MKB-ondernemer? Neem deel aan de online Basiscursus Arbeidsrecht

MKB-ondernemers en HR-managers in de rijschoolbranche zien soms vanwege de talloze regels door de bomen het bos niet meer als het gaat om arbeidsrecht. Echter, als de basisregels bekend zijn, vallen veel stukjes op hun plaats. De Basiscursus Arbeidsrecht van ProMedia Trainingen (de uitgever van RijschoolPro) geeft daarom inzicht en antwoorden op dagelijkse problemen en vraagstukken op het gebied van arbeidsrecht.

In 16 heldere video’s leggen twee advocaten arbeidsrecht de basisprincipes en -regels uit via concrete praktijkvoorbeelden.

Onderwerpen:

  • Algemene regels
  • Ontslag op staande voet
  • Arbeidsovereenkomst
  • Proeftijd
  • Concurrentiebeding
  • Vakantiedagen
  • Zieke werknemers
  • Overlijden van werknemers
  • Is er sprake van een arbeidsovereenkomst?
  • Wanneer eindigt een arbeidsovereenkomst?
  • Terugdringen ziekteverzuim via wachtdagen
  • Ziek of niet?
  • Thuiswerken
  • Ontslag
  • Ketenregeling
  • Overwerk
  • Wat mag je vragen bij sollicitaties?

Deelnemen aan deze cursus?

Wilt u ook deelnemen aan deze online video cursus? Bekijk dan de website van de Basiscursus Arbeidsrecht voor meer informatie. Hopelijk helpt het u om een goede werkgever te zijn!

Korting voor RijschoolPro lezers

Als trouwe lezer van RijschoolPro krijgt u maar liefst 50% korting op het volgen van deze cursus. Gebruik daarvoor bij registratie de VIP-code PMGABR50ABONNEE.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Bart Pals
Publicatie datum: Tue, 24 Apr 2018 07:59:14 +0000

‘De kunst is inzien dat de waarheid uiteindelijk in het midden ligt’

In de rijschoolbranche heeft elke instructeur een eigen visie op de manier van lesgeven. Dat levert soms een interessant spanningsveld op, schrijft Eric Bakker, voorzitter VRB in zijn column op RijschoolPro. Hoe vind je de juiste balans in het vasthouden van jouw visie en het ruimte bieden aan andere meningen?

“Staan alle neuzen dezelfde kant op? Vandaag bij het lezen van het boekje ‘Ga lekker zélf in je kracht staan’ van Japke-d. Bouma kwam ik deze vraag tegen. En dan dwalen je gedachten meerdere malen af naar dit onderwerp. Zoals de columniste aangeeft, valt de neuzenbeweging in vier grote stromingen uiteen.

De één denkt dat alle neuzen altijd dezelfde kant op staan, nummer twee vindt dat ze af en toe dezelfde kant op moeten staan, de wanhopige nummer drie vraagt zich af hoe je al die neuzen dezelfde kant op moet krijgen en nummer vier is van mening dat dit niet het geval moet zijn, dus allemaal een eigen kant op wijzen.

Ik vond het zeer treffend en van toepassing op de rijschoolbranche want we moeten uiteindelijk allemaal dezelfde kant op met onze leerlingen: het CBR is door de minister aangesteld als het ultieme eindpunt, maar hoe de weg hier naartoe wordt afgelegd, daar zijn we allemaal weer vrij in. We hebben immers te maken met het examenmodel in Nederland.

De brancheverenigingen trekken samen op met alle ketenpartners omdat we er diep in ons hart wel van overtuigd zijn dat de neuzen grotendeels dezelfde kant op moeten staan. Want als we dat niet doen, zinken we steeds dieper in het moeras waar een groeiende groep actief gaat worden om vooral maar juist niet de neuzen dezelfde kant op te laten wijzen.

We moeten nu niet de cruciale fout maken om te gaan investeren in meer wielen

Zij maken gebruik van de onwetendheid van een grote groep consumenten die nog verhalen levendig houden dat een rijbewijs halen zo maar eventjes tussen de soep en de aardappelen, liefst voor een appel en een ei gedaan kan worden. De kunst is om de mensen die wanhopig proberen om iedereen één kant te laten kijken te overtuigen dat je een goede balans moet zien te vinden en dat uiteindelijk de waarheid in het midden ligt. En dat dit met steun en overtuigingskracht van iedereen die het goede met de branche voor heeft, opgepakt moet worden.

Gelijk hebben is nog niet gelijk krijgen want daarvoor moet je als de wetgevingstrajecten je parten spelen vaak een lange adem hebben. Je mag best wel ambitieus zijn. Nu we economisch gezien de wind in de zeilen lijken te hebben moeten we niet de cruciale fout maken om te gaan investeren in meer wielen maar zorgen dat we kwaliteit blijven leveren en van de zogenaamde schaarste gepast gebruik maken door de prijzen marktconform te maken. Iedereen zal wel een beetje gelijk hebben, maar uiteindelijk moet het ultieme doel het dienen van de verkeersveiligheid zijn. En daar mag je uiteraard best een boterham mee verdienen. Liefst met een beetje beleg erop. En soms is het ook goed om nieuwsgierig te blijven naar en open te staan voor de mening van anderen, dus verder kijken dan je neus lang is.”

Eric Bakker, voorzitter VRB

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Mon, 23 Apr 2018 07:18:12 +0000

LBKR: ‘Kritiek van CBR op rijschoolbranche is ongepast’

De Landelijke Beroepsgroep Kwaliteitsbevordering Rijschoolbranche (LBKR) stoort zich aan de negatieve wijze waarop de rijschoolbranche de laatste tijd in het nieuws komt. Volgens de LBKR doet het CBR hier nog eens een schepje bovenop door te stellen dat 1.500 rijscholen ondermaats presteren. Dit is ongepast, vindt voorzitter Jos Post.

“Het CBR schuift de problemen die het met de lange wachttijden heeft af op het, volgens het CBR, te
lage slagingspercentage van een grote groep rijschoolhouders. Dit is geheel onterecht”, stelt Jos Post. “Het slagingspercentage ligt al jaren op hetzelfde niveau en is de laatste tijd niet verslechterd. Kortom: dit kan niet de reden zijn van de als maar oplopende wachttijden bij het CBR.”

Het CBR neemt extra maatregelen om de wachttijden terug te dringen. Enerzijds ligt de oorzaak van de problemen bij de aantrekkende economie. Anderzijds wijst het CBR naar de rijschoolbranche: “Het is schrijnend dat circa 1.500 rijscholen kandidaten naar het auto-examen laten gaan die verre van klaar zijn voor het rijbewijs. 70 procent van hun kandidaten zakt”, schreef het CBR in een persbericht. “En dat terwijl een verhoging van het slagingspercentage met maar enkele procenten (gemiddeld is het nu 50 procent) een einde betekent aan de langere wachttijden.”

‘Te kort door de bocht’

Het oplopen van de wachttijd is volgens de LBKR niet alleen aan de orde bij de praktijkexamens, maar is nog groter bij de medische afdeling van het CBR. Maurits von Martels, Tweede Kamerlid namens het CDA, stelde hier onlangs vragen over aan minister Cora van Nieuwenhuizen.

“Het slagingspercentage van rijscholen gebruiken als criterium om  rijscholen te beoordelen op kwaliteit zoals het CBR nu doet, is te kort door de bocht”, zegt Post. “Ten eerste kunnen er verschillende redenen zijn waarom het slagingspercentage lager ligt. Soms is dit lage percentage ook tijdelijk. Nu baseert het CBR de uitspraken die zij doet over de kwaliteit op het slagingspercentage van het afgelopen jaar. Het kan zijn dat een rijschoolhouder die nu op een slagingspercentage van 30 procent zit het jaar ervoor op 80 procent geslaagden zat.”

De LBKR zou het daarom een goed idee vinden wanneer er ook naar een slagingspercentage over een langere periode werd gekeken. “Daarnaast zijn er rijscholen die gespecialiseerd zijn aan het lesgeven aan ‘bijzondere doelgroepen’. Denk bijvoorbeeld aan faal angstige, autistische- of leerlingen met een niet Nederlandse achtergrond. Vaak zijn het juist de ‘vakidioten’ die zich bezighouden met het opleiden van deze doelgroepen. Het is zeker niet aan het CBR om deze groep rijschoolhouders te beoordelen. Het CBR dient zich bezig te houden met het beoordelen van de rijvaardigheid tijdens het examen.Het beoordelen van de kwaliteit van rijscholen en rijinstructeurs behoort niet tot de taak van het CBR.”

Kwaliteitsregister

De LBKR ziet liever een kwaliteitsregister met een bijbehorende onafhankelijke
kwaliteitscommissie. “Een kwaliteitsregister stelt de professionaliteit van de beroepsbeoefenaars objectief en betrouwbaar vast en biedt daarmee een helder inzicht in de kwaliteit en beroepsbeoefening van werkende rijinstructeurs”, legt Post uit. “Deze werkwijze wordt ook in veel andere sectoren gebruikt om de kwaliteit te bevorderen en te bewaken.”

Wanneer het CBR of consumenten merken dat er bij een rijschool of rijinstructeur het één en
ander schort aan de kwaliteit van de opleiding of als er sprake is van bijvoorbeeld oplichting en seksuele intimidatie, dan is er op dit moment geen mogelijkheid om dit bij een onafhankelijke commissie te melden, merkt de LBKR-voorzitter op. “LBKR ziet daarom graag dat deze mogelijkheid er komt zodat er, indien nodig, passende maatregelen genomen kunnen worden.”

Lees ook: Rijscholen verbolgen over uitspraken CBR rond wachttijden

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 20 Apr 2018 07:55:00 +0000

Rijschool stopte met elektrische auto: ‘Voorop lopen, loont niet altijd’

Hij was, voor zover bekend, de eerste rijschoolhouder met een lesauto op groengas en de eerste met een elektrische lesauto. Rijschoolhouder Gert-Jan van Ark wilde graag zo groen mogelijk zijn leerlingen opleiden. Ondanks zijn ambitieuze start, moest hij het elektrisch rijden al gauw opgeven. “De afweging ‘groen’ telt bij jongeren nauwelijks mee in de keuze voor een rijschool.”

Met het starten van een rijschool kwamen voor Gert-Jan van Ark uit Harderwijk al zijn passies samen. Als vrachtwagenchauffeur en motorrijder had hij al veel ervaring en affiniteit opgebouwd met het verkeer. Ook werkt hij graag met jongeren, waar hij ook al ervaring mee had vanuit het onderwijs. Bovendien wil hij het milieu zo min mogelijk belasten. “Wat is er dan mooier om mensen op een duurzame manier op weg te helpen naar het rijbewijs?”, aldus de rijschoolhouder.

“Ik wilde graag naar mijn dochters verantwoording afleggen, al klinkt dat misschien raar. In 2008 ben ik in Buenos Aires geweest. Ik was blij dat ik daar niet woonde: er rijden oude bussen rond met een enorme uitstoot. Later heb ik in Nederland een lezing bijgewoond over de uitstoot in ons land. Toen besefte ik dat we ook hier een groot probleem hebben.”

Volkswagen Passat

In 2010 is Van Ark zijn rijschool Eigen Wegwijs gestart met een Volkswagen Passat op groengas. De eerste leerling kwam al snel. “Ik kon rustig uitbouwen, aangezien ik nog mijn parttime baan had in het onderwijs. Het liep erg goed. Ik heb bewust de media opgezocht en opende mijn rijschool samen met een wethouder. Ook kreeg ik een lunch aangeboden vanuit het CBR. Dat heb ik als bijzonder positief ervaren.”

Of de afweging ‘groen’ echt meetelt bij de gemiddelde consument? Ik denk het niet.

Hoewel hij genoeg aanmeldingen kreeg, rees bij hem de vraag waarom die leerlingen eigenlijk voor zijn rijschool kozen. “Ik had al vrij snel door dat nog geen vijf procent voor mijn rijschool koos vanwege het milieubewuste karakter. Mensen willen hun rijbewijs, ze vinden het leuk om in een mooie auto te rijden, maar of de afweging ‘groen’ echt meetelt bij de gemiddelde consument? Ik denk het niet. De klik en het vertrouwen moet er gewoon zijn.”

Daarom stelde Van Ark zijn strategie bij. “In het begin schreeuwde ik het van de daken dat ik op groengas reed, maar hier moest ik een stapje terug doen. Ik ging gewoon lesgeven en als ik merkte dat de leerling ervoor openstond, vertelde ik meer over groengas en het idee erachter.”

Elektrische lesauto

De rijschoolhouder wilde zijn duurzame werkwijze niet opgeven. In 2012 maakte Van Ark de overstap naar een elektrische lesauto. Hij startte met een Nissan Leaf en switchte later naar een Opel Ampera, in samenwerking met Opel. Een leasemaatschappij stelde de Opel beschikbaar als lesauto.

Van Ark hoopte daarbij dat het CBR extra aandacht zou geven aan het eerste examen met een elektrische lesauto. Dat gebeurde echter niet. “Het was mooi geweest als zij er een mediamoment van zouden maken, want dat had ook in het belang van het CBR goed uit kunnen pakken. Anderhalf jaar later zag ik nog wel een artikel over ‘het eerste examen met een elektrische auto’ op de website van het CBR. Dat ging echter over een andere rijschool. Ik heb toen wel laten weten dat dat niet klopte.”

“Opel heeft duizenden euro’s geïnvesteerd in media-aandacht. Uiteindelijk hebben we twee aanmeldingen gehad, waarvan er geen één concreet is geworden”, zegt Van Ark. “Op een gegeven moment raak je er een beetje door verbitterd. Ik vroeg me af of ik misschien niet te ver op de muziek vooruit wilde lopen.” De pilot met Opel is vervolgens gestopt. Na een jaar werd de dubbele bediening weer uit de Opel Ampera gehaald. “Voorop willen lopen, loont niet altijd”, concludeert hij.

Energielabel

“Het is natuurlijk heel makkelijk om naar een ander te wijzen. Toch zag ik ook een rol van het CBR hierin. Enerzijds hoor ik wel iets over innovatie, zoals het gebruik van ADAS tijdens het examen. Maar de groene kant ontbreekt. Naast het feit dat ik het jammer vind dat ze geen aandacht hebben besteed aan de eerste elektrische rijopleiding, vind ik het ook vreemd dat rijscholen bij hun inschrijving geen energielabel krijgen. Ik heb dit aan het CBR voorgelegd, maar kreeg het antwoord dat dat niet behoort tot hun wettelijke taken. Toen dacht ik: laat maar.”

Voor een eenpitter is de vraag te beperkt. Voor grote rijscholen kan elektrisch rijden wél interessant zijn.

Bovendien is het nauwelijks rendabel om als eenpitter in een elektrische auto te rijden, aangezien het om een automaat gaat, merkte hij. “Daarvoor is de vraag te beperkt. Voor grote rijscholen kan elektrisch rijden wél interessant zijn. Die combineert dit gewoon met zijn automaat-leerlingen.” Ook bij het rijden op groengas neemt de Harderwijker risico: “Als een grote rijschool in mijn regio een extra lesauto op groengas aanschaft, en hier tegen concurrerende prijs mee gaat rijden, dan kan ik het met mijn rijschooltje wel vergeten.” Dat is tot op heden overigens niet gebeurd, iets wat hem toch verbaast: “Ik ben slechts twee keer benaderd door een rijschool die benieuwd was naar mijn ervaring.”

Beroepsopleidingen

Na een jaar begon Van Ark langzamerhand zijn aandachtsgebied te verschuiven naar de beroepsopleidingen en Code 95. “Ik begon de diesel te missen, al klinkt dat misschien tegenstrijdig. Uit de C- en CE-categorie haal ik bovendien de meeste inkomsten. En als dit ervoor zorgt dat Eigen Wegwijs langer kan bestaan, dan hoop ik dat dit het doel dient.”

Ondertussen blijft hij lesgeven in de Volkswagen op groengas. “Het voordeel van groengas is dat er op iedere vierkante meter in Nederland een aardgasleiding ligt. Dus dat is makkelijk te organiseren. Voor waterstof ligt dat heel anders, daar is een compleet andere infrastructuur voor nodig.” Er zijn nu drie openbare waterstofstations in Nederland. “Daar kun je als rijschoolhouder nog niks mee.”

Kritisch blijven

Het geven van rijles blijft hij desondanks waarderen. “Het blijft een bijzonder traject waarin je start met iemand die geen auto kan bedienen, en eindigt bij het CBR waar je elkaar een hand schudt na het behalen van het rijbewijs. Het is mooi om die leerlingen alleen in hun auto tegen te komen. Je hebt het echt met z’n tweeën gedaan. En als het niet goed gaat is het goed om in de spiegel te kijken. Wat is jouw rol als instructeur om ervoor te zorgen dat het wel gaat lukken met die leerling, ook al doe je het al tien jaar en denk je dat je het allemaal wel weet. Je moet altijd kritisch naar jezelf blijven.”

Van Ark heeft ook geen spijt dat hij ooit de groene weg op is geslagen met Eigen Wegwijs. “Dit was de manier waarop ik het wilde doen. Als ik het zo niet had gedaan, was ik ook niet begonnen met dit vak.”

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 19 Apr 2018 08:54:29 +0000

Rijopleiding vereist bij proef met B-rijbewijs voor zware bestelauto

Volledig elektrische bestelauto’s tot 4.250 kilo kunnen in de loop van dit jaar worden bestuurd met rijbewijs B in plaats van C. Naar verwachting gaat de nieuwe vrijstellingsregeling op 1 november in, meldt Transport en Logistiek Nederland (TLN). Bestuurders hebben hier wel een aanvullende rijopleiding van vijf uur nodig.

Steeds vaker worden bedrijven in stedelijke gebieden door elektrische bestelauto’s bevoorraad. De auto’s worden omgebouwd tot elektrische voertuigen, maar vanwege het batterijpakket loopt het gewicht op tot boven de grens van 3.500 kilo, waarmee deze alleen nog maar met een C-rijbewijs mogen worden bestuurd.

Rijopleiding

De nieuwe vrijstellingsregeling start naar verwachting op 1 november van dit jaar. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft dit bekendgemaakt aan TLN. ​De nieuwe regeling geldt voor volledig elektrisch aangedreven bestelauto’s (zonder aanhangwagen) tot een gewicht van 4.250 kg.

Op basis van de nieuwe regeling mogen deze voertuigen met een B-rijbewijs worden bestuurd. Bestuurders hebben daarvoor wel een aanvullende rijopleiding van vijf uur nodig. Momenteel wordt nog bekeken hoe deze opleiding er precies uit komt. “We zijn hiervoor nog in gesprek met het ministerie”, vertelt Quinten Snijders, woordvoerder van TLN. “Het CBR en TNO zijn hier ook bij betrokken. Wel is duidelijk dat de aanvullende opleiding door de rijschoolbranche verzorgd gaat worden.”

Proef

Nederland heeft voor de nieuwe regeling toestemming gekregen van de Europese Commissie. Het gaat om een proef die alleen in Nederland geldt en loopt tot 31 december 2022. Het ministerie is inmiddels druk bezig met de benodigde wijzigingsbesluiten voor het aanpassen van de rijbewijsregelgeving, meldt TLN.

Ook loopt er ook een Europees traject inzake wijzigingsvoorstellen voor de Europese rijbewijsregelgeving. De wijzigingsvoorstellen hebben onder andere betrekking op de vrijstelling van het C-rijbewijs voor voertuigen met een alternatieve aandrijflijn tot 4.250 kg. Volgens TLN zal de proef die tot eind 2022 loopt door deze nieuwe EU-rijbewijsregelgeving voor een langere termijn gelden.

Belangrijke stimulans

TLN is blij met de vrijstellingsregeling voor elektrische bestelauto’s. De organisatie ziet het als een belangrijke stimulans om de inzet van volledig elektrische bestelauto’s te versnellen om zo de uitstoot van schadelijke emissies en broeikasgassen te verminderen.

Lees ook: Proef met B-rijbewijs voor elektrische bestelauto boven 3.500 kg

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 19 Apr 2018 08:41:58 +0000

Agenten krijgen rijopleiding in nieuwe Audi vanwege topsnelheid

Politiemedewerkers krijgen een speciale rijopleiding in de nieuwe Audi A6. Deze auto wordt gebruikt als interventievoertuig en gaat de huidige Volvo’s V70 vervangen. Vanwege de topsnelheid en het doel waarvoor de auto’s worden ingezet, komt er een speciale rijopleiding voor de agenten die deze auto gaan besturen.

De komende jaren worden de huidige Volvo’s V70 vervangen door snelle Audi’s, om precies te zijn de Audi A6 3.0 TDI Avant Quattro S-tronic. Deze moet ervoor zorgen dat de politie beter opgewassen is tegen criminelen die  over de snelwegen razen. De politie doelt met name op de ram- en plofkrakers en daders van andere zware delicten in snelle voertuigen. De eerste nieuwe Audi’s worden over enkele maanden in gebruik genomen

Rijopleiding

Niet elke politiemedewerker mag zomaar de weg op met de Audi, vanwege de hoge topsnelheid en het doel waarvoor de auto’s worden ingezet. Momenteel werkt de politie aan een speciale rijopleiding voor de medewerkers die de Audi’s gaan besturen. De Landelijke Eenheid en vijf andere eenheden (Amsterdam, Midden-Nederland, Zeeland-West-Brabant, Den Haag en Rotterdam) gaan hierin rijden. Mogelijk komen daar nog meer eenheden bij.

Snelheidsduivels

De Audi heeft, inclusief aerodynamische lichtbalk en andere in- en opbouw, een topsnelheid van 250 kilometer per uur. Toch zijn er criminelen met auto’s die nog sneller zijn, erkent Egbert-Jan van Hasselt, landelijk projectleider Infrastructuur van de politie: “Maar het is meer dan alleen gas geven. Ik durf te beweren dat wij vele malen beter in zo’n snelheidsduivel kunnen rijden dan de gemiddelde crimineel. We kunnen ze dan in ieder geval op een veilige manier volgen en collega’s bijpraten, waardoor bijvoorbeeld de helikopter erbij kan komen of we andere interventies kunnen toepassen. Daarmee vergroten we de pakkans.”

Lees ook: Rijden met voorrangsvoertuig politie: ‘Als het misgaat, hang je’

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 03 Apr 2018 09:23:57 +0000

Instructeurs zetten met ludieke actie CBR-examinatoren in het zonnetje

‘Dit CBR verdient een standbeeld’. Dat zien examenkandidaten deze week als ze wegrijden bij het CBR in Berkel-Enschot. Op de rotonde tegenover het examencentrum staan vijf opgedirkte poppen met de voornamen van examinatoren die werkzaam zijn bij het CBR. De examinatoren van het CBR zijn onderworpen aan de jaarlijkse traditie: een goede 1 april-grap. “We wilden de examinatoren een hart onder de riem steken,” vertelt mede-initiatiefnemer Boudewijn Pijnappel.

Het idee ontstond tijdens een bestuursvergadering van de belangenvereniging voor rijschoolhouders in Berkel-Enschot. De 55 instructeurs vonden dat het CBR wel eens in het zonnetje gezet mocht worden. “Hoewel de wachttijden van het CBR vaak negatief in het nieuws zijn, waarderen wij het enorm dat veel examinatoren overwerken om de wachttijden terug te dringen.” Pijnappel ziet het als een knipoog naar het CBR.

De tekst gaat verder onder de foto

Dit CBR verdient een standbeeld

Stropdas en colbert

De levensgrote poppen zijn, net als de examinatoren bij het CBR, herkenbaar. Ze dragen een colbert en een stropdas. Daarnaast wijzen ze allerlei verschillende kanten op, iets wat nog dagelijks voorkomt op het praktijkexamen. Ook hangt er een lijst met ongeveer 30 voornamen van de examinatoren die bedankt worden voor hun inzet. “We hebben een lijst gemaakt van examinatoren die wij kennen, maar we willen niemand buiten sluiten”, aldus Pijnappel. “Er is natuurlijk ook een vrouwelijke examinator, want ook die willen wij ook bedanken.”

De levensgrote figuren zijn ooit ontworpen door plaatselijk kunstenaar Harm Jan Vrolijk om de voorbijgangers welkom te heten. Eens in de zoveel tijd worden de poppen omgedoopt tot bekende personen, zo vertelt Pijnappel. “Je ziet vaak dat bepaalde clubs rond carnaval grappen uithalen met de beelden, daar kwam ook ons idee vandaan.”

Leuke reacties

De belangenvereniging heeft de foto’s inmiddels doorgestuurd naar de examenmanager in Berkel-Enschot. “We denken niet dat het verkeerd valt, want we hebben een goede verstandhouding met de examinatoren. Natuurlijk hopen we op leuke reacties.” Examinatoren moet nog even wachten totdat het paasweekend is afgelopen totdat ze zelf kennis maken met hun evenbeelden. De modellen blijven tot uiterlijk woensdagavond staan.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Willem de Hoog
Publicatie datum: Sun, 01 Apr 2018 10:50:07 +0000

KNMV: nog te weinig aandacht voor gehoorschade bij motorrijlessen

Opnieuw waarchuwt de Koninklijke Nederlandse Motorrijders Vereniging (KNMV) nieuwe motorrijders voor gehoorschade. Blootstelling aan het harde geluid van windruis op de motor kan namelijk al binnen 7 minuten permanente schade aanrichten. De KNMV vindt dat een rijinstructeur hier tijdens motorrijlessen meer aandacht aan moet besteden. 

In 2017 hebben ruim 24 duizend mensen hun motorrijbewijs gehaald, zo blijkt uit cijfers van het CBS. De KNMV en Alpine Hearing Protection juichen deze groei toe, maar willen de nieuwe generatie motorrijders tegelijkertijd behoeden voor gehoorschade.

Onwetendheid

Arjan Everink, hoofd Verkeer en Opleiding bij de KNMV, denkt dat het probleem onderschat wordt. “Gehoorschade als gevolg van blootstelling aan windruis op de motor komt vaker voor dan je denkt. Vooral motorrijders die net hun rijbewijs op zak hebben, weten vaak niet dat het verstandig is motoroordoppen te dragen tijdens het rijden. Zij staan hier pas bij stil als ze last krijgen van hun gehoor. Maar wanneer je een piep in je oren hebt of minder goed gaat horen, is de schade al aangericht.”

Het beschermen van het gehoor is een vast agendapunt van de belangenvereniging voor motorrijders. “Voorlichting over gehoorschade zou een vast onderdeel moeten zijn van het adviserende pakket wat je tijdens je motorrijlessen ontvangt”, zegt Everink. “Op dit moment wordt hier in mijn beleving nog te weinig aandacht aan besteed. En dat terwijl de boodschap zo simpel is. Draag oordopjes en geniet nog veel langer van je gehoor en motorritten.”

Motorhelm niet voldoende

Alpine Hearing Protection voorziet jaarlijks duizenden motorrijders van gehoorbescherming. Oprichter en eigenaar Peter de Roode: “De afgelopen jaren hebben we al flinke stappen gezet op het gebied van gehoorbescherming voor motorrijders. Toch zien we dat nog veel mensen denken dat zij met een motorhelm al voldoende beschermd zijn. Helaas loop je ook met een helm kans op een permanente piep in je oren.”

Met een snelheid van 120 kilometer per uur lopen motorrijders al binnen 7 minuten kans op gehoorschade. Vaak merken zij pas na verloop van tijd de schade of de blijvende piep op. “En dan ben je te laat”, aldus De Roode, “Gehoorschade is namelijk niet te genezen, maar gelukkig wel te voorkomen met oordoppen. Met name universele oordoppen zijn zeer betaalbaar. Ze voorkomen niet alleen oorsuizen, maar je kunt je ook beter concentreren op de weg en je raakt minder snel vermoeid. Het heeft alleen maar voordelen, er zijn echt geen redenen om zonder gehoorbescherming op de motor te stappen.”

Lees ook: ‘Rijinstructeurs moeten waarschuwen voor gehoorschade’

Wil je ook elke week de gratis nieuwsbrief van RijschoolPro ontvangen? Vul hier jouw e-mailadres in:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 30 Mar 2018 08:39:04 +0000

Eerste theorieboek voor rijden met zelfrijdende auto

Als eerste uitgeverij komt Verjo met een theorieboek dat helemaal gericht is op het rijden met een zelfrijdende auto. Het boek ‘Wegwijzer: zelfrijdende auto’ legt op een heldere manier uit welke stappen moeten worden genomen voor het deelnemen aan het verkeer met een zelfrijdende auto.

Update: het theorieboek van Verjo betreft een 1 aprilgrap, in samenwerking met RijschoolPro. Wie het boek besteld heeft krijgt wel degelijk een exemplaar, maar het gaat om een leeg notitieboek.

De techniek voor zelfrijdende auto’s ontwikkelt zich in een hoog tempo. In Amerika wordt al volop getest met autonome voertuigen door onder meer het Google-zusterbedrijf Waymo, Uber en General Motors. Ook in Nederland zijn er diverse experimenten.

Het kabinet maakt het zelfs mogelijk om testen uit te voeren met een zelfrijdende auto zonder dat daar een bestuurder in aanwezig is om in te grijpen. De overheden zijn daarom druk bezig met het implementeren van nieuwe wetgeving op het gebied van zelfsturende auto’s.

Rijschoolbranche

Toch gaat het niet alleen om experimenteren. Nieuwe voertuigen worden nu al steeds vaker standaard uitgerust met functies voor (semi-) autonoom rijden. Volgens Chris Verstappen, directeur van Verjo, moet de rijschoolsector aan de slag met deze ontwikkelingen. “Als ondernemers in de rijschoolbranche moeten we ervoor zorgen dat we ook over tien, twintig jaar nog steeds relevant zijn voor de maatschappij. We moeten ook dan een boterham kunnen verdienen”, aldus Verstappen.

“De taak van de rijinstructeur gaat veranderen”, vervolgt Verstappen. “Maar dit is niks nieuws in de geschiedenis van rijonderricht. Begin vorige eeuw was een rijinstructeur meer monteur dan instructeur. Tegenwoordig zijn we doorgegroeid naar instructeurs met het accent op coachen. In de toekomst zal er veel meer aandacht gaan naar de bediening en inschatten van de beperkingen van intelligente driving-systemen. Een ontwikkeling die we al bij ADAS zien, al is dit nog maar een kleine stap in de toekomst. De grote stappen zullen de komende jaren genomen worden.”

Het is daarom noodzakelijk dat bij de aanpassing van de Wet Rijonderricht Motorrijtuigen rekening wordt gehouden met de komst van zelfrijdende voertuigen, meent Verstappen. Na suggesties vanuit de branche ligt de bal nu bij het ministerie. Dat moet met een nieuw wetsvoorstel komen om de huidige WRM te vervangen. “Een WRM die toekomstbestendig is.”

Bestellen

Het studieboek is in het Nederlands verkrijgbaar via Verjo. Geïnteresseerden kunnen deze voor 4,95 euro (incl. btw) bestellen via de website van Verjo of telefonisch. In België wordt het product uitgegeven door Wees Wegwijs en Connaître et conduire.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 29 Mar 2018 07:13:22 +0000

Politie-instructeur verantwoordelijk voor ongeval tijdens rijles

De kantonrechter in Den Haag heeft een rijinstructeur van de politie een geldboete van 250 euro opgelegd. De agent is als juridisch bestuurder verantwoordelijk voor een ongeval met een lesauto van de politie en een personenauto in Hazerswoude-Dorp. Hierbij raakte een bestuurder van een personenauto gewond.

Het ongeval gebeurde in april 2016. De instructeur en zijn leerling naderden met een snelheid van ongeveer 70 kilometer per uur een T-kruising op de Hoogeveenseweg. Ter plaatse gold een maximumsnelheid van 50 kilometer per uur. Op die kruising wilden zij keren maar raakten daarbij in botsing met een andere auto. De inzittende van de personenauto liep hierbij letsel op.

Zicht belemmerd

Volgens de Officier van Justitie was het onverantwoord om daar te keren, aangezien het zicht werd belemmerd door een vrachtauto. De politieauto had bovendien voorrang moeten verlenen aan de personenauto. Omdat de rijinstructeur tijdens het geven van rijles als juridische bestuurder wordt gezien -de agent die rijles kreeg is de feitelijke bestuurder- wordt hij verantwoordelijk gehouden.

De rijinstructeur verklaarde onder meer dat de cursist kort voor het ongeval tweemaal een ingreep had gehad. Hij gaf de cursist de instructie om heel voorzichtig weg te rijden, terwijl de instructeur zelf met zijn voet boven het rempedaal zat. Hiermee zou hij voldoende zorg hebben betracht. Hij was bovendien van mening dat hij de ruimte moet hebben om zijn cursist fouten te laten maken. Ook was het volgens hem onmogelijk om op tijd in te grijpen.

Eerder ingrijpen

De kantonrechter is het hier niet mee eens. Hij is van oordeel dat de verdachte ‘een ongeoorloofde gedraging heeft begaan’. De instructeur had eerder kunnen en moeten ingrijpen, concludeert de rechter, die meegaat in de eis van de Officier van Justitie en de instructeur een geldboete oplegt van 250 euro.

Lees ook: Taakstraf voor rijinstructeur die leerling (17) betastte

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 28 Mar 2018 14:48:49 +0000