorbeeld in de vorm van de situatiebevraging en het zelfreflectieformulier.” De onderzoekers bevelen aan onderzoek te doen naar hoe onder meer zelfreflectie en training van gevaarherkenning in de opleiding meer aandacht kan krijgen.

Verder zien ze kansen voor educatie na het behalen van het T-rijbewijs. “De rijbewijsplicht kan niet voorkomen dat bestuurders ervoor kiezen na behalen van het examen onnodig risico’s te nemen op de weg. Hier kan voortgezette verkeerseducatie een rol spelen. Met behulp van programma’s specifiek gericht op de doelgroep die vaker onnodige risico’s nemen (jongeren tussen de 16 en 24 jaar) kan er invloed worden uitgeoefend op de risicoacceptatie van bestuurders en hun motivatie om veilig te rijden. Deze doelgroep is goed te bereiken via bijvoorbeeld AOC’s, loonbedrijven en rijopleiders.”

‘T-rijbewijs light’

Om het de bestuurders van kleinere en lichtere voertuigtypen tegemoet te komen, zou een T-Rijbewijs ‘light’ een optie kunnen zijn. “De variatie in voertuigen waarvoor het T-rijbewijs geldt, groot. Het examen is wat betreft moeilijkheidsgraad afgestemd op de bovenkant van de voertuiggroep. Vanuit verkeersveiligheidsoogpunt is de keuze om voor alle (land)bouwvoertuigen en MMBS de T-rijbewijsplicht te laten gelden, het beste. Belangenverenigingen van kleinere en lichtere voertuigtypen pleiten echter voor een splitsing van de doelgroep voor het T-rijbewijs. We bevelen aan om onderzoek te doen naar de haalbaarheid om voor lichtere voertuigen een aparte categorie T-light in te voeren.”

Kenteken

Tot slot noemt het rapport = de invoering het kenteken en een snelheidsverhoging ‘het sluitstuk’  op de ontwikkelingen die met invoering van het T-rijbewijs gestart zijn. “Wat betreft handhaving kan invoering van deze wetgeving een aanleiding zijn om de handhaving op landbouwverkeer te intensiveren. Landbouwvoertuigen kunnen dan door de politie meegenomen worden in reguliere snelheidscontroles en ook periodieke keuringen behoren tot de mogelijkheid. Daarmee wordt de (subjectieve) pakkans groter met als gevolg minder ongewenst gedrag.”

 Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 13 Jul 2018 07:10:48 +0000

De vijf meest voorkomende fouten met een airco in de auto

Met de bijna tropische temperaturen van de afgelopen weken zetten rijschoolhouders volop de airconditioning aan. Ondanks de slimme technologie achter de aircosystemen van nu wordt hun capaciteit veelal nog niet optimaal benut. Vaak zijn het vooral de gebruikers die er voor zorgen dat de airconditioning onvoldoende werkt. Seat maakte een opsomming van de vijf meest voorkomende fouten en geeft enkele tips om de lesauto koel te houden.

De effecten van hitte tijdens het rijden in de zomer moeten niet onderschat worden, meldt Seat. Een bestuurder reageert 20 procent trager bij een binnentemperatuur van 35° C ten opzichte van een temperatuur die tien graden lager ligt. Het effect is volgens het automerk vergelijkbaar met het rijden met een alcoholpromillage van ongeveer 0,5 procent. Om deze reden is het belangrijk om het passagierscompartiment koel en goed geventileerd te houden. De vijf meest gemaakte fouten:

1 Niet ventileren

De airco aanzetten zodra je in de auto stapt: in de zomer kan het interieur van een auto die in de zon staat geparkeerd zestig graden Celsius bereiken. Die temperatuur is met een goede airco in ongeveer een half uur tijd terug te brengen naar 25 graden, maar dan moet je wel een paar eenvoudige richtlijnen volgen. Een van de meest voorkomende fouten is de airconditioning gelijk vol in te schakelen. Beter is het om de portieren en de ramen eerst een minuut te openen voordat je de airconditioning aanzet. Met deze eenvoudige handeling is de temperatuur in het interieur al significant te verlagen. Zodra de auto is geventileerd, kun je instappen, de portieren en ramen sluiten en de airconditioning inschakelen.

2 Luchtrecirculatie

Een klassieke fout die veel mensen maken, is de ‘luchtrecirculatie’ in te schakelen. Beter is het om de airconditioning te gebruiken in de ‘Auto’-stand, zodat het systeem de luchtstroom gelijkmatiger en efficiënter kan verdelen.

3 Ochtend

De airconditioning niet inschakelen als het ’s ochtends kil is: in Nederland kunnen sommige zomermorgen best koel zijn. Dan is het toch een goed idee om de airconditioning van de auto aan te zetten, zelfs als je de temperatuur op ‘High’ zet, om te voorkomen dat de ramen beslaan als de buitentemperatuur enigszins begint te stijgen.

4 Ventilatieroosters naar gezicht

“Zet de airco wat hoger; ik voel niks.” Dat wordt in de zomer vaak door de inzittenden gevraagd. Meestal is het geen kwestie van een te hoog ingestelde temperatuur, maar de richting waarin de koude lucht door de auto stroomt. Om een gelijkmatige verdeling van de luchtstroom te krijgen, moeten het ventilatierooster naar boven wijzen en dus niet naar de gezichten van de inzittenden. Met deze eenvoudige handeling stroomt de lucht rond door het interieur van de auto en bereikt de koelte elke passagier.

5 Geen onderhoud

Een goed onderhouden airco werkt beter: net als bij de olie, banden of remvloeistof heeft het aircosysteem in auto’s ook specifiek onderhoud nodig. Seat adviseert Airco onderhoud één keer in de drie jaar en beveelt aan het interieurfilter iedere 30.000 kilometer (afhankelijk van model en uitvoering) te vervangen om een verminderde werking van het systeem te voorkomen.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 18 Jul 2018 08:05:10 +0000