Rinus Blom benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau

Rinus Blom, oprichter van Blom Verkeersschool in Etten-Leur, is donderdag benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. De inmiddels 76-jarige ondernemer kreeg deze onderscheiding mede vanwege zijn bijdrage aan de werkgelegenheid en economie in de regio.

Rinus Blom werd vandaag verrast met een bezoek van Miranda de Vries, de burgemeester van Etten-Leur. “Geweldig”, reageert Blom donderdagmiddag. Verder blijft hij vooral bescheiden. Het is voor hem sowieso een een bijzonder jaar, vertelt hij. Dit jaar viert het bedrijf namelijk zijn 50-jarig jubileum.

Paardensport

Naast zijn bijdrage aan de werkgelegenheid heeft Blom zijn benoeming ook te danken aan zijn inzet op het gebied van paardensport. Zoals zijn verdiensten voor Vereniging Koninklijk Warmbloed Paardenstamboek Nederland (KWPN) regio Noord-Brabant, de Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie (KNHS) en de Stichting PPS (Paard, Prestatie en Sport). Ook droeg hij bij aan het welzijn van paarden door het verbeteren van het vervoer van deze dieren.

Lees ook: Topdrukte bij rijopleidingen: speeddates bij Blom Verkeersschool

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 26 Apr 2018 14:03:47 +0000

NXXT reageert op kritiek: ‘Rijscholen moeten bij zichzelf te rade gaan’

‘Het zoveelste negatieve stukje, wanneer komt er een eind aan?’ Het is een vraag die Jan Catsburg en Bert Tevel, de directie van NXXT rijscholen, zich de afgelopen maanden regelmatig hebben gesteld. Ze hebben zelden gereageerd op de kritische verhalen over de franchiseformule. Nu willen ze ingaan op enkele uitspraken. 

De negatieve berichtgeving over de franchiseconstructie kwam op gang nadat Catsburg in het tv-programma Business Class beweerde dat een rijinstructeur bij NXXT meer dan een ton omzet per jaar kan draaien. Catsburg stelt dat bij NXXT twintig ondernemers zijn aangesloten die dit inmiddels hebben bereikt. “Dat bestaat niet, zeggen mensen dan, want jullie hebben een lesprijs van 29 euro. Maar het kan wél.”

Meerdere verdienpunten

Catsburg en Tevel tonen de financiën van de instructeurs die een ton omzet per jaar draaien. Jan Catsburg: “Zo zie je ook dat die omzet niet voortkomt uit 3.000 uur werken per jaar, maar uit een normale werkweek van 36 uur.” Uit een voorbeeld van NXXT blijkt dat een rijschool met een omzet van 100.000 euro een netto besteedbaar inkomen heeft van tussen de 2.700 en 2.900 euro per maand.

Kwaliteit hoeft niet altijd te betekenen dat de lesprijs drie keer zo duur is.

Past een aanbieding van 29 euro per les bij kwaliteit? “Dat is een interessante opmerking”, zegt Bert Tevel. “We hebben altijd gestaan voor een goede prijs-kwaliteitverhouding. Kwaliteit hoeft echter niet altijd te betekenen dat de lesprijs drie keer zo duur is. Er zijn natuurlijk meerdere verdienpunten in een rijopleiding, bijvoorbeeld de theoriepakketten of een examen. Bovendien komt onze prijs voort uit volume. Juist een rijschool met een slechte bezettingsgraad moet wel een hogere prijs rekenen om ook de niet gereden uren te dekken. Zo betaalt een consument dan feitelijk voor de ondermaatse bezettingsgraad van de rijschool, die het gevolg is van een slechte marketing en juist daar zijn wij goed in. We hebben een flink aantal leerlingen, dus kunnen we ook naar een lager tarief toe.”

Proeflessen

Daarnaast komt vaak de grote hoeveelheid gratis proeflessen naar voren die de instructeurs bij NXXT moeten rijden. “Proeflessen zien wij niet als probleem, maar als kans. Bovendien is dat aantal al wat aan het dalen omdat we steeds meer leerlingen rechtstreeks aan de instructeurs verkopen.” Volgens Catsburg worden er gemiddeld 170 proeflessen per week gepland, over 95 auto’s. Dat zouden er per rijschool dus 1 à 2 per week zijn.

Catsburg: “De kwaliteit van zo’n proefles is heel bepalend. Bij elke proefles wordt de motivatie van de leerling doorgenomen, voordat ze worden doorgestuurd naar een van de rijscholen. Het moeten geen funlessen zijn. Als wij iedereen een gratis proefles zouden geven, dan hebben we er 400 in de week. Maar tien procent toneelspelers, houd je altijd.”

Kritiek op contract

Catsburg was ook niet bepaald te spreken over een actie van Tweede Kamerlid Cem Laçin van SP. Vorige maand kaartte hij tijdens een overleg in de Tweede Kamer schijnzelfstandigheid aan in de rijschoolbranche. Hierbij hield hij een contract van NXXT in de lucht. “Hierin staan allerlei bepalingen waaraan rijscholen moeten voldoen”, meldde Laçin. “Een van die bepalingen is dat ze meer dan 1.000 euro per maand moeten afdragen om met de naam van deze organisatie te mogen rondrijden. Ongeacht het aantal uren dat ze lesgeven.”

Mensen die op 50-jarige leeftijd zonder werk komen te zitten, weten bij ons hun eigen broek op te houden en hebben volop plezier in hun werk.

“Je moet inderdaad duizend euro per maand betalen”, verklaart Tevel. “Maar wat hij vergeet te zeggen, is dat het een fixed fee is. Dat betekent dat als jouw omzet stijgt, en dat gebeurt bij vrijwel iedere franchisenemer gedurende die vijf jaar, dan wordt het verschil tussen wat jij overhoudt en aan fee betaalt, alsmaar groter, ten gunste van de franchisenemer. Dat is heel anders bij een variabele fee, waarbij we bijvoorbeeld tien procent van de omzet zouden vragen. Als jouw omzet groeit, zouden wij ook meer krijgen. Dát noem ik juist een wurgcontract.”

Tevel voegt daaraan toe: “Diezelfde meneer die met dat contract zwaait, zou ook eens moeten zien dat mensen  die op 50-jarige leeftijd zonder werk komen te zitten nu bij ons hun eigen broek weten op te houden en volop plezier hebben in hun werk.”

‘Smaad’

Er verschenen afgelopen maanden nog meer verhalen waarin kritiek werd geuit op de overeenkomsten tussen NXXT en de franchisenemers. Er zouden door NXXT prijzen worden genoemd die soms inclusief, soms exclusief btw zijn. Ook zouden instructeurs vastzitten aan een duur leasecontract voor de lesauto.

Catsburg en Tevel waren terughoudend met het reageren op deze verhalen. Ook op het verzoek van RijschoolPro, om de stelling van een ton omzet te onderbouwen met cijfers, hebben ze lange tijd niet gereageerd. “We waren al veroordeeld zonder proces door alle negatieve suggesties”, vertelt Catsburg. “Als je dan heel je formule moet gaan uitleggen en verdedigen, is de kans groot dat deze op een verkeerde manier geinterpreteerd zal worden. Ik wil open kaart spelen, maar niet als daar misbruik van gemaakt wordt.”

Dit heeft niks meer te maken met journalistiek. Dit is gewoon een partij belachelijk maken.

Tevel spreekt zelfs over smaad: “Dit heeft niks meer te maken met journalistiek. Dit is gewoon een partij belachelijk maken.” Een deel van de artikelen die in andere media gepubliceerd zijn, zijn overigens inmiddels verwijderd van internet. “De negativiteit vanuit de branche had denk ik ook te maken met nijd. Noem mij één andere partij die in deze branche op eigen kracht in minder dan negen jaar tijd bijna honderd aangesloten franchisenemers heeft opgebouwd met zevenduizend leerlingen per jaar. Andere rijscholen vragen zich af hoe wij dat doen. Zij moeten bij zichzelf te rade gaan, in plaats van roepen dat wij het verkeerd doen.”

Opstartfase NXXT

Negatieve berichten over de franchiseonderneming komen volgens Catsburg met name vanuit de opstartfase van NXXT. “Bij sommige bestaande instructeurs die zich in die tijd aansloten bij NXXT kwamen heel wat lijken uit de kast. Een slechte financiering van de auto, schulden, of een achterstand met de belastingaangifte. Zo zijn er zo’n 18 rijscholen bij wie we de overeenkomst hebben gestopt. Als iemand buiten zijn schuld om in de problemen komt, zij we er om te helpen. Maar als iemand er zelf een zooitje van maakt, en de leerling de dupe is,kunnen we dat niet tolereren.”

In plaats van de instructeurs van buitenaf aan te trekken, komen veel nieuwe franchisenemers vanuit de instructeursopleiding van NXXT, genaamd FIRSTT. Omdat er tegenwoordig steeds meer instructeurs uit eigen kweek komen, is er ook minder sprake van dergelijke negatieve verrassingen. “Ook zitten we goed met mensen om tafel en hebben we al heel snel een beeld of het wel of geen succes gaat worden met de betreffende instructeur. Hun motivatie is daarbij heel belangrijk.”

Niet focussen op aantallen

Tenslotte wordt ook de snelle groei van NXXT niet altijd positief ontvangen in de branche. Inmiddels is NXXT uitgegroeid tot een rijschool met 95 vestigingen. Catsburg geeft toe dat hij in de beginfase te veel de nadruk op groei heeft gelegd. “Ik heb ooit het aantal van tweehonderd rijscholen genoemd. Maar aantallen zijn ons doel niet meer. We willen dat de mensen die bij ons zitten, het ook ook goed hebben. We hadden al drie keer zo groot kunnen zijn, maar niet elke instructeur kan franchisenemer worden. Kwaliteit vinden we belangrijk, net als slagingspercentage, maar ook de eenheid binnen NXXT.”

Tevel benadrukt dat de band met de instructeurs de afgelopen jaren is verbeterd. “NXXT heeft ook een franchiseraad die een aantal keer per jaar samenkomt met de directie. Zo hebben we laatst een prijsverhoging gehad van 4 procent. Dit wordt eerst zorgvuldig besproken met de franchiseraad voordat dit wordt ingevoerd.”

Uiteindelijk hebben de publicaties over NXXT geen negatieve uitkomst gehad voor het bedrijf, verzekeren de heren. “Any PR is good PR”, lacht Tevel.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 26 Apr 2018 09:31:40 +0000

Inschrijving voor Nationale Rijschooldag 2018 geopend

Bezoekers kunnen zich vanaf vandaag inschrijven voor de Nationale Rijschooldag op 18 september 2018. Het jaarlijkse evenement voor de rijschoolbranche, voorheen genaamd Lesauto Testdag, wordt deze keer gehouden bij Autotron in Rosmalen. Bezoekers kunnen auto’s testen, de beurs bezoeken, workshops volgen en, voor het eerst, deelnemen aan het Nationale Rijschool Congres.

De Nationale Rijschooldag wordt georganiseerd door RijschoolPro en is de opvolger van de Lesauto Testdag. Er is dit jaar gekozen voor een nieuwe naam van het evenement, aangezien deze dag inmiddels veel meer te bieden heeft dan het testen van potentiële lesauto’s. Bovendien vindt het event dit jaar plaats op een nieuwe locatie: Autotron in Rosmalen.

Lesvoertuigen en workshops

Bezoekers kunnen nog steeds talloze automodellen uitgebreid uitproberen en beoordelen. Welke auto is het meest geschikt om rijles in te geven? Aan het eind van de dag wordt bekendgemaakt welk voertuig de Lesauto van het Jaar 2019 wordt. Ook zijn er motoren aanwezig om te testen.

Op de Rijschoolbeurs kunnen bezoekers wederom kennismaken met toeleveranciers en hun producten en diensten. Denk aan softwareleveranciers, uitgeverijen van lesmateriaal, brancheverenigingen en verzekeraars. Verder zijn er in de middag gratis workshops te volgen. Hier volgt later meer informatie over.

Nationaal Rijschool Congres

Nieuw dit jaar is het Nationaal Rijschool Congres. Dit congres vindt in de ochtend plaats. Hierbij gaan we in op de toekomst van rijscholen. De ontwikkelingen op het gebied van zelfrijdende auto’s gaan razendsnel. Steeds meer auto’s worden uitgerust met functies die de taak van de bestuurder overnemen. Zijn rijscholen in de toekomst nog wel nodig? En zo ja, hoe ziet een rijles er dan uit? Tijdens het Nationaal Rijschool Congres gaan we dieper in op dit thema. Meer informatie hierover volgt nog.

Inschrijven

Bij de inschrijving kunnen bezoekers uit verschillende opties kiezen. Het evenement is gratis voor rijschoolhouders, instructeurs en starters. Ook kunnen ze kiezen voor een premium ticket van 10 euro. Hierbij krijgen ze voorrang bij de entree en krijgen ze een lunchpakket en goodie bag.

Voor deelname aan het Nationaal Rijschool Congres vragen we een vergoeding van 39 euro (excl. BTW, early bird tarief tot 30 juni) voor rijscholen, starters, en instructeurs. Wie niet werkzaam is in de branche, betaalt 49 euro. Inschrijven voor het evenement kan via de registratiepagina van de Nationale Rijschooldag.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 26 Apr 2018 09:08:55 +0000

Fietsen voor het eerst dodelijker dan autorijden

Het aantal dodelijke slachtoffers in het verkeer is iets afgenomen afgelopen jaar. In 2017 kwamen 613 mensen om. Dat zijn 16 dodelijke slachtoffers minder dan in 2016. Vorig jaar vielen voor het eerst meer dodelijke slachtoffers op de fiets dan in een auto. Een kwart van de fietsslachtoffers verongelukte op een e-bike. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS.

In 2017 kwamen 206 fietsers om in het verkeer, 17 meer dan in 2016 en het hoogste aantal in tien jaar. In hetzelfde jaar kwamen 201 inzittenden van een personenauto om het leven, 30 minder dan in 2016. Het is voor het eerst dat er meer dodelijke verkeersslachtoffers op de fiets zijn dan in de auto. Verder overleden 58 voetgangers, 51 motorrijders, 41 brom- en snorfietsers en 25 bestuurders van een scootmobiel als gevolg van een verkeersongeluk.

Infographic, Verkeersdoden 2017, CBS
Infographic, Verkeersdoden 2017, CBS

Meer jongvolwassenen

Het aantal verkeersdoden onder autobestuurders daalde van 186 in 2016 naar 163 in 2017. Het aantal verkeersdoden onder autopassagiers daalde van 45 in 2016 naar 38 in 2017. Het aantal jongeren (18 tot 25 jaar) en ouderen (65 jaar of ouder) onder de slachtoffers is in 2017 lager dan in 2016. Het aantal jongvolwassen slachtoffers (25 tot 35 jaar) is juist toegenomen.

CBS verkeersdoden 2017

E-bike

Twee derde van alle fietsdoden was 65 jaar of ouder. Ook afgezet tegen de bevolkingsomvang is dit een relatief groot aandeel. Bovendien maakt de groep de minste fietskilometers. 3 procent van de dodelijke fietsslachtoffers was jonger dan 18 jaar. Ruim een kwart van alle fietsdoden (57 mensen) verongelukte op een e-bike. Dit aantal is 17 hoger dan in 2016. Onder 65-plussers is het aantal e-bikedoden verdubbeld: van 15 in 2016 naar 31 in 2017. In alle leeftijdsgroepen overleden meer mannen dan vrouwen door een fietsongeval.

Fietslessen

De Fietsersbond betreurt de stijging van het aantal fietsdoden. De organisatie vraagt ook speciale aandacht voor voorlichting en verkeerseducatie aan oudere fietsers. Extra voorlichting kan juist deze kwetsbare groep goed helpen om steviger en met meer vertrouwen op de fiets te zitten, aldus de bond. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft de campagne ‘Doortrappen’ ontwikkeld, waarin ouderen gestimuleerd worden om zo lang mogelijk veilig te blijven fietsen. De Fietsersbond geeft in de zomerperiode wekelijks cursussen aan senioren met dat doel.

De Fietsersbond denkt dat een groot deel van deze ongevallen met eenvoudige maatregelen voorkomen had kunnen worden. Volgens directeur Saskia Kluit kan het verlagen van de normsnelheid binnen de bebouwde kom naar 30 kilometer per uur de kans op een ongeval flink verkleinen. 30 kilometer per uur als norm zou jaarlijks meer dan 100 verkeersdoden kunnen schelen, stelt zij. De Fietsersbond voer momenteel de campagne ‘30 is het nieuwe 50’, waarmee honderden straten in actie kwamen voor een lagere snelheid in hun buurt.

Lees ook: Aantal geregistreerde verkeersongevallen hoger dan ooit

Bron: Verkeerspro
Auteur: Jan Pieter Rottier
Publicatie datum: Wed, 25 Apr 2018 11:08:59 +0000

Minder atv-dagen en meer loon voor medewerkers CBR

Na een reeks moeizame onderhandelingen hebben vakbonden FNV, De Unie en Het Gilde een akkoord bereikt met de directie van het CBR over een nieuwe cao. De vakorganisaties leggen dit akkoord dinsdagavond met met positief stemadvies voor aan de leden. Er is onder meer een structurele loonsverhoging van in totaal 7,05 procent afgesproken. Wel wordt het aantal atv-dagen afgebouwd. 

“Het was een hele zware klus, maar we zijn uiteindelijk tevreden met het bereikte akkoord”, meldt Gerard van der Lit van De Unie. “Het is niet alles wat we wilden, maar wij en onze kaderleden zijn tevreden met het akkoord. Meer zit er gewoon niet in.” Het nieuwe akkoord gaat met terugwerkende kracht in vanaf 1 januari 2017 en loopt tot en met 31 december 2019.

Atv-dagen

Het afbouwen van het aantal atv-dagen en de compensatie hiervan was een heikel punt tijdens de onderhandelingen. Het CBR kampt met de hoge leeftijd van de medewerkers. In 2013 was nog 17 procent van de medewerkers 58 jaar of ouder; inmiddels is dat zo’n 30 procent. Daarnaast is in het bestaande cao geen rekening gehouden met de verhoging van de pensioenleeftijd naar 67 jaar. Hierdoor hebben relatief meer medewerkers atv-dagen, waardoor de productiviteit van het bedrijf daalt.

Medewerkers vanaf 64 jaar hebben nu nog recht op 33 atv-dagen per jaar. Dit wordt in de nieuwe cao over een periode van tien jaar afgebouwd naar 12 atv-dagen. Iedere nieuwe medewerker, in dienst vanaf 1 januari 2019, heeft recht op 12 dagen per jaar vanaf 63 jaar.

Ter compensatie krijgen medewerkers een maandelijkse financiële compensatie in de vorm van een maandelijkse toelage. De medewerkers kunnen deze toelage op verschillende manieren inzetten. Zo kunnen ze het geld laten uitkeren bij het salaris, er dagen van kopen, het laten bijstorten bij het pensioen of het inzetten voor ontwikkeling en opleiding.

Loonsverhoging en overwerk

Daarnaast is er een loonsverhoging afgesproken van 7,05 procent. “Geen éénmalige, maar alles structureel omdat dit nu eenmaal op langere termijn meer voor de werknemers oplevert”, aldus Van der Lit. Het gaat om een verhoging van 3 procent per 1 februari 2018 (mede vanwege de gemiste loonstijging in 2017), 1,5 procent per 1 oktober 2018, 1,05 procent mer 1 februari 2019 en 1,5 procent per 1 oktober 2019.

Op het gebied van overwerk blijven de afspraken uit de huidige overeenkomst grotendeels van toepassing. De werknemer kan nu nog kiezen voor tijd voor tijd of het laten uitbetalen van de gewerkte overuren. Met de nieuwe cao moeten de medewerkers hierover overleggen met de manager. “Maar uiteindelijk blijft de beslissing bij de werknemer”, licht Van der Lit toe.

Stemmen

“Alles bij elkaar ligt er nu een akkoord waar we samen de toekomst mee in kunnen gaan”, aldus Van der Lit. De overeenkomst wordt schriftelijk voorgelegd aan de leden. De vakbonden houden dinsdagavond een bijeenkomst om het akkoord toe te lichten aan de leden, die vervolgens twee weken de tijd hebben om hierover te stemmen.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 24 Apr 2018 12:26:28 +0000

MKB-ondernemer? Neem deel aan de online Basiscursus Arbeidsrecht

MKB-ondernemers en HR-managers in de rijschoolbranche zien soms vanwege de talloze regels door de bomen het bos niet meer als het gaat om arbeidsrecht. Echter, als de basisregels bekend zijn, vallen veel stukjes op hun plaats. De Basiscursus Arbeidsrecht van ProMedia Trainingen (de uitgever van RijschoolPro) geeft daarom inzicht en antwoorden op dagelijkse problemen en vraagstukken op het gebied van arbeidsrecht.

In 16 heldere video’s leggen twee advocaten arbeidsrecht de basisprincipes en -regels uit via concrete praktijkvoorbeelden.

Onderwerpen:

  • Algemene regels
  • Ontslag op staande voet
  • Arbeidsovereenkomst
  • Proeftijd
  • Concurrentiebeding
  • Vakantiedagen
  • Zieke werknemers
  • Overlijden van werknemers
  • Is er sprake van een arbeidsovereenkomst?
  • Wanneer eindigt een arbeidsovereenkomst?
  • Terugdringen ziekteverzuim via wachtdagen
  • Ziek of niet?
  • Thuiswerken
  • Ontslag
  • Ketenregeling
  • Overwerk
  • Wat mag je vragen bij sollicitaties?

Deelnemen aan deze cursus?

Wilt u ook deelnemen aan deze online video cursus? Bekijk dan de website van de Basiscursus Arbeidsrecht voor meer informatie. Hopelijk helpt het u om een goede werkgever te zijn!

Korting voor RijschoolPro lezers

Als trouwe lezer van RijschoolPro krijgt u maar liefst 50% korting op het volgen van deze cursus. Gebruik daarvoor bij registratie de VIP-code PMGABR50ABONNEE.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Bart Pals
Publicatie datum: Tue, 24 Apr 2018 07:59:14 +0000

‘De kunst is inzien dat de waarheid uiteindelijk in het midden ligt’

In de rijschoolbranche heeft elke instructeur een eigen visie op de manier van lesgeven. Dat levert soms een interessant spanningsveld op, schrijft Eric Bakker, voorzitter VRB in zijn column op RijschoolPro. Hoe vind je de juiste balans in het vasthouden van jouw visie en het ruimte bieden aan andere meningen?

“Staan alle neuzen dezelfde kant op? Vandaag bij het lezen van het boekje ‘Ga lekker zélf in je kracht staan’ van Japke-d. Bouma kwam ik deze vraag tegen. En dan dwalen je gedachten meerdere malen af naar dit onderwerp. Zoals de columniste aangeeft, valt de neuzenbeweging in vier grote stromingen uiteen.

De één denkt dat alle neuzen altijd dezelfde kant op staan, nummer twee vindt dat ze af en toe dezelfde kant op moeten staan, de wanhopige nummer drie vraagt zich af hoe je al die neuzen dezelfde kant op moet krijgen en nummer vier is van mening dat dit niet het geval moet zijn, dus allemaal een eigen kant op wijzen.

Ik vond het zeer treffend en van toepassing op de rijschoolbranche want we moeten uiteindelijk allemaal dezelfde kant op met onze leerlingen: het CBR is door de minister aangesteld als het ultieme eindpunt, maar hoe de weg hier naartoe wordt afgelegd, daar zijn we allemaal weer vrij in. We hebben immers te maken met het examenmodel in Nederland.

De brancheverenigingen trekken samen op met alle ketenpartners omdat we er diep in ons hart wel van overtuigd zijn dat de neuzen grotendeels dezelfde kant op moeten staan. Want als we dat niet doen, zinken we steeds dieper in het moeras waar een groeiende groep actief gaat worden om vooral maar juist niet de neuzen dezelfde kant op te laten wijzen.

We moeten nu niet de cruciale fout maken om te gaan investeren in meer wielen

Zij maken gebruik van de onwetendheid van een grote groep consumenten die nog verhalen levendig houden dat een rijbewijs halen zo maar eventjes tussen de soep en de aardappelen, liefst voor een appel en een ei gedaan kan worden. De kunst is om de mensen die wanhopig proberen om iedereen één kant te laten kijken te overtuigen dat je een goede balans moet zien te vinden en dat uiteindelijk de waarheid in het midden ligt. En dat dit met steun en overtuigingskracht van iedereen die het goede met de branche voor heeft, opgepakt moet worden.

Gelijk hebben is nog niet gelijk krijgen want daarvoor moet je als de wetgevingstrajecten je parten spelen vaak een lange adem hebben. Je mag best wel ambitieus zijn. Nu we economisch gezien de wind in de zeilen lijken te hebben moeten we niet de cruciale fout maken om te gaan investeren in meer wielen maar zorgen dat we kwaliteit blijven leveren en van de zogenaamde schaarste gepast gebruik maken door de prijzen marktconform te maken. Iedereen zal wel een beetje gelijk hebben, maar uiteindelijk moet het ultieme doel het dienen van de verkeersveiligheid zijn. En daar mag je uiteraard best een boterham mee verdienen. Liefst met een beetje beleg erop. En soms is het ook goed om nieuwsgierig te blijven naar en open te staan voor de mening van anderen, dus verder kijken dan je neus lang is.”

Eric Bakker, voorzitter VRB

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Mon, 23 Apr 2018 07:18:12 +0000

LBKR: ‘Kritiek van CBR op rijschoolbranche is ongepast’

De Landelijke Beroepsgroep Kwaliteitsbevordering Rijschoolbranche (LBKR) stoort zich aan de negatieve wijze waarop de rijschoolbranche de laatste tijd in het nieuws komt. Volgens de LBKR doet het CBR hier nog eens een schepje bovenop door te stellen dat 1.500 rijscholen ondermaats presteren. Dit is ongepast, vindt voorzitter Jos Post.

“Het CBR schuift de problemen die het met de lange wachttijden heeft af op het, volgens het CBR, te
lage slagingspercentage van een grote groep rijschoolhouders. Dit is geheel onterecht”, stelt Jos Post. “Het slagingspercentage ligt al jaren op hetzelfde niveau en is de laatste tijd niet verslechterd. Kortom: dit kan niet de reden zijn van de als maar oplopende wachttijden bij het CBR.”

Het CBR neemt extra maatregelen om de wachttijden terug te dringen. Enerzijds ligt de oorzaak van de problemen bij de aantrekkende economie. Anderzijds wijst het CBR naar de rijschoolbranche: “Het is schrijnend dat circa 1.500 rijscholen kandidaten naar het auto-examen laten gaan die verre van klaar zijn voor het rijbewijs. 70 procent van hun kandidaten zakt”, schreef het CBR in een persbericht. “En dat terwijl een verhoging van het slagingspercentage met maar enkele procenten (gemiddeld is het nu 50 procent) een einde betekent aan de langere wachttijden.”

‘Te kort door de bocht’

Het oplopen van de wachttijd is volgens de LBKR niet alleen aan de orde bij de praktijkexamens, maar is nog groter bij de medische afdeling van het CBR. Maurits von Martels, Tweede Kamerlid namens het CDA, stelde hier onlangs vragen over aan minister Cora van Nieuwenhuizen.

“Het slagingspercentage van rijscholen gebruiken als criterium om  rijscholen te beoordelen op kwaliteit zoals het CBR nu doet, is te kort door de bocht”, zegt Post. “Ten eerste kunnen er verschillende redenen zijn waarom het slagingspercentage lager ligt. Soms is dit lage percentage ook tijdelijk. Nu baseert het CBR de uitspraken die zij doet over de kwaliteit op het slagingspercentage van het afgelopen jaar. Het kan zijn dat een rijschoolhouder die nu op een slagingspercentage van 30 procent zit het jaar ervoor op 80 procent geslaagden zat.”

De LBKR zou het daarom een goed idee vinden wanneer er ook naar een slagingspercentage over een langere periode werd gekeken. “Daarnaast zijn er rijscholen die gespecialiseerd zijn aan het lesgeven aan ‘bijzondere doelgroepen’. Denk bijvoorbeeld aan faal angstige, autistische- of leerlingen met een niet Nederlandse achtergrond. Vaak zijn het juist de ‘vakidioten’ die zich bezighouden met het opleiden van deze doelgroepen. Het is zeker niet aan het CBR om deze groep rijschoolhouders te beoordelen. Het CBR dient zich bezig te houden met het beoordelen van de rijvaardigheid tijdens het examen.Het beoordelen van de kwaliteit van rijscholen en rijinstructeurs behoort niet tot de taak van het CBR.”

Kwaliteitsregister

De LBKR ziet liever een kwaliteitsregister met een bijbehorende onafhankelijke
kwaliteitscommissie. “Een kwaliteitsregister stelt de professionaliteit van de beroepsbeoefenaars objectief en betrouwbaar vast en biedt daarmee een helder inzicht in de kwaliteit en beroepsbeoefening van werkende rijinstructeurs”, legt Post uit. “Deze werkwijze wordt ook in veel andere sectoren gebruikt om de kwaliteit te bevorderen en te bewaken.”

Wanneer het CBR of consumenten merken dat er bij een rijschool of rijinstructeur het één en
ander schort aan de kwaliteit van de opleiding of als er sprake is van bijvoorbeeld oplichting en seksuele intimidatie, dan is er op dit moment geen mogelijkheid om dit bij een onafhankelijke commissie te melden, merkt de LBKR-voorzitter op. “LBKR ziet daarom graag dat deze mogelijkheid er komt zodat er, indien nodig, passende maatregelen genomen kunnen worden.”

Lees ook: Rijscholen verbolgen over uitspraken CBR rond wachttijden

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 20 Apr 2018 07:55:00 +0000

Rijschool stopte met elektrische auto: ‘Voorop lopen, loont niet altijd’

Hij was, voor zover bekend, de eerste rijschoolhouder met een lesauto op groengas en de eerste met een elektrische lesauto. Rijschoolhouder Gert-Jan van Ark wilde graag zo groen mogelijk zijn leerlingen opleiden. Ondanks zijn ambitieuze start, moest hij het elektrisch rijden al gauw opgeven. “De afweging ‘groen’ telt bij jongeren nauwelijks mee in de keuze voor een rijschool.”

Met het starten van een rijschool kwamen voor Gert-Jan van Ark uit Harderwijk al zijn passies samen. Als vrachtwagenchauffeur en motorrijder had hij al veel ervaring en affiniteit opgebouwd met het verkeer. Ook werkt hij graag met jongeren, waar hij ook al ervaring mee had vanuit het onderwijs. Bovendien wil hij het milieu zo min mogelijk belasten. “Wat is er dan mooier om mensen op een duurzame manier op weg te helpen naar het rijbewijs?”, aldus de rijschoolhouder.

“Ik wilde graag naar mijn dochters verantwoording afleggen, al klinkt dat misschien raar. In 2008 ben ik in Buenos Aires geweest. Ik was blij dat ik daar niet woonde: er rijden oude bussen rond met een enorme uitstoot. Later heb ik in Nederland een lezing bijgewoond over de uitstoot in ons land. Toen besefte ik dat we ook hier een groot probleem hebben.”

Volkswagen Passat

In 2010 is Van Ark zijn rijschool Eigen Wegwijs gestart met een Volkswagen Passat op groengas. De eerste leerling kwam al snel. “Ik kon rustig uitbouwen, aangezien ik nog mijn parttime baan had in het onderwijs. Het liep erg goed. Ik heb bewust de media opgezocht en opende mijn rijschool samen met een wethouder. Ook kreeg ik een lunch aangeboden vanuit het CBR. Dat heb ik als bijzonder positief ervaren.”

Of de afweging ‘groen’ echt meetelt bij de gemiddelde consument? Ik denk het niet.

Hoewel hij genoeg aanmeldingen kreeg, rees bij hem de vraag waarom die leerlingen eigenlijk voor zijn rijschool kozen. “Ik had al vrij snel door dat nog geen vijf procent voor mijn rijschool koos vanwege het milieubewuste karakter. Mensen willen hun rijbewijs, ze vinden het leuk om in een mooie auto te rijden, maar of de afweging ‘groen’ echt meetelt bij de gemiddelde consument? Ik denk het niet. De klik en het vertrouwen moet er gewoon zijn.”

Daarom stelde Van Ark zijn strategie bij. “In het begin schreeuwde ik het van de daken dat ik op groengas reed, maar hier moest ik een stapje terug doen. Ik ging gewoon lesgeven en als ik merkte dat de leerling ervoor openstond, vertelde ik meer over groengas en het idee erachter.”

Elektrische lesauto

De rijschoolhouder wilde zijn duurzame werkwijze niet opgeven. In 2012 maakte Van Ark de overstap naar een elektrische lesauto. Hij startte met een Nissan Leaf en switchte later naar een Opel Ampera, in samenwerking met Opel. Een leasemaatschappij stelde de Opel beschikbaar als lesauto.

Van Ark hoopte daarbij dat het CBR extra aandacht zou geven aan het eerste examen met een elektrische lesauto. Dat gebeurde echter niet. “Het was mooi geweest als zij er een mediamoment van zouden maken, want dat had ook in het belang van het CBR goed uit kunnen pakken. Anderhalf jaar later zag ik nog wel een artikel over ‘het eerste examen met een elektrische auto’ op de website van het CBR. Dat ging echter over een andere rijschool. Ik heb toen wel laten weten dat dat niet klopte.”

“Opel heeft duizenden euro’s geïnvesteerd in media-aandacht. Uiteindelijk hebben we twee aanmeldingen gehad, waarvan er geen één concreet is geworden”, zegt Van Ark. “Op een gegeven moment raak je er een beetje door verbitterd. Ik vroeg me af of ik misschien niet te ver op de muziek vooruit wilde lopen.” De pilot met Opel is vervolgens gestopt. Na een jaar werd de dubbele bediening weer uit de Opel Ampera gehaald. “Voorop willen lopen, loont niet altijd”, concludeert hij.

Energielabel

“Het is natuurlijk heel makkelijk om naar een ander te wijzen. Toch zag ik ook een rol van het CBR hierin. Enerzijds hoor ik wel iets over innovatie, zoals het gebruik van ADAS tijdens het examen. Maar de groene kant ontbreekt. Naast het feit dat ik het jammer vind dat ze geen aandacht hebben besteed aan de eerste elektrische rijopleiding, vind ik het ook vreemd dat rijscholen bij hun inschrijving geen energielabel krijgen. Ik heb dit aan het CBR voorgelegd, maar kreeg het antwoord dat dat niet behoort tot hun wettelijke taken. Toen dacht ik: laat maar.”

Voor een eenpitter is de vraag te beperkt. Voor grote rijscholen kan elektrisch rijden wél interessant zijn.

Bovendien is het nauwelijks rendabel om als eenpitter in een elektrische auto te rijden, aangezien het om een automaat gaat, merkte hij. “Daarvoor is de vraag te beperkt. Voor grote rijscholen kan elektrisch rijden wél interessant zijn. Die combineert dit gewoon met zijn automaat-leerlingen.” Ook bij het rijden op groengas neemt de Harderwijker risico: “Als een grote rijschool in mijn regio een extra lesauto op groengas aanschaft, en hier tegen concurrerende prijs mee gaat rijden, dan kan ik het met mijn rijschooltje wel vergeten.” Dat is tot op heden overigens niet gebeurd, iets wat hem toch verbaast: “Ik ben slechts twee keer benaderd door een rijschool die benieuwd was naar mijn ervaring.”

Beroepsopleidingen

Na een jaar begon Van Ark langzamerhand zijn aandachtsgebied te verschuiven naar de beroepsopleidingen en Code 95. “Ik begon de diesel te missen, al klinkt dat misschien tegenstrijdig. Uit de C- en CE-categorie haal ik bovendien de meeste inkomsten. En als dit ervoor zorgt dat Eigen Wegwijs langer kan bestaan, dan hoop ik dat dit het doel dient.”

Ondertussen blijft hij lesgeven in de Volkswagen op groengas. “Het voordeel van groengas is dat er op iedere vierkante meter in Nederland een aardgasleiding ligt. Dus dat is makkelijk te organiseren. Voor waterstof ligt dat heel anders, daar is een compleet andere infrastructuur voor nodig.” Er zijn nu drie openbare waterstofstations in Nederland. “Daar kun je als rijschoolhouder nog niks mee.”

Kritisch blijven

Het geven van rijles blijft hij desondanks waarderen. “Het blijft een bijzonder traject waarin je start met iemand die geen auto kan bedienen, en eindigt bij het CBR waar je elkaar een hand schudt na het behalen van het rijbewijs. Het is mooi om die leerlingen alleen in hun auto tegen te komen. Je hebt het echt met z’n tweeën gedaan. En als het niet goed gaat is het goed om in de spiegel te kijken. Wat is jouw rol als instructeur om ervoor te zorgen dat het wel gaat lukken met die leerling, ook al doe je het al tien jaar en denk je dat je het allemaal wel weet. Je moet altijd kritisch naar jezelf blijven.”

Van Ark heeft ook geen spijt dat hij ooit de groene weg op is geslagen met Eigen Wegwijs. “Dit was de manier waarop ik het wilde doen. Als ik het zo niet had gedaan, was ik ook niet begonnen met dit vak.”

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 19 Apr 2018 08:54:29 +0000