Rijschoolhouder filmt levensgevaarlijke inhaalactie

Een video van rijschoolhouder uit Westerhaar is afgelopen weekend volop gedeeld op sociale media. Op het filmpje is een inhaalactie te zien van een automobilist. De bestuurder weet de tegemoetkomende vrachtauto maar net te ontwijken.

Instructeur Ralf Profijt reed samen met zijn leerling tussen Almelo en de Witte Paal, toen ze de gevaarlijke actie al aan zagen komen. De automobilist voor hen trok zich niets aan van de doorgetrokken strepen op de weg. “Zo krijg je dus ongelukken”, concludeert Profijt in het filmpje (onderaan artikel).

De rijschoolhouder heeft de inhaalactie bewust gefilmd, vertelt hij tegen de regionale krant Tubantia: „Enerzijds om aan mijn leerlingen te kunnen laten zien wat er zoal op de weg gebeurt, anderzijds om het op mijn Facebookpagina te zetten en het thema verkeersveiligheid op de N36 warm te houden.”

Dat Profijt de bestuurder een ‘mongool’ noemt in het filmpje, gebeurde in the heat of the moment. “Dat was niet de netste en juiste benaming. Het gaat mij erom dat dit soort inhaalacties onder de aandacht komen. Want het had veel erger kunnen aflopen.”

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Mon, 07 Jan 2019 12:54:11 +0000

Minder instructeurs gezakt voor praktijkbegeleiding IBKI

Van de rijinstructeurs die vorig jaar hun praktische examen moesten afleggen bij IBKI, is 1 procent gezakt voor de derde praktijkbegeleiding. Het gaat om 23 instructeurs. Dat zijn er minder dan voorgaande jaren: in 2017 zakte nog 1,9 procent (42 instructeurs) en in 2016 ging het om 1,6 procent (37 personen).

In totaal moesten 2.292 instructeurs vorig jaar de praktijkbegeleiding afleggen, blijkt uit cijfers van IBKI die zijn opgevraagd door RijschoolPro. Instructeurs die zakken voor hun praktijkbegeleiding verliezen na zeven dagen hun WRM-bevoegdheid.  Om weer les te mogen geven moeten zij een herintrederstraject volgen, waarbij ze opnieuw examen afleggen bij IBKI. Gemiddeld duurt dat traject vier tot zes weken.

Veranderingen bij praktijkbegeleiding

In de toekomst gaat de praktijkbegeleiding op meerdere punten veranderen. Verkeersminister Cora van Nieuwenhuizen stelde in de gewijzigde Wet Rijonderricht Motorrijtuigen, die in december door de Tweede Kamer werd aangenomen, al voor om de termijn van het verliezen van de WRM-pas te verlengen van zeven dagen naar acht weken. Hierdoor moet de instructeur meer ruimte krijgen om zijn bevoegdheid terug te krijgen.

Maar het amendement dat is aangenomen, gaat nog een stap verder. Dat regelt dat een instructeur zijn bevoegdheid helemaal niet meer verliest na het zakken voor de praktijkbegeleiding. In plaats daarvan moet de hij verplichte bijscholing volgen over de onderwerpen waarop hij gezakt is. Binnen zes maanden moet hij weer opnieuw een praktijkbegeleiding afleggen. Zakt hij weer, dan moet hij opnieuw binnen zes maanden terugkomen. Dit traject kan eindeloos herhaald worden. Ondertussen behoudt hij zijn WRM-bevoegdheid.

Andere invulling

Een andere aangenomen motie moet zorgen voor een nieuwe invulling van de praktijkbegeleiding, ‘waarin de behoeften van de rijinstructeurs centraal staan, de dagelijkse praktijk goed wordt gewaarborgd en er geen sprake is van voorspelbare examens’. Hier heeft de Tweede Kamer unaniem mee ingestemd.

Verder wordt het aantal praktijkbegeleidingen teruggebracht van twee naar één per vijf jaar. Bovendien wordt het meenemen van een echte leerling bij de praktijkbegeleiding verplicht. Wanneer deze veranderingen precies worden doorgevoerd, is nog onduidelijk.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 10 Jan 2019 08:43:15 +0000

Poll: ga jij je aanmelden voor het Rijleskeurmerk?

De eisen zijn gepubliceerd en ook de kosten zijn bekend. Nu is het afwachten hoeveel animo er is voor het Rijleskeurmerk. Na de aankondiging ervan in september, is het keurmerk al vaak onder de aandacht gebracht. Afgelopen week besteedde het televisieprogramma Radar nog een item aan dit initiatief. RijschoolPro is benieuwd hoe de rijschoolbranche tegenover dit keurmerk staat.

Al vanaf de eerste berichten over het keurmerk is een flinke discussie ontstaan onder instructeurs. Lang niet iedereen is positief over het initiatief. Met name de kosten lijken rijscholen af te schrikken. Een rijschoolhouder zonder personeel betaalt jaarlijks gemiddeld 280 euro. Lees hier meer over het keurmerk.

Sinds kort kunnen rijscholen zich aanmelden voor het keurmerk. RijschoolPro is benieuwd wat de branche gaat doen. Vul onze poll in:

Ga jij je rijschool aanmelden voor het Rijleskeurmerk?

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 09 Jan 2019 15:25:58 +0000

Bezorgscooter botst veel vaker dan privébrommer

Bestuurders van bezorgbrommers rijden bijna zes keer vaker schade dan die van privébrommers. Het gemiddelde schadebedrag ligt ook nog eens 75 procent hoger. Dat schrijft het ANP, na conclusies van Veilig Verkeer Nederland. Sommige opleiders spelen hier al op in door middel van een opfriscursus voor maaltijdbezorgers.

Veilig Verkeer Nederland analyseerde cijfers van verzekeraar de Vereende, die relatief veel bezorgbrommers verzekert. In 2017 kwamen 46 brom- en snorfietsers (inclusief brommobielen) om het leven, 7 procent van het totale aantal verkeersdoden dat jaar. Het gedrag in het verkeer, zoals afleiding, te hoge snelheid of het niet verlenen van voorrang, is vaak de oorzaak van ongevallen, blijkt volgens VVN. “Het feit dat brom- en snorfietsen evenwichtsvoertuigen zijn die de berijder geen bescherming bieden bij een ongeval draagt ook bij aan het hoge ongevalsrisico van brom- en snorfietsers”, aldus de organisatie.

Snelheid begrenzen

VVN en de Vereende bedachten samen vijf ‘gouden gedragsregels’ voor brommerkoeriers, waar een campagne voor is bedacht. Een van die regels is dat koeriers rustig rijden en zich aan de verkeersregels houden. VVN-directeur Alphons Knuppel denkt verder dat onder meer het betalen van bezorgers per uur in plaats van per bezorging, het begrenzen van de snelheid van bezorgscooters en het inzetten van meer bezorgfietsen zouden kunnen helpen.

Kansen rijscholen

Sommige rijscholen hebben al op dit probleem ingespeeld, door het aanbieden van opfriscursussen voor maaltijdbezorgers. Ook de Koninklijke Nederlandse Motorrijders Vereniging (KNMV) biedt dergelijke cursussen aan. Veronica Verkeersschool uit Utrecht had enkele jaren geleden een vergelijkbaar project. Toen kregen 1.500 scooter-postbezorgers van PostNL een specifieke training, aanvullend op hun bromfietsrijbewijs.

Frank Hoornenborg, voorzitter van Bovag Rijscholen, schreef onlangs in een column over kansen die de problemen met maaltijdbezorgers kunnen bieden voor rijscholen.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 09 Jan 2019 11:54:36 +0000

‘Vals informeren met slagingspercentages is schering en inslag’

Rijscholen misleiden klanten met hogere slagingspercentages dan zij daadwerkelijk hebben. Dat kwam naar voren in het televisieprogramma Radar. De redactie deed een steekproef bij 53 rijscholen. Daarvan gaven er 27 uiteindelijk een hoger slagingspercentage aan dan zij daadwerkelijk hebben. Het CBR roept consumenten op om altijd de objectieve slagingspercentages van het CBR te raadplegen.

Van de rijscholen die Radar belde, gaven zeventien in eerste instantie aan dat ze niet wisten wat hun slagingspercentage was. “Totaal ongeloofwaardig”, zegt Ruud Rutten. “Iedere rijschool krijgt van het CBR elk kwartaal de nieuwe cijfers van zijn slagingspercentages”. Rutten schrikt niet van deze cijfers. “Het vals informeren met slagingspercentages is schering en inslag.”

Misleiding

Volgens Rutten gaan consumenten vaak af op cijfers van website of uit advertenties van rijscholen. Dat bleek onlangs ook uit onderzoek van het CBR: bijna de helft van de jongeren haalt informatie over het slagingspercentage van de sites van rijscholen.

“Als het heel erg afwijkt is dat jammer, en kun je misschien zeggen dat het leidt tot misleiding”, vertelt CBR-woordvoerster Dingeldein in de uitzending. Dat dit misleidend is, is ook de conclusie van de Reclame Code Commissie

Spookrijscholen

Er worden meer misstanden genoemd. Zoals de rijscholen die een verdienmodel maken van examens, en daarom hun leerlingen te vroeg naar examen sturen. Ook de dubbele inschrijvingen komen aan bod; dit wordt door de rijschool vaak gebruikt om de goede leerling onder de rijschool met het hoge slagingspercentage examen laat doen.

“De concurrentie is moordend. De eerlijke rijsinctructeur kan niet meer op een normale manier een boterham verdienen of zijn beroep uitoefenen”, aldus Rutten. Hij benadrukt de stappen die volgens hem nodig zijn om de misstanden aan te pakken: “Begin bij de instroming, opleiding en begeleiding.”

Rijleskeurmerk

Ook het Rijleskeurmerk kwam aan bod in de uitzending. Zo werd René Ungerer, directeur van Centrum voor Certificatie, gevraagd hoe het keurmerk omgaat met het slagingspercentage. Ungerer vertelde dat rijscholen niet in aanmerking komen voor het keurmerk als zij met deze gegevens sjoemelen.

Dat keurmerk-rijscholen tien procent onder het gemiddelde percentage mogen zitten, noemt presentatrice Antoinette Hertsenberg een ‘lage ambitie’. Volgens Ungerer is hier onder meer voor gekozen omdat sommige rijscholen gespecialiseerd zijn in bepaalde leerlingen, zoals jongeren met autisme. Die hebben volgens Ungerer te maken met lagere slagingspercentages.

Vrijblijvendheid

Rutten noemt het keurmerk ‘een goed initiatief’. “Ik weet alleen dat een groot gedeelte van de branche niet volwassen genoeg is om hiermee om te gaan. Vrijblijvendheid is niet genoeg.” Ook is minister Cora van Nieuwenhuizen om reactie gevraagd. “Het is goed dat er vanuit de branche wordt gewerkt aan een certificeringssysteem met een keurmerk. Daarmee kan de markt een duidelijk signaal afgeven en klanten helpen om een goede keuze te maken”, aldus de bewindsvrouw.

Een verplichting ziet ze nu niet zitten. Ze meldt dat het ministerie in gesprek is met CBR, IBKI en brancheorganisaties FAM, VRB en Bovag over extra maatregelen om het wangedrag van rijscholen aan te pakken. “We kijken eerst welk effect dat heeft en vervolgens wat er verder nodig is om de problemen in de sector aan te pakken.”

Bekijk hier de uitzending terug of lees het artikel met reacties de branche.

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 08 Jan 2019 09:27:10 +0000

Nieuwe Hyundai kan worden geopend en gestart met vingerafdruk

Hyundai heeft een primeur met de vingerafdrukscanner voor de auto. Hiermee kunnen automobilisten de deuren openen en de motor starten. Deze techniek wordt als eerste geintegreerd in de Hyundai Santa Fe die in het eerste kwartaal van 2019 op de markt komt.

Om het voertuig te kunnen ontgrendelen moet de bestuurder een vinger op de sensor op de deurhendel plaatsen. Als de vingerafdruk wordt herkend, kunnen de portieren geopend worden. Om de motor te starten is ook de startknop voorzien van een vingerafdrukscanner.

Persoonlijke instellingen

Met deze technologie kunnen ook persoonlijke instellingen worden gekoppeld aan de vingerafdrukgegevens, zoals de positie van de bestuurdersstoel en de buitenspiegels die dan automatisch in de goede stand gezet worden. Hyundai wil de techniek in de toekomst verder uitbreiden, zodat ook de temperatuur, de positie van het stuurwiel en allerlei andere persoonlijke instellingen aan een vingerafdruk kunnen worden gekoppeld.

Volgens de autofabrikant is Hyundai de vingerafdrukscanner betrouwbaarheid en veilig dankzij ‘capacitieve herkenning’, waarmee verschillende delen van de vingertop worden herkend: “De kans dat een andere vingerafdruk wordt herkend dan die van de bestuurder is slechts 1 op 50.000. Daarmee is de vingerafdrukscanner vijf keer effectiever dan een conventionele autosleutel en slimme keyless-startsystemen. Bovendien wordt het systeem bij iedere vingerafdrukscan geüpdatet door het ‘Dynamic Update’-systeem om het herkenningspercentage te vergroten.”

Lees ook: Elektrische auto’s moeten geluid maken voor blinden

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 27 Dec 2018 10:05:38 +0000

‘Extra kosten voor scholingstraject is minachting voor de rijschoolbranche’

De VRB maakt zich zorgen over het traject waar de Wet Rijonderricht Motorrijtuigen (WRM) in lijkt te komen. Een groot gedeelte van de rijinstructeurs is ontevreden omdat de verplichte, tweede praktijkbegeleiding voorlopig in stand blijft, stelt secretaris Irma Brauers. “Bovendien vind ik het schandalig dat de politiek heeft beslist om de verplichte bijscholing na een onvoldoende praktijkbegeleidingstraject heel duur te maken, alsof dat de manier is om de rotte appels uit de branche te halen. Dit is minachting richting de rijschoolbranche.” 

Brauers doelt op het amendement dat eerder deze maand is aangenomen. Het amendement van SP, gesteund door CDA, PVV en D66, houdt in dat een rijinstructeur zijn bevoegdheid niet verliest bij het ‘zakken’ voor zijn praktijkbegeleiding. In plaats daarvan moet de instructeur verplichte bijscholing volgen over de onderwerpen waarop hij gezakt is. Binnen zes maanden moet hij weer opnieuw een praktijkbegeleiding afleggen. Zakt hij weer, dan moet hij opnieuw binnen zes maanden terugkomen. Dit traject kan eindeloos herhaald worden. Ondertussen behoudt hij zijn WRM-bevoegdheid.

Het aannemen van het amendement zorgt ervoor dat de overige wijzigingen in de wet ook langer op zich laten wachten, zoals het afschaffen van de verplichte, tweede praktijkbegeleiding.

Prijskaartje

“In de nieuwe wet staat tot nu toe niets meer of minder dat je als instructeur na drie onvoldoende praktijkbegeleidingen verplicht scholing moet volgen afgestemd op de punten waarop je tekort schiet. In de praktijk gaat dit neerkomen op een traject dat dus één op één moet worden gemaakt”, aldus Brauers. “Dat je dus geen medecursist hebt maar dat het gecertificeerde opleidingsinstituut aantoonbaar de kennis, kunde en vaardigheden in huis moet hebben om dit voor je te verzorgen. Het prijskaartje dat hieraan gehangen wordt zal niet mals zijn.” Wie dit bijscholingstraject niet in wil gaan, zal alsnog zijn bevoegdheid verliezen.

“De politiek denkt kennelijk dat rijinstructeurs alleen maar getriggerd worden als iets geld kost. Dat vind ik schandalig. En wat hebben we hier nu mee bereikt op het gebied van professionalisering van de branche?” Brauers vermoedt bovendien dat hier de komende verkiezingen voor de Provinciale Staten bij meespelen. “Want het is opvallend dat na de stemming over de WRM en het amendement, geen van de vier partijen heeft aangegeven over hoe de praktische invulling eruit moet komen te zien.”

Beginnen bij fundamenten

Volgens Brauers dringt bij instructeurs hoe langer hoe meer het besef door dat oorspronkelijk voorgestelde bijscholingstraject, inclusief de praktijkbegeleidingen, wellicht toch minder ongunstig waren dan hetgeen er nu aangenomen is in het amendement. De minister en de brancheverenigingen wilden de sanctie voorlopig behouden. Wel was het voorstel om het aantal praktijkbegeleidingen per vijf jaar terug te schroeven van twee naar één. Ook moeten instructeurs een echte rijbewijsleerling bij de praktijkbegeleiding meenemen en gaat de examinator bepalen wat een logisch lesonderdeel moet zijn.

“Natuurlijk deed een groot gedeelte van de bijscholingen niet wat men in 2009 er van verwacht had, daar waren we al lang van overtuigd. Daarom moest er iets aan veranderen. De brancheverenigingen hebben al luisterend en aftastend bij de leden hier regelmatig naar gevraagd en ondanks het feit dat iedereen hoog inzette om de sanctie er van af te krijgen, waren we de mening toegedaan dat je eerst aan de fundamenten moest beginnen. Ook de enquête van Verkeerspro waarop 2466 personen reageerden, onderschreef deze mening.”

Totdat de nieuwe wet gepubliceerd is in de Staatscourant blijft alles voorlopig zoals het is, met voor instructeurs die niet in één keer kunnen laten zien dat ze de praktijkbegeleiding met voldoende resultaat hebben behaald, in ieder geval nog 2 kansen voordat men een herintrederstraject in moet. “Zonder bijkomende kosten en tijd die je opgelegd krijgt om verplichte scholing te volgen.”

Verplicht naar de opleiders

“En wat men zich wellicht ook niet gerealiseerd heeft dat de groep instructeurs die niet door de eerste praktijkbegeleiding heen komt vele malen groter was dan die 26 personen in 2017 die uiteindelijk voor het herintrederstraject in aanmerking kwamen”, vervolgt Brauers. “In 2017 scoorde 35 procent voor de eerste praktijkbegeleiding een onvoldoende. Dan kan natuurlijk te maken hebben dat men dit een voor “spek en bonen” praktijkbegeleiding vond, maar bij een tweede poging waren het toch nog steeds 7 procent van de kandidaten die onvoldoende scoorden. In absolute getallen 116 personen. Hiervan is niet duidelijk of zij zich voor die tweede praktijkbegeleiding hadden voorbereid door een cursus te volgen bij een opleidingsinstituut.”

Dan zijn er ook nog aanvullende regels aangenomen met de nieuwe WRM, zoals het meenemen van een echte rijbewijsleerling bij de praktijkbegeleiding en het feit dat de examinator bepaalt wat het logische lesonderdeel moet zijn. “Dat betekent dat deze aantallen gaan stijgen, terwijl er geen ‘vrijblijvende’ escape meer is. Je bent dus verplicht om naar een opleider te gaan, waarbij je als instructeur toch het zwaard van Damocles nog boven je hoofd hangt zoals overal in de stukken werd aangevoerd. Je mag dan wel blijven werken, maar het kostenplaatje en de tijd die je binnen zes maanden aan het bijscholen besteedt moet worden, is geen sinecure.”

“We hebben meerdere malen aangegeven dat de instructeurs die met passie en beleving van een leek een verantwoorde weggebruiker willen maken, met al (on)mogelijkheden die de kandidaten anno 2018-2019 nou eenmaal hebben, respect, aanzien en een belegde boterham verdienen. En dat ze niet nog een keer het kind van de rekening zijn en gedwongen worden om de leslokalen van de opleidingsinstituten te vullen.”

De leden van de VRB en de FAM hebben een schematisch overzicht ontvangen over de praktische invulling van het wijzigingsvoorstel.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 28 Dec 2018 12:10:00 +0000

‘Veel kansen voor ons als erkende opleiders in verkeersveiligheid’

Er liggen volop kansen voor rijschoolhouders wanneer zij zich als expert profileren op het gebied van verkeersveiligheid. Bovag schreef hier al over in het trendrapport dat onlangs werd gepubliceerd, maar voorzitter Frank Hoornenborg onderstreept dit ook in zijn eindejaarscolumn op RijschoolPro.

Iedereen in onze branche weet dat de markt voor autorijlessen strak staat van de concurrentie. Het is voor veel collega’s moeilijk om de verleiding te weerstaan om mee te gaan in een ‘race to the bottom’. Er is echter altijd weer iemand in de regio die meent toch weer goedkoper te kunnen zijn. De goedkoopste zijn is immers heel eenvoudig en voor iedereen te realiseren, al dan niet met alle bedrijfseconomische gevolgen van dien.

De beste zijn, dát is echter de uitdaging. En in deze tijden: de slimste en de meest innovatieve. Kijken we naar de actualiteit -en dan heb ik het even niet over alle gedoe en het politieke gekonkel rondom de WRM en de sanctie- dan liggen er ook voor rijschoolhouders eigenlijk nog best veel kansen in de huidige markt. Tenminste, als je jezelf profileert als expert op het gebied van verkeersveiligheid.

Regelmatig zeggen pizzaketens en andere maaltijdbezorgers dat ze hun scooterrijders op cursus willen sturen

We lezen immers wekelijks, of misschien wel dagelijks, over de risico’s in het verkeer voor bijvoorbeeld ouderen met een elektrische fiets of een scootmobiel. Onlangs berichtte Veilig Verkeer Nederland over de gebrekkige kennis bij landgenoten over de verkeersregels. Regelmatig zeggen pizzaketens en andere maaltijdbezorgers dat ze hun scooterrijders op cursus willen sturen, bang voor het imago van hun onderneming door roekeloos rijgedrag.

Oftewel: heel veel kansen en gaten in de markt voor ons als erkende opleiders in verkeersveiligheid. Er blijken ook voor rijscholen voldoende mogelijkheden voor differentiatie en onderscheidend vermogen, zolang we oog houden voor de actualiteit en de maatschappij, en verder kijken dan alleen maar de traditionele rijlessen.

Ik hoop dat u met een open blik 2019 tegemoet treedt en ik wens alle collega’s fijne feestdagen en een succesvol nieuw jaar toe!

Frank Hoornenborg, Bovag Rijscholen

Lees ook: De 10 trends in de rijschoolbranche volgens Bovag

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 28 Dec 2018 07:47:11 +0000

Rijleskeurmerk van start: eisen gepubliceerd

Om in aanmerking te komen voor het Rijleskeurmerk, mag het slagingspercentage van een rijschool niet meer dan 10 procent lager zijn dan het landelijk gemiddelde. Ook moet de rijschool minstens vijftien examens per kalenderjaar laten afleggen: een greep uit de eisen voor het Rijleskeurmerk die donderdag gepubliceerd zijn. Aanmelden voor het keurmerk is al mogelijk.

De eisen zijn donderdag gepubliceerd op de website van het Rijleskeurmerk. Deze lijst is opgesteld door Stichting LBKR, ‘belanghebbenden’ en het Centrum voor Certificatie, de instantie die het keurmerk heeft opgezet. Op 2 januari wordt het Rijleskeurmerk officieel gelanceerd, maar aanmelden is nu al mogelijk voor rijschoolhouders.

In januari wordt ook de eerste certificering uitgereikt aan drie rijscholen die in de testfase hebben meegedraaid. Rijscholen met dit keurmerk krijgen een eigen pagina op de website, mogen het logo gebruiken in hun uitingen en krijgen stickers voor op de lesvoertuigen en het kantoorpand.

Een aantal opvallende eisen op een rij:

Inschrijving en slagingspercentage

  • Om in aanmerking te komen voor het keurmerk, mag de rijschool geen dubbele inschrijvingsovereenkomst hebben onder een andere rijschool of rijinstructeur.
  • Het slagingspercentage van de rijschool mag verder niet meer dan 10 procent naar beneden afwijken van het landelijk gemiddelde. Bij een afwijking hiervan moet gemotiveerd worden wat de reden hiervan is.
  • De rijschool moet minimaal vijftien examens (eerste en herexamens) per kalenderjaar laten afleggen.

Eisen instructeur

  • De rijinstructeur dient in het bezit te zijn van een diploma waaruit blijkt dat het taalniveau minimaal 2F is of, in het geval van anderstaligen het ERK niveau NT2 – B2.
  • De rijinstructeur van het bedrijf dient een VOG t.b.v. rijinstructeur te overleggen van maximaal 1 jaar oud.

Rijinstructie

  • Het praktisch rijonderricht dient ter afwisseling zoveel mogelijk op verschillende tijdstippen te kunnen worden gevolgd waaronder tijdens de spitsuren.
  • Er dient te worden gestreefd naar het geven van instructie tijdens verschillende weersomstandigheden.
  • Er dient een evenwichtige verdeling te zijn van instructie binnen en buiten de bebouwde kom.
  • Stilstaan tijdens de rijles is uitsluitend toegestaan ten behoeve van educatieve doeleinden met betrekking tot de rijles. Het is de rijinstructeur niet toegestaan om de lesauto stil te zetten ten behoeve van zijn eigen pauze of om telefoonverkeer af te wikkelen, tenzij dit niet ten koste gaat van de rijlestijd van de leerling. Een sanitaire stop van de leerling of van de rijinstructeur of een pauzestop op uitdrukkelijk verzoek van de leerling ten behoeve van bijvoorbeeld een rook- of koffiepauze, wordt hier niet onder gerekend.
  • Ook is een lijst opgesteld met 37 verplichte lesonderdelen.

Bedrijfsvoering

  • De rijschool moet bereikbaar zijn. Dit kan worden gerealiseerd met behulp of door middel van een antwoordservice of een automatisch antwoordapparaat; e-mail, WhatsApp of een ander sociaal medium. De rijschool verplicht zich op werkdagen binnen 12 uur per telefoon, e-mail, WhatsApp of anderszins schriftelijk te reageren op verzoeken of vragen van reeds ingeschreven leerlingen
  • Bij onverwachte en langdurige verhindering draagt de rijinstructeur in overleg met de leerling zorg voor tijdige vervanging, de mogelijkheid de les in te halen, inschakeling van een andere Rijleskeurmerk gecertificeerde rijinstructeur of voor verplaatsing van de rijles.
  • Elke rijinstructeur brengt 1 keer per 12 maanden een bezoek van minimaal 3 uur aan een collega (ook deelnemer van het Rijleskeurmerk). Van deze 3 uur wordt minimaal 2 uur besteed aan het achterin meerijden met een collega.

Bekijk ook de volledige lijst met eisen.

Gedragscode

Ook is een gedragscode opgenomen voor rijschoolhouders en instructeurs. Hierin staat onder meer dat er niet wordt gediscrimineerd, dat er geen onzedelijk gedrag plaatsvindt, dat de lesauto schoon is en dat het slagingspercentage op de website van de rijschool actueel is en overeenkomt met het slagingspercentage op de website van het CBR.

Kosten

Voor opname in het register is er een eerste audit nodig, die 540 euro kost. Als er geen bijzonderheden zijn zal er vervolgens in het tweede en derde jaar een schriftelijke controle plaatsvinden. De schriftelijke controles kosten 150 euro, wat uitkomt op gemiddeld 280 euro per jaar. In het vierde jaar vindt er weer een herkeuring op locatie plaats, die gelijk is aan de initiële audit.

Per extra rijinstructeur bedragen de extra jaarlijkse kosten 45,-.  Bij meerdere vestigingen zijn de kosten afhankelijk van het aantal vestigingen. Rijschoolhouders kunnen ervoor kiezen om over drie jaar hetzelfde bedrag van 280 euro te betalen. De voorwaarde is dan dat zij zich voor minimaal drie jaar inschrijven voor het Rijleskeurmerk.

Controle

Niet alle eisen zijn even makkelijk te controleren. Er wordt immers niet met elke les meegereden om te kijken of de instructeur aan alle punten voldoet. “Toegegeven, het Rijleskeurmerk zal nooit helemaal waterdicht zijn”, vertelt voorzitter René Ungerer, directeur van Centrum voor Certificiatie. Wel gaat Ungerer ervan uit dat de manier van controleren het erg lastig zal maken om te frauderen. “We combineren veel gegevens met elkaar. Zo kijken we bijvoorbeeld in Top Online, pikken daar een leerling uit en daar mag de instructeur alle schema’s van laten zien.”

Het Rijleskeurmerk komt 7 januari aan bod bij het televisieprogramma Radar. Op 8 februari wordt uitleg gegeven over het keurmerk op de bijeenkomst van de LBKR.

Lees ook: Slagingspercentage zal stijgen door komst Rijleskeurmerk

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 27 Dec 2018 10:08:02 +0000

‘Minder verkeersslachtoffers? Dan ook kijken naar rijexamen’

Dat het een veelbewogen jaar was voor het CBR, kan geen enkele instructeur zijn ontgaan. Niet alleen vanwege de grote vraag naar examens en de inspanningen om de wachttijden te verkorten; onlangs is ook aangekondigd dat het praktijkexamen B gaat veranderen. Harold Bekhuis, manager Divisie Rijvaardigheid, schrijft erover in zijn eindejaarscolumn op RijschoolPro.

“De eerste dagen van het nieuwe jaar zijn aangebroken. Een mooi moment om terug te kijken op het bijzondere jaar 2018. Het bijzonder drukke jaar 2018. Waarin de rijschoolbranche en het CBR er in zijn geslaagd om zo’n 320.000 geslaagde leerlingen, van AM tot E bij B, veilig de weg op te laten gaan.

Heel fijn ook dat we veel goed opgeleide kandidaten zagen. De branche heeft het enorm druk gehad en het CBR heeft het enorm druk gehad. Voor het derde jaar op rij werken we over, dat zult u als rijinstructeur of rijschoolhouder ook in uw eigen bedrijf herkennen. Vanaf het voorjaar was het alle hens aan dek om te de afspraken over de reserveringstermijnen te halen. Wij weten dat kandidaten en u niet lang kunnen wachten op een herexamen. Onze focus ligt daar op, ook in drukke tijden.

Alleen al afgelopen jaar hebben we honderd nieuwe collega’s in opleiding genomen

Als u op een examencentrum komt zult u veel nieuwe gezichten zien. Alleen al afgelopen jaar hebben we honderd nieuwe collega’s in opleiding genomen. Enthousiaste en gedreven mensen, uit alle hoeken van de samenleving. Want u weet het ook. Heel Nederland roept om personeel, van ICT-ers, technici tot rijinstructeurs en rijexaminatoren. En dat maakt het niet gemakkelijk om de goede mensen te vinden. Want voor ons staat nog steeds als een huis, kwaliteit staat voorop. Heel fijn dat dat voor veel van u ook geldt!

We zagen in onze zoektocht naar nieuwe examinatoren heel veel goede mensen voorbij komen. Waar we niet mee verder konden omdat ze net niet aan onze harde eis voldeden: HAVO of diploma MBO 4. In juni hebben we de opleiding tot examinator door NLQF (internationale standaard QF) laten certificeren op dat niveau. Hierdoor kunnen ook mensen solliciteren die wél het vereiste werk- en denkniveau mbo4/havo hebben.

En dat is hard nodig om aan de stijgende vraag naar examens te voldoen. Komend jaar moeten er nog steeds nieuwe examinatoren bij, zo’n 70 schatten wij nu in. Want in 2019 zal het nog steeds druk zijn vooral in de maanden mei en juni.

Als we minder verkeersslachtoffers willen, moet je ook kijken naar de beginnende bestuurder en dus ook naar het rijexamen

Werk aan de winkel dus. Niet alleen door de grote vraag naar examens maar ook omdat de ontwikkelingen in onze wereld heel hard gaan. In maart komt er een update van het praktijkexamen B, een aanpassing van het huidige examen. U heeft daar al over kunnen lezen. Zoals u gewend bent geven we u de tijd om uw kandidaten daar op voor te bereiden.

In het Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030 noemt de minister van Infrastructuur en Waterstaat de vernieuwing van het examen. Als we minder verkeerslachtoffers willen, moet je ook kijken naar de beginnende bestuurder en dus ook naar het rijexamen.

Natuurlijk gaan we in de ontwikkelingen niet over een nacht ijs. Wij hebben bij het CBR niet alleen veel nieuwe examinatoren. Bij alle divisies staan professionals opgesteld om onze examens verder te verbeteren en te vernieuwen. En natuurlijk vernieuwen we het examen niet alleen. We werken samen met specialisten en wetenschappers van universiteiten en diverse organisaties. En natuurlijk trekken we hierin met de rijschoolbranche op. Want per slot van rekening staan wij samen aan de lat om onze klanten veilig de weg op te laten gaan. Vandaag en morgen.

Ik wens u een heel goed, verkeersveilig en gezond 2019 toe.”

Harold Bekhuis

Divisiemanager Rijvaardigheid.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 02 Jan 2019 10:55:59 +0000