5 miljoen euro voor slimme laadpalen

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat) trekt 5 miljoen euro uit om gemeenten te subsidiëren bij de aanleg van slimme laadpalen voor elektrische auto’s. Met het geld komen in 21 Nederlandse gemeenten door heel Nederland laadpleinen met in totaal 472 slimme laadpunten.

Van Veldhoven: “Elektrisch rijden wordt het nieuwe normaal. Ik wil daarom niet alleen meer laadpalen, maar ook slimmere. Deze laadpalen zijn de toekomst. Ze ontlasten het stroomnet, benutten groene stroom beter en maken het laden van je auto nog voordeliger. Daarom wil ik de aanleg ervan versnellen. Het laden van je elektrische auto moet net zo makkelijk worden als het laden van je mobiele telefoon.”

Teruglevering

“De aan de slimme laadpaal gekoppelde auto slaat het overschot aan duurzaam opgewekte stroom op. Vervolgens wordt op piekmomenten de stroom teruggeleverd aan het net. Door de auto als buffer te gebruiken, kan groene stroom efficiënter worden ingezet en wordt het elektriciteitsnet ontlast”, aldus het ministerie. “Om te voorkomen dat elektrische auto’s onverwacht leeg zijn na het ontladen, stelt het voertuig een deel van de accucapaciteit beschikbaar teruglevering aan het elektriciteitsnet. De eigenaar geeft hier toestemming voor en bepaalt zelf hoeveel elektriciteit  van de auto gebruikt mag worden.”

1.600 laadpunten in Utrecht

Dankzij de subsidie kunnen 21 gemeenten aan de slag met de aanleg van de nieuwe laadpleinen, waarvan de eerste in 2020 klaar zijn voor gebruik. Utrecht is één van die gemeenten. Wethouder Victor Everhardt: “Naar schatting rijden er in Utrecht 12.000 elektrische auto’s rond in 2020. Om deze auto’s allemaal te kunnen laden zijn er ongeveer 1.600 laadpunten nodig. De laadpleinen zijn dus essentieel om de groei in de vraag naar laadpunten de komende jaren aan te kunnen. Daarnaast zijn de laadpalen die op deze pleinen komen te staan geschikt om lokale duurzaam opgewekte stroom in deelauto’s op te slaan en later terug te geven aan het elektriciteitsnet. Daarmee leveren deze laadpleinen een belangrijke bijdrage aan de energietransitie.”

Bron: Verkeerspro
Auteur: Vincent Krabbendam
Publicatie datum: Tue, 03 Sep 2019 07:03:58 +0000

‘130 op snelweg in strijd met de wet’

De verhoging van de maximumsnelheid naar 130 kilometer per uur moet op tal van snelwegen worden teruggedraaid, omdat die in strijd met natuurwetgeving. Die conclusie trekt Milieudefensie op basis van de ontwikkelingen rond het stikstofbeleid van de overheid, dat eind mei door de Raad van State van tafel werd geveegd.

Minister van Infrastructuur Cora van Nieuwenhuizen meldde maandag dat de voorgenomen snelheidsverhoging op de A2 voorlopig niet kan doorgaan vanwege de eerdere uitspraak van de hoogste bestuursrechter. Milieudefensie gaat een stap verder en stelt dat ook eerdere snelheidsverhogingen illegaal zijn.

Principiële afspraak

De organisatie heeft het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) daarom verzocht om actie te ondernemen tegen de verhoging naar 130 op de A15 bij Tiel, de A2 in Oost-Brabant en de A7 in Friesland. Milieudefensie stelt dat het ophogen van de snelheidslimiet getoetst had moeten worden aan natuurwetgeving. Met het verzoek aan het ministerie wil de organisatie “een principiële uitspraak uitlokken”.

Door de eerdere uitspraak van de Raad van State zijn tal van plannen in de buurt van natuurgebieden onmogelijk geworden, van nieuwbouw tot uitbreiding van veehouderijen en verbreding van wegen. 

(ANP)

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Fri, 06 Sep 2019 05:16:11 +0000

Brancheverenigingen rijschoolsector willen kaf van koren scheiden 

Onenigheid over betaling, beschuldiging van misleiding en leerlingen te snel op laten gaan voor examen. Het zijn klachten over rijscholen die steeds vaker worden neergelegd bij de brancheverenigingen in de rijschoolsector. De roep om professionalisering wordt luider, ook richting de politiek. Vakblad RijschoolPro vroeg de verenigingen of die roep terecht is en wat momenteel vanuit de verenigingen al wordt ondernomen om de sector te verbeteren. 

De laatste weken zijn opvallende zaken uit de rijschoolwereld in de media voorbijgekomen. Denk aan het faillissement van Verkeersschool Aalbregt en de commotie rondom Ben F. Het zijn uitwassen, maar ze vormen wel aanleiding tot een roep om een kwaliteitsslag.

Zowel Frank Hoornenborg van Bovag Rijscholen als Ruud Rutten van FAM deden via RijschoolPro een oproep aan politiek Den Haag om in te grijpen. Ook brancheverenigingen LBKR en VRB hebben kwaliteit hoog in het vaandel. Alle partijen hopen een positieve draai geven aan de verhalen en willen zich gezamenlijk hardmaken voor de branche. 

Klachten 

De uitwassen worden breed uitgemeten, maar het is de vraag of het nu werkelijk zo slecht gesteld is met de rijschoolbranche. Zowel FAM als VRB spreken van een duidelijk merkbare toename in het aantal klachten van consumenten over rijscholen. De inhoud van de lessen is meestal geen onderwerp, blijkt uit navraag. De klachten liggen vooral in de financiële sfeer en hebben regelmatig betrekking op de kosten van een pakket. Ook leerlingen die herhaaldelijk examen doen en niet slagen melden zich. Late betaling of terugbetaling zijn eveneens redenen om aan de bel te trekken, voor zowel rijschool als leerlingen. De klachten gaan lang niet altijd over leden van de verenigingen, maar ‘mensen willen ergens hun verhaal kwijt’, zegt secretaris Irma Brauers van VRB. 

Een kanttekening van Brauers: dat er meer klachten binnenkomen, betekent niet direct dat er meer misstanden zijn. De consument wordt mondiger en media-aandacht voor de uitwassen kan een rol spelen in het vaker aankaarten van onenigheden. 

Keurmerk 

RijschoolPro vroeg de verenigingen wat zij momenteel doen om de kwaliteit van de branche te bevorderen of te benadrukken. Zoals iedereen zegt: er zijn heel veel goede ondernemers, dat mag ook wel eens onder de aandacht worden gebracht. 

FAM moedigt certificering met het begin dit jaar ingestelde Rijleskeurmerk aan. Dat doen Bovag en de VRB niet. “Uiteraard niet”, zegt woordvoerder Tom Huyskens van Bovag. “Bovag is al bijna 90 jaar lang een keurmerk met alle garanties en zekerheden voor de consument, dus met een soortgelijk initiatief van een andere club hebben wij niets van doen.” 

VRB noemt het keurmerk een farce. “Als je een gedegen opleiding tot rijinstructeur hebt gevolgd en openstaat voor adequate bijscholingen is er geen apart keurmerk nodig. Je hebt bij het behalen van het WRM-certificaat eventueel aangevuld met RIS-aantekening en andere gecertificeerde bijscholingsitems al een keurmerk in handen. Op de eerste pagina van het  Startdocument van augustus 2016 hebben Bovag, FAM en VRB precies aangegeven waar winst te behalen is op kwaliteit: begin bij de instroom.” 

Jos Post van LBKR wijst ook naar de aankomende wijzigingen in de WRM. “De instroom van nieuwe instructeurs is belangrijk. De basis moet goed zijn, daar zijn we nu keihard mee bezig.” 

Verscherping toelatingseisen 

Om lid te worden van een branchevereniging moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Een lidmaatschap kan daarom in zekere mate worden gezien als een bewijs van kwaliteit. Bij de LBKR is een WRM-nummer en CBR-registratie voldoende. Bovag is het strengst, hier is ook een VOG verplicht en er wordt een kredietwaardigheidscheck gedaan. 

Ruud Rutten van de FAM noemt aanscherping van de regels rondom het lidmaatschap ‘absoluut noodzakelijk’ en laat weten dat FAM dit momenteel bekijkt. “We rijden tegenwoordig rond met kinderen vanaf 16 jaar. Dit moet zowel voor de kandidaat als opvoeder veilig zijn, maar ook de opleider moet zodanig kunnen werken dat hij de tijd en ruimte heeft om een veilig weggebruiker af te leveren.” 

De VRB stipt bijscholing nog aan als verbeterpunt, deze vereniging zet in op certificering van de bijscholingsonderwerpen en de aanbieders ervan. 

Campagne richting consument 

Bovag richt zich in de communicatie niet alleen op de rijschoolhouder, maar ook op de consument. “We wijzen de consument via allerhande campagnes voortdurend op de voordelen van lessen bij een Bovag-lid.” De FAM doet dat niet. Rutten: “Er wordt al enorm veel gecommuniceerd door het CBR, overheid en brancheorganisaties. Dit laat onverlet dat onze branche nog steeds last heeft van een deel ondernemers die opereren om geld te verdienen en niet om echt op te leiden.” 

De VRB hangt de mening aan dat de kwaliteitseisen eerst moeten worden bijgesteld, voordat er campagne vanuit de vereniging naar de consument wordt gevoerd. “Je kunt zolang het vrijheid blijheid is in deze branche geen garantie geven dat alleen de rijscholen die bij een branchevereniging zijn aangesloten geen scheve schaats rijden.” 

Gezamenlijk optrekken 

De partijen geven aan elkaar regelmatig op te zoeken voor overleg. Brauers van VRB: “Negen van de tien overleggen stemmen we met elkaar af, in wisselende samenstellingen en met gebruikmaking van elkaars specialisme, kennis en ervaring. (…) We zoeken zelfs contact met vakbroeders in België, Noorwegen, Zweden en Duitsland.” 

De mate waarin professionalisering mogelijk is, hangt volgens alle partijen hoofdzakelijk af van wat er in Den Haag wordt besloten. Om daar een vuist te maken is het belangrijk om gezamenlijk op te trekken en een duidelijk signaal af te geven. Een vervolg op het Startdocument is daarom onderwerp van gesprek tussen de verenigingen.

Rutten van FAM: “ De brancheorganisaties trekken beter en meer met elkaar op dan ooit te voor. (…) We zijn nog te verdeeld. In Den Haag krijgen ze nu nog brieven van teveel verschillende partijen. Dat is niet goed dat lijkt op verdeeldheid terwijl we allemaal hetzelfde nastreven. Dus laat dit een oproep zijn voor iedereen binnen de branche. Samen staan we sterker.” 

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Thu, 05 Sep 2019 07:14:53 +0000