Selfies met rijbewijs doorverkocht op darkweb

Criminelen verkopen op het ‘darkweb’ selfies van Nederlandse jongeren met hun net behaalde rijbewijs. Op de foto’s is de identiteit van de jongeren zo goed te zien, dat de criminelen deze kunnen gebruiken voor het plegen van identiteitsfraude. Waarschijnlijk lopen honderden jongeren momenteel risico, zo blijkt uit onderzoek van RTL Nieuws.

Er wordt al jaren gewaarschuwd voor het delen van het pas behaalde rijbewijs op internet. Toch hebben veel jongeren die in hun enthousiasme hun selfie delen op social media, kennelijk geen idee welk risico ze hiermee lopen.

De foto’s worden ondersteund met hashtags, zoals #rijbewijs, #geslaagd of #rijbewijsgehaald, waardoor ze voor kwaadwillenden gemakkelijk te vinden zijn. Omdat de foto’s in hoge kwaliteit kunnen worden geplaatst, zijn de gegevens op het rijbewijs daardoor vaak goed leesbaar.

Darkweb

De selfies worden te koop aangeboden op het darkweb: een verborgen gedeelte van internet waar onder meer drugs, wapens en paspoorten worden aangeboden. Voor een ‘pakket selfies’ wordt 50 tot 80 euro betaald, meldt RTL Nieuws. Een rijbewijsselfie wordt gemiddeld voor zo’n 2,50 euro per stuk verkocht.

De crimineel kan vervolgens onder de naam van het slachtoffer online een product aanbieden. “Om het vertrouwen van de koper te winnen, wordt een selfie met identiteitsbewijs opgestuurd. Zodra de koper betaalt, verdwijnt de crimineel met het geld, en de persoon op de selfie wordt vervolgens als oplichter bestempeld en aan de publieke schandpaal genageld”, aldus het nieuwsbericht. Ook kunnen criminelen op deze manier bijvoorbeeld telefoonabonnementen of bankrekeningen op iemand anders naam openen.

Lees ook: Tip politie: plaats net behaald rijbewijs niet op social media

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 08 Aug 2018 10:09:35 +0000

Gevaarlijke auto-challenge hit ondanks waarschuwingen

Het wordt de ‘In My Feelings challenge’ of ‘Kiki challenge’ genoemd op social media: uit een langzaam rijdende auto springen en vervolgens dansen op het nummer In My Feelings van rapper Drake. Rijinstructeurs hebben op Facebook geen goed woord over voor de challenge. 

Radio 538 deed er onlangs in Nederland een schepje bovenop door een filmpje te plaatsen van dj’s Wietze en Chris, waarin ze meededen aan de hype. ‘Kansloos’, ‘slecht voorbeeld voor jongeren’, en ‘boycot 538’, waren de reacties vanuit de rijschoolbranche.

‘Kwajongensstreek’

Volgens een persvoorlichter van Radio 538 moet er niet te zwaar aan getild worden: “Het is een kwajongensstreek van Wietze en zijn sidekick en zij hebben er alles aan gedaan om ervoor te zorgen dat dit filmpje verantwoord is gemaakt. Wij gaan er ook van uit dat onze luisteraars zelf logisch nadenken over alles wat ze doen”, laat 538 desgevraagd weten.

In Putten liep de rage enkele dagen geleden compleet uit de hand. De auto van de bestuurder belandde tegen een boom. Andere auto’s moesten zelfs uitwijken. De video’s waar de challenge niet goed afloopt, zijn het populairst op internet.

‘Ongelooflijk dom’

Ook Veilig Verkeer Nederland is niet te spreken over de gevaarlijke rage. “Je ziet veel van dit soort filmpjes op internet waar mensen van hun sokken worden gereden als ze op de openbare weg een dansje doen. Het is levensgevaarlijk en ongelooflijk dom om dit in het verkeer te doen”, zegt woordvoerder Rob Stomphorst. “Bovendien dekt de verzekering de schade niet. Zet je de auto stil op je erf en doe je daarnaast een dansje? Geen probleem.”

Het CBR reageert kort maar krachtig op de challenge: “Dit is gevaarlijk”, zegt woordvoerster Irene Heldens. “Voor jezelf en voor anderen. Niet doen dus!” Ook minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur) heeft via Twitter gereageerd op de hype: “Waanzin! Niet doen!”.

Lees ook: Nieuwe campagne tegen drugsgebruik in verkeer

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 07 Aug 2018 15:36:44 +0000

‘Subsidies nodig voor overstap naar elektrische snorfiets’

Het verbieden van snorfietsen met een verbrandingsmotor gaat veel weerstand oproepen. Daarom moet de overheid subsidies verstrekken voor de aanschaf van elektrische snorscooters, waardoor de interesse voor alternatieven aanwakkert. Dat blijkt uit onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid.

Staatssecretaris Van Veldhoven overweegt snorfietsen met verbrandingsmotor op termijn uit het straatbeeld te laten verdwijnen. Later volgt wellicht ook een uitfasering van de bromfietsen met verbrandingsmotor. Wanneer dit gaat gebeuren, is nog niet duidelijk.

In aanloop naar het besluit onderzocht het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) hoe snorfietsbezitters kunnen reageren als er straks geen snorfiets meer met verbrandingsmotor te koop is. Hiervoor onderzocht KiM ook wie de snorfietsbezitter precies is.

Toename snorfietsers

Tussen 2007 en 2017 is het aantal snorfietsen in Nederland van ongeveer 300.000 naar ongeveer 700.000 toegenomen. De maximumrijsnelheid van de snorfiets is 25 kilometer per uur, zowel binnen als buiten de bebouwde kom. Voor een bromfiets geldt een maximum van 45 kilometer per uur.

Snorfietsen worden vooral gebruikt door mensen van vijftig jaar en ouder. Ook zijn snorfietsers voor het overgrote deel mannen. De meeste snorfietsen per 1.000 inwoners waren vorig jaar te vinden in steden als Arnhem, Amersfoort en Eindhoven.

De snorfietsen worden vooral gebruikt voor woon-werkverkeer (35 procent), direct gevolgd door winkelen en boodschappen doen (18 procent). 23 procent van de mensen gebruikt zijn snorfiets dagelijks. Het snorfietsbezit is relatief hoog onder de ontvangers van een uitkering (circa 5 procent). Zij bezitten vergeleken met andere categorieën minder vaak een personenauto (40 procent) en de snorfiets zal dan ook vaak de personenauto vervangen.

Populair

Om verschillende redenen is de snorfiets populair, concludeert KiM. Ze zijn relatief goedkoop en hebben een lange levensduur. Ze zijn snel, wendbaar en zijn overal, zonder kosten, te parkeren. Snorfietsen hebben een grote actieradius en bieden de gebruikers vrijheid: een helm is niet nodig. Tenslotte hebben ze onder gebruikers een positief, stoer imago en zijn voor sommigen een statussymbool.

KiM verwacht dan ook weerstand tegen een uitfasering, stellen de onderzoekers. “In de ogen van de consument is er nog geen volwaardig alternatief, aangezien de elektrische snorscooters nog te duur zijn, de actieradius beperkt is en het opladen als ‘gedoe’ wordt ervaren”, schrijven ze.

Gedwongen

Bij een uitfasering van snorfietsen met verbrandingsmotor zullen mensen gedwongen zijn over te stappen op een ander vervoermiddel. Het overgrote deel kiest voor de (elektrische) fiets, (elektrische) brommer of het openbaar vervoer en een klein deel geeft aan voortaan voor de auto te kiezen. Circa 15 procent van de snorfietsers in grote steden zal de overstap naar elektrische snorfiets maken.

De overstap van snorfiets naar bromfiets lijkt een relatief makkelijke, stellen de onderzoekers. Zeker wanneer lokale wegbeheerders besluiten op bepaalde wegen snorfietsers met helmplicht naar de rijbaan te verwijzen. Op basis van de huidige, beperkte onderzoeksgegevens lijkt het volgens het KiM reëel te veronderstellen dat de elektrische snorfiets op meerdere fronten een steun in de rug kan gebruiken wil het een alternatief zijn voor de benzine-snorfiets.

Stimuleren

Om de adoptie van elektrische tweewielers te stimuleren, hebben Rijk en gemeenten verschillende opties. Zoals milieuzones en subsidies. Ze wijzen ook op psychologische mogelijkheden als het stimuleren van proefritten, het faciliteren van elektrische deelscooters en de zichtbaarheid van de oplaadpunten vergroten. Tenslotte wijzen ze op sociale mogelijkheden. Gemeenten en Rijk zouden bijvoorbeeld de eerste gebruikers (de zogenoemde ‘early adopters’) en bekende Nederlanders als rolmodel en ambassadeur kunnen inzetten.

Lees ook: Kaartje: hier moeten snorfietsers de rijbaan op in Amsterdam

Bron: Verkeerspro
Auteur: Jan Pieter Rottier
Publicatie datum: Tue, 07 Aug 2018 09:28:09 +0000

100-jarige Limburgse rijdt nog dagelijks auto

De 100-jarige Adrie Bos-de Ridder stond er zelf ook van te kijken: haar rijbewijs is onlangs weer verlengd met vijf jaar. “Op het gemeentehuis werd ik gefeliciteerd; dit hadden ze nog nooit meegemaakt”, vertelt ze aan De Limburger.

“Ik dacht: misschien krijg ik een jaartje”, zo vertelt de Zuid-Limburgse tegen de krant. “Eigenlijk heb ik daar ook niks voor hoeven te doen, kreeg alleen een korte medische keuring.” Mevrouw Bos-de Ridder beseft dat ze boft met haar gezondheid. Ze slikt geen medicijnen en woont zelfstandig, alleen komt er eens per twee weken een thuishulp.

Snelwegen

De 100-jarige vult haar dagen met gym, thai chi, een bezoek aan de kapper, bridgen en autorijden in Zuid-Limburg. “Overdag ben ik heel veel weg. Je kunt maar het beste bezig blijven.” Haar jongste dochter van 71 woont met haar man in Groningen, maar komt eveneens geregeld langs. Zelf rijdt ze sinds haar 84e niet meer naar Groningen. “Autorijden doe ik graag, maar niet meer zo ver en snelwegen ontwijk ik. Als ik merk dat ik onzeker word, dan stop ik acuut.”

Bron foto: De Limburger

Lees ook: ‘Rijvaardigheid moet leidend zijn bij verplichte rijtest’

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Mon, 06 Aug 2018 10:45:04 +0000

Uiterlijk in 2020 verplichte nascholing voor oudere chauffeurs

De wetswijziging waarbij oudere chauffeurs met een vrijstelling alsnog aan de verplichte nascholing moeten voldoen, gaat uiterlijk 1 januari 2020 in. Dat laat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat desgevraagd weten aan RijschoolPro. Transport en Logistiek Nederland noemt het intrekken van de verstrekte Code 95 ‘een zeer grote stap’. De PvdA heeft inmiddels vragen gesteld aan het ministerie.

“Dit is natuurlijk erg vervelend voor de chauffeurs die het treft. En voor hun werkgevers, in de huidige krappe arbeidsmarkt”, aldus TLN. Toch heeft TLN heeft ook begrip voor het feit dat het ministerie zich gedwongen ziet door de Europese Commissie om deze stap te nemen.

Chauffeurs geboren voor 1 juli 1955 werden tot een paar jaar geleden vrijgesteld van de verplichte nascholing. Zij kregen gratis de Code 95 op hun rijbewijs. Dat was volgens de Europese richtlijn niet toegestaan. Per 1 juni 2015 is Nederland daarom gestopt met het verstrekken van de Code 95 aan deze groep chauffeurs. Maar omdat de Europese Commissie hier geen genoegen mee neemt, werkt de minister nu aan een wetswijziging om de verstrekte codes alsnog in te trekken. Het gaat om ongeveer 11.000 beroepschauffeurs die nu alsnog nascholing moeten volgen om te kunnen blijven rijden.

Praktische gevolgen

TLN meldt dat veel van deze chauffeurs vlak voor 1 maart 2015 hun rijbewijs verlengd, waardoor de einddata van deze rijbewijzen in februari 2020 liggen. Dat is dicht bij de verwachte ingangsdatum van de aangekondigde wetswijziging. “Zeer waarschijnlijk zijn de beroepschauffeurs die nog willen blijven rijden na die datum, nu al begonnen met het volgen van de 35 uur nascholing. Als dat nog niet zo is, dan is snel starten wel het dringende advies”, aldus TLN.

Daarnaast is er een groep chauffeurs die in januari 2013 hun laatste kans hebben gegrepen om nog een rijbewijs te krijgen met een geldigheidsduur van tien jaar. “De einddata van die rijbewijzen liggen in januari 2023. Het ziet er naar uit dat voor deze groep de wetswijzing echt gevolgen gaat hebben. Als de chauffeur beroepsmatig wil blijven rijden, dan is ook hier het advies om zo snel mogelijk te starten met het volgen van 35 uur nascholing.”

Vragen aan minister

Volgens de krant AD heeft de PvdA inmiddels vragen gesteld over dit onderwerp. Kamerlid Gijs van Dijk wil weten wat de toegevoegde waarde is van het terug naar de schoolbanken sturen van de ervaren truckers. En als de nascholing per se moet, wil de partij dat de minister bijdraagt aan de hoge kosten. “Want die bedragen zo’n 1000 euro plus het verlies aan inkomsten, doordat de chauffeur vijf dagen z’n vrachtwagen moet laten staan. De truckers vinden dat veel te kostbaar.” De PvdA’er vreest dat de verplichte nascholing ertoe leidt dat veel oudere chauffeurs het bijltje erbij neergooien, terwijl er al een tekort is aan rijders.

Hij vraagt de minister tegelijkertijd een einde te maken aan de oneerlijke concurrentie op de weg. Oost-Europese bestuurders zouden Code 95 voor weinig geld kunnen kopen in hun eigen land. De PvdA vreest dat dat ten koste gaat van de veiligheid op de weg en wil dat Van Nieuwenhuizen dit probleem met de Europese collega’s bespreekt.

Rijschoolbranche verbaasd

Brancheverenigingen FAM en VRB hebben eerder deze week verbaasd gereageerd op de plannen van het ministerie. “Als de overheid dit wil doorduwen zal er enorm veel frustratie ontstaan bij de mensen die eerst vrijgesteld waren”, lieft FAM weten. De organisatie is hier naar eigen zeggen op geen enkele manier over benaderd.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 03 Aug 2018 06:51:58 +0000

Problemen met Mijn CBR door DDoS-aanval

Doordat DigiD de afgelopen week al meerdere keren is getroffen door een DDoS-aanval, is het ook voor bezoekers van Mijn CBR lastiger om de pagina te bereiken. Ook IBKI kampte afgelopen week met een netwerkstoring.

Bij een DDoS-aanval raken servers overbelast door een grote hoeveelheid dataverkeer. DigiD is deze week al drie keer getroffen. Hierdoor is het niet mogelijk in te loggen bij overheidswebsites, zoals de Belastingdienst en het CBR.

Storing bij IBKI

Ook bij IBKI waren afgelopen weken problemen, al stonden deze los van de DDoS-aanval. Het ging volgens directeur Jim Schouten om een ‘hardnekkige netwerkstoring’, waardoor sommige examens zelfs niet door konden gaan. De problemen zijn inmiddels opgelost. De oorzaak wordt nog onderzocht.

Kandidaten die geen examen konden doen of hun examen niet konden afronden, worden door IBKI in overleg opnieuw uitgenodigd om kosteloos examen te doen. Het gaat volgens Schouten om enkele tientallen examenkandidaten.

Lees ook: 150 examenkandidaten dupe van ICT-storing CBR

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 02 Aug 2018 08:08:42 +0000

Beginnersregeling rijbewijs blijkt na 16 jaar fiasco

Het beginnersrijbewijs, waarbij beginnende automobilisten na twee ernstige overtredingen een rijvaardigheidsonderzoek krijgen, heeft zich na 16 jaar nog niet bewezen. De pakkans is erg klein en àls deze bestuurders al worden aangehouden, heeft dit niet altijd consequenties vanwege slechte communicatie tussen instanties. Bovendien zijn automobilisten nauwelijks op de hoogte van de regeling, terwijl deze juist voor een schrikeffect moet zorgen. Dat blijkt uit een evaluatie van het beginnersrijbewijs.

Aan de werking van de beginnersregeling wordt al lange tijd getwijfeld. Tot op heden was er geen bewijs dat het beginnersrijbewijs effectief was: noch uit het verloop van het aantal ongevallen, noch uit het aantal beginnende bestuurders met strafpunten. Daarom hebben de ministers van Infrastructuur en Waterstaat en Justitie en Veiligheid opdracht gegeven om een evaluatie te maken.

Verkeersovertredingen voorkomen

De beginnersregeling moet verkeersovertredingen en verkeersongevallen onder beginnende bestuurders helpen voorkomen. In 2002 is de regeling ingevoerd. Iedereen die als 16- of 17-jarige een rijbewijs haalt, wordt de eerste zeven jaar aangemerkt als beginnende bestuurder. Vanaf 18 jaar geldt een periode van vijf jaar.

Met de invoering van begeleid rijden is de beginnerstermijn aangepast. Voor jongeren die in het kader van begeleid rijden op hun zeventiende het rijbewijs B halen, geldt eveneens een beginnerstermijn van vijf jaar, te rekenen vanaf de datum afgifte van dat rijbewijs ongeacht of de bestuurder op dat tijdstip van afgifte al in het bezit was van een rijbewijs voor de categorie AM of T.

Handhaving

De beginnersregeling heeft de vorm van een puntenrijbewijs. Bepaalde ernstige verkeersovertredingen door beginnende bestuurders worden geregistreerd. Een voorwaarde voor registratie is dat de politie de overtreding zelf heeft geconstateerd. Alleen bij staandehouding kan de politie namelijk vaststellen wie de bestuurder is.

Vervolgens krijgt de bestuurder een punt toegekend. Bij een tweede veroordeling volgt een tweede punt. Hiervan wordt door de officier van justitie een mededeling gedaan aan het CBR. Op basis van de mededeling legt het CBR aan de beginnende bestuurder de verplichting op om mee te werken aan een onderzoek naar de rijvaardigheid. Wanneer op basis van dit onderzoek blijkt dat de beginnende bestuurder niet over de vereiste rijvaardigheid beschikt, wordt zijn rijbewijs ongeldig verklaard.

De handhaving is een van de grootste obstakels om van deze regeling een succes te maken. Het aantal staandehoudingen in het verkeer door de politie is in de afgelopen jaren afgenomen. Daarmee is de pakkans voor beginnende bestuurders ook kleiner geworden. Bovendien kunnen bestuurders slechts voor een beperkt aantal ernstige verkeersovertredingen punten krijgen.

Punten niet doorgegeven

Een ander probleem is dat de politie na een staandehouding niet altijd doorgeeft aan het OM dat het om een beginnende bestuurder gaat, dus wordt er ook geen punt uitgedeeld. In 2014 zijn ten minste 976 punten te weinig toegekend (30 procent van het totaal aantal toegekende punten in 2014) en in 2016 gaat het om ten minste 723 punten die ontbraken (26 procent van het aantal toegekende punten in 2016). Als de politie de zaak wél kenbaar maakt bij het OM als een zaak tegen een beginnende bestuurder, dan wordt deze alsnog niet altijd als zodanig herkend of opgepakt door het OM.

Naast slechte communcatie tussen politie en OM gaat er ook het een en ander fout bij het doorgeven van de punten door het OM aan het CBR. “In een substantieel aantal gevallen heeft het OM geen mededeling uitgebracht aan het CBR, terwijl dit wel had gemoeten”, aldus de onderzoekers.

In de jaren 2012 tot en met 2016 heeft het OM 46 mededelingen uitgebracht aan het CBR. Het CBR heeft in deze periode 41 mededelingen ontvangen. Het CBR heeft vervolgens bij 25 bestuurders een onderzoek naar de rijvaardigheid verricht dat in 4 gevallen heeft geleid tot ongeldigverklaring van het rijbewijs

Onbekendheid

Verder zijn beginnende bestuurders lang niet altijd bekend met de regeling. Uit het onderzoek blijkt dat meer dan de helft van de bestuurders zonder punten en met punten niet goed op de hoogte is van het beginnersrijbewijs. De regeling wordt verward met het puntenrijbewijs, terwijl het puntenrijbewijs voor àlle bestuurders geldt en zich richt op het rijden onder invloed van alcohol. Of bestuurders denken dat rijden onder invloed eveneens onder de beginnersregeling valt. Daarnaast zijn bestuurders niet goed op de hoogte van de consequenties van het toekennen van punten. Het is dan ook niet vreemd dat bestuurders zonder punten zich niet laten afschrikken door dit  deze vorm van afschrikking blijkt zeer bescheiden.

Tenslotte zetten de onderzoekers ook nog hun vraagtekens bij de efficitiviteit van het rijvaardigheidsonderzoek: “De uitvoeringspraktijk wijst uit dat het beschikken over onvoldoende rijvaardigheid doorgaans niet de belangrijkste oorzaak is voor wangedrag in het verkeer, maar de persoonlijkheid of het gedrag van de bestuurder.”

Aanbeveling

De onderzoekers hebben met verschillende experts en ketenpartners besproken hoe de regeling effectiever kan worden. Een van de opties is dat wanneer er een onderzoek loopt naar een bestuurder, hij of zij gedurende het onderzoek al een rijverbod krijgt. Ook kan het voertuig in beslag wrorden genomen.

Ministers Ferd Grapperhaus en Cora van Nieuwenhuizen hebben toegezegd dat ze uiterlijk 13 september inhoudelijk zullen reageren op deze evaluatie.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 10 Aug 2018 08:15:51 +0000

Actieradius elektrische auto’s neemt snel toe

De actieradius van nieuwe elektrische auto’s is vorig jaar met 10 procent toegenomen. Gemiddeld konden nieuwe elektrische automodellen in 2017 bijna 300 kilometer rijden op een volle batterij. Dat blijkt uit onderzoek van Bureau Horváth & Partners. De onderzoekers verwachten dat het aantal kilometers komende jaren verder gaat stijgen.

In 2011 bedroeg het bereik van elektrische auto’s gemiddeld 150 kilometer, in 2014 lag dat al op 200. Voor het jaar 2020 voorspellen de onderzoekers dat de actieradius uitkomt op 400 kilometer. Dat elektrische auto’s steeds meer kilometers kunnen afleggen op een volle batterij, is vooral te danken aan de ontwikkeling van de techniek van de batterijen.

Renault Zoe

Bij de eerste generatie van de Renault Zoe moest na 240 kilometer op zoek gegaan worden naar een laadpaal, bij het huidige model is dat pas na 400 kilometer het geval. Ook de Volkswagen e-Golf komt sinds de facelift een stuk verder, van 190 naar 300 kilometer. De Tesla Model S 100D is met een bereik van 632 kilometer nog steeds de lijstaanvoerder.

Volgens Thomas Becker, een van de onderzoekers die werkzaam is voor Horváth & Partners, laten de cijfers zien dat kopers van elektrische auto’s een voorkeur hebben voor een model met een grote actieradius. Bij onze oosterburen vielen de modellen van Tesla al snel in de smaak, inmiddels verkopen ook de Renault Zoe, de Volkswagen e-Golf en de Smart EQ Fortwo er goed.

Verder groeien

Het ziet er volgens Becker naar uit dat de actieradius komende jaren verder gaat groeien. Vrijwel alle autofabrikanten hebben aangekondigd met elektrische modellen te komen die minimaal 300 kilometer kunnen afleggen. In 2020 zal het gemiddelde bereik naar verwachting op zo’n 400 kilometer liggen.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Remco Nieuwenbroek
Publicatie datum: Fri, 10 Aug 2018 07:20:22 +0000

Minister zet appverbod voor fietsers door

Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat komt later dit jaar met een voorstel voor een verbod op handheld telefoongebruik op de fiets. Hiermee zet ze het plan door dat in 2016 is opgesteld door toenmalig minister Melanie Schultz-van Haegen. Na de zomer start bovendien een campagne tegen afleiding in het verkeer door de smartphone.

Minister Van Nieuwenhuizen denkt dat een verbod op handheld telefoongebruik op de fiets helderheid schept en mede de sociale norm bepaalt. Daarom wil ze het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 zodanig aanpassen dat handheld telefoongebruik verboden wordt, vergelijkbaar met de regeling voor automobilisten.

Nieuwe campagne

Het verbod is een van de drie initiatieven om afleiding in het verkeer door smartphones tegen te gaan. Daarnaast gaat begin september van dit jaar een nieuwe campagne van start rond dit thema. “Met de campagne wordt een beeldmerk gelanceerd dat, net als Bob, lange tijd symbool kan staan voor de nieuwe norm voor zowel fiets als gemotoriseerd verkeer”, aldus minister Van Nieuwenhuizen in een brief aan de Tweede Kamer.

Verder is in september 2017 het convenant ‘Veilig gebruik smartfuncties in het verkeer’ gelanceerd. Inmiddels hebben 50 partijen – waaronder producenten, verzekeraars, autoleasemaatschappijen, transportorganisaties en werkgevers – getekend en is toegezegd dat zij concrete acties gaan ondernemen. “We gaan door met werven van nieuwe partijen zodat we met zoveel mogelijk organisaties werken aan een verdere invulling van een veilige norm om afleiding door smartfuncties te voorkomen, ieder vanuit zijn eigen mogelijkheden.”

Automodus-apps

De apps die nu al beschikbaar zijn, zorgen ervoor dat bestuurders onderweg geen berichten binnenkrijgen. Ook kunnen de apps eventueel automatisch een bericht terugsturen naar de verzender dat het momenteel niet mogelijk is te antwoorden. “Omdat deze systemen niet weten of je bestuurder of passagier bent of in de trein zit, werken deze op vrijwillige basis. In het kader van het convenant zullen we met marktpartijen blijven zoeken naar verbeteringen van deze technische instrumenten en manieren om het gebruik hiervan te stimuleren.”

De minister heeft overigens zelf de medewerkers van haar ministerie én haar collega-ministers opgeroepen de automodus te activeren op hun smartphone.

Lees ook: Gebruik mobiele telefoon op de fiets wordt verboden

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 18 Jul 2018 14:24:24 +0000

Duizenden chauffeurs raken vrijstelling kwijt voor Code 95

Elfduizend beroepschauffeurs raken door een fout van de Nederlandse regering hun vrijstelling voor nascholing (Code 95) kwijt. Het gaat om C- en D-rijbewijshouders geboren voor 1 juli 1955. Zij werden uitgezonderd van de verplichting om nascholing te volgen, maar dat mag niet volgens de Europese richtlijn. Om na 2020 nog steeds werkzaam te kunnen zijn in de branche, moeten zij alsnog cursussen gaan volgen bij rijopleiders.

Dat heeft minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat onlangs aangekondigd. Nederland heeft op het gebied van de verplichte nascholing voor beroepschauffeus de Europese richtlijn niet goed uitgevoerd. Chauffeurs geboren voor 1 juli 1955 kregen namelijk tot een paar jaar geleden de Code 95 op hun rijbewijs, terwijl ze hier niet de verplichte nascholing voor hebben gevolgd. Per 1 juni 2015 is deze uitzondering geschrapt en is Nederland gestopt met het ‘cadeau geven’ van de Code 95.

Dit is echter niet voldoende voor de Europese Commissie. Om te voorkomen dat deze zaak voor het Hof van Justitie belandt, kondigt minister Van Nieuwenhuizen aan dat de groep chauffeurs die de Code 95 cadeau kreeg, alsnog de schoolbanken in moet. Het kabinet gaat een wetswijziging voorstellen die het mogelijk maakt de verstrekte codes in te trekken.

30.000 chauffeurs

Uit onderzoek in opdracht van het ministerie blijkt dat het om ongeveer 30.000 chauffeurs gaat die hiermee te maken zullen krijgen na inwerkingtreding van de wet, van wie ongeveer 11.000 beroepschauffeurs. De beroepschauffeurs zullen alsnog op tijd nascholing moeten volgen om beroepsmatig te kunnen blijven rijden. De overige rijbewijshouders zijn alleen verplicht hun rijbewijs om te wisselen voor een exemplaar zonder Code 95.

De verwachting is dat er te weinig capaciteit beschikbaar is in de opleidingsbranche om de 11.000 chauffeurs de  nascholing aan te kunnen bieden. Het gaat hierbij met name om de capaciteit voor de praktijktrainingen. Daarom is een overgangsperiode van minstens zes maanden nodig om ervoor te zorgen dat de opleidingscapaciteit niet overloopt.

Subsidie nodig

Volgens het onderzoek zal het lastig zijn om de chauffeurs ervan te overtuigen nu alsnog nascholing te gaan volgen. Stakeholders vinden dat hier geld voor nodig is: de nascholing moet gratis worden, of vergoed worden door de werkgever. “Meerdere stakeholders geven aan dat zij vinden dat de overheid tekort is geschoten; de sector mocht ervan uitgaan dat de vrijstelling voor de nascholing in lijn was met Europees recht. Nu dit niet het geval blijkt te zijn, moet de overheid dit dan ook repareren”, aldus de onderzoekers.

Volgens ‘een van de vakbonden’ is het probleem in de transportsector het grootst. Dit wordt overigens door een van de belangenverenigingen uit de sector tegengesproken: de oudere chauffeurs met vrijstelling worden wel degelijk (na)geschoold, het probleem is vooral dat deze nascholing niet werd geregistreerd bij het CBR, omdat dit 20 euro kostte. Volgens het CBR is hier een reparatie-actie op uitgevoerd die ertoe heeft geleid dat circa duizend chauffeurs alsnog hun nascholing hebben geregistreerd.

Uit het onderzoek komt naar voren dat met name in de OV-sector de nascholing voor oudere chauffeurs vanaf het begin wordt gedaan. De touringcarsector voorziet een groot probleem bij het verplicht volgen van nascholing. De sector leunt zwaar op oudere chauffeurs, en vervangers zijn lastig te krijgen.

Niveau nascholing

Meerdere stakeholders laten zich tegenover de onderzoekers kritisch uit over het niveau van de nascholingsopleidingen. Het is bijvoorbeeld mogelijk om vijf keer dezelfde cursus te volgen, en dan is aan de nascholingsverplichting voldaan. Ook kunnen chauffeurs opleidingen volgen die weinig tot niets met hun werk te maken hebben, zoals heftruckcursussen voor buschauffeurs.

Een enkeling geeft in het rapport aan dat het niveau van de cursussen valt of staat met het niveau van de opleider. Het kan zijn dat een rijopleider gecertificeerd is, maar dat de kwaliteit van de instructeur onvoldoende is. In een werkgroep met bonden, rijopleiders en belangenorganisaties wordt momenteel gekeken naar een mogelijkheid dat de rijschoolbranche ‘zich committeert aan een nascholing voor theorie-instructeurs’.

Verder is er behoefte aan een toetsingsmoment. Oudere chauffeurs zijn met name geïnteresseerd in (internationale)verkeersregels en verkeersborden, en verschillen hiertussen in de Europese Unie. “De cursus zou een jaarlijks karakter moeten hebben, en worden afgesloten met een toetsingsmoment, bijvoorbeeld in de vorm van een examen.”

Een woordvoerster van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft tegenover RijschoolPro deze week nog geen toelichting kunnen geven op de wijzigingen bij Code 95.

Lees ook: Europa beperkt e-learning bij Code 95 tot 12 uur

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 26 Jul 2018 08:02:47 +0000