Rij Tripvrij: nieuwe campagne tegen drugsgebruik in verkeer

Met de nieuwe campagne ‘Rij Tripvrij’ wil TeamAlert ervoor zorgen dat jongeren anders gaan denken over autorijden onder invloed van drugs. In die staat is de kans immers veel groter dat iemand bij een ongeluk betrokken raakt dan wanneer men drugsvrij achter het stuur kruipt.

TeamAlert werkt al ruim tien jaar aan het verminderen van drugsgebruik in het verkeer. De organisatie vindt het belangrijk om te erkennen dat een deel van de jongeren uitgaat, drugs gebruikt en vervolgens onder invloed autorijdt. “Dit gedrag is gevaarlijk. Gecombineerd drugsgebruik, of alcohol in combinatie met drugs, vergroot de kans op een ernstig ongeval maar liefst 20 tot 200 keer”, aldus TeamAlert in een toelichting. De nieuwe campagne moet de sociale normen rond drugsgebruik in het verkeer helpen veranderen.

Pakkans speelt grote rol

Aan de campagne is een onderzoek voorafgegaan om te achterhalen waarom jongeren onder invloed van drugs deelnemen aan het verkeer. Daaruit bleek onder meer dat de pakkans voor rijden onder invloed een belangrijke rol speelt. Als er een grotere kans is om aangehouden te worden door de politie, dan zouden jongeren minder snel met drugs op gaan rijden. Als gevolg van zo’n aanhouding kan iemand namelijk zijn of haar rijbewijs, verklaring omtrent gedrag en baan kwijtraken. Dat laatste wordt volgens het onderzoek gezien als het meest ernstige gevolg van rijden onder invloed.

Die angst om aangehouden te worden en de consequenties die dat kan hebben, vormen dan ook een belangrijk punt waar de campagne op inspeelt. In een paar korte animaties wordt de doelgroep bijgebracht wat de gevolgen kunnen zijn voor degene die onder invloed rijdt of een ongeval veroorzaakt. Dat wordt onderbouwd met informatie over hoe lang drugs in je systeem blijft doorwerken, voorlichting over verantwoord drugsgebruik en het verhaal van Sara, die tegen beter weten in toch meereed met een vriend die XTC had gebruikt.

Meer rijverboden door speekseltest

Op de site staat ook uitleg over de speekseltest waarmee de politie sinds een jaar eenvoudig op drugsgebruik in het verkeer kan controleren. Uit onderzoek van TeamAlert blijkt dat de meeste jongeren denken dat de invoering van de speekseltest de pakkans heeft vergroot. De politie is dan ook blij met de speekseltester. “Wij kunnen hiermee, veel beter dan voorheen, direct op straat testen of een bestuurder drugs heeft gebruikt,” aldus Egbert-Jan van Hasselt, projectleider Infrastructuur van de politie. “Het afgelopen jaar heeft dit dan ook geleid tot meer rijverboden van maximaal 24 uur en heeft het OM meer zaken voor kunnen leggen aan de rechter.”

Lees ook: ‘Alcohol, drugs en medicijnen’ populairste WRM-bijscholing

Bron: Verkeerspro
Auteur: Vincent Krabbendam
Publicatie datum: Mon, 02 Jul 2018 08:41:09 +0000

CBR lanceert woensdag nieuwe website

De vernieuwde website van het CBR gaat woensdag live. Eerder was al aangekondigd dat de nieuwe site een moderne en frisse uitstraling krijgt. Ook moet het makkelijker worden voor jongeren om informatie te vinden over rijscholen. 

Onderdeel van de nieuwe website is een rijschoolkiezer. Hiermee moeten de rijschoolgegevens voor leerlingen toegankelijker worden en moet het makkelijker worden om voor een goede rijschool te kiezen. Het betreft dezelfde informatie die nu op rijschoolgegevens staat, maar dan met filters en in een volgorde die ze zelf kiezen.

Slagingspercentage

Het CBR heeft al meerdere keren benadrukt dat het voor consumenten belangrijk is voor een goede rijschool te kiezen. “1.500 rijscholen hebben een slagingspercentage van nog geen 30 procent: zeven op de tien van hun leerlingen zakt. Dat vinden we veel”, zo liet het CBR eerder weten.

Verder moet de website makkelijker leesbaar worden via mobiel. Daarnaast belooft het CBR dat consumenten via de nieuwe site sneller een antwoord krijgen op hun vraag. Vanwege deze vernieuwing is de website op woensdagochtend 4 juli vanaf 7.00 uur tijdelijk niet bereikbaar. Hetzelfde geldt voor MijnCBR. In de loop van de ochtend moet alles weer werkzaam zijn.

Lees ook: Nieuwe maatregelen CBR tegen wachttijd: ‘lage slagingspercentages zijn schrijnend’

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 29 Jun 2018 13:33:43 +0000

Ook nieuwe vraagsoorten in theorie-examens CCV

De theorie-examens voor taxi, vrachtauto- en buschauffeurs en tractor krijgen binnenkort nieuwe vraagsoorten. Het gaat om de sleepvraag, de single sleepvraag, de invulvraag en de hotspotvraag. Het theorie-examen wordt 1 september hierop aangepast. 

Met deze nieuwe vraagsoorten moet de kandidaat nog beter worden getest op het kennen en begrijpen van de verkeersregels. Ook wordt het inzicht in het verkeer beter getest. De inhoud van het examen blijft verder hetzelfde.

Werkwijze

Bij de (single) sleepvraag worden voorrangssituaties bevraagd. De kandidaat sleept het juiste antwoord naar een plaats in een afbeelding. De hotspotvraag gaat over verkeersborden. Bij de hotspotvraag geeft de kandidaat antwoord op een examenvraag door het aantikken van een afbeelding, bijvoorbeeld een verkeersbord. Bij de invulvraag wordt gevraagd om de toegestane snelheid in te vullen.

Sinds 1 januari komen de hotspotvraag en de single-sleepvraag al voor in het theorie-examen van auto, motor en bromfiets. In juli dit jaar werden nog twee nieuwigheden geïntroduceerd: het bladeren door de vragen in het examen en het markeren van vragen, om er later nog eens op terug te komen.

Lees ook: Proef met theorie-examen in avonduren breidt uit

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 04 Jul 2018 09:40:07 +0000

Proef met theorie-examen in avonduren breidt uit

Het CBR gaat de proef met het theorie-examen in de avond uitbreiden naar meer examencentra. Kandidaten kunnen vanaf 1 juli ook in Alkmaar, Breda, Eindhoven en Utrecht het theorie-examen voor de auto, motor en bromfiets in de avond doen. 

In mei is de proef gestart op de de locaties Amsterdam, Arnhem, Zwolle, Rijswijk en Groningen. Kandidaten kunnen er tussen 16.00 uur en 21.30 uur op examen. Vanaf 18.00 uur betalen ze hiervoor een toeslag. Aan de proef doen alleen kandidaten mee die zelf het examen reserveren op Mijn CBR.

Veel vraag

Volgens het CBR maken veel kandidaten gebruik van de mogelijkheid om het theorie-examen in de avond te doen. De proef loopt nog tot en met oktober. Het CBR wil hiermee de dienstverlening aan de klant verder verbeteren. “Met deze proef onderzoeken we de behoefte van onze klanten over onze openingstijden en of ze bereid zijn een toeslag te betalen voor een examen in de avonduren”, liet het exameninstituut eerder weten.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 29 Jun 2018 09:20:32 +0000

150 examenkandidaten dupe van ICT-storing CBR

Door een ICT-storing konden dinsdagmiddag ongeveer een half uur lang geen theorie-examens worden afgenomen bij het CBR. Ongeveer 150 kandidaten waren op dat moment bezig met hun examen. Hoe de landelijke netwerkstoring is ontstaan, is nog niet duidelijk.

,,Het was natuurlijk heel vervelend voor de circa 150 kandidaten die op dat moment, verspreid over het land, bezig waren met hun theorie-examen”, liet een woordvoerster weten. ,,Ze moesten het examen opnieuw doen en mochten kiezen of ze wilden wachten tot de storing was verholpen, of een nieuwe datum wilden inplannen. Dat kan op veel locaties dezelfde dag. Uiteraard op onze kosten.”

Volgens het CBR heeft de storing in ieder geval niets te maken met de nieuwe website die woensdag wordt gelanceerd.

Grote storing in 2015

Begin 2015 konden kandidaten door een ICT-storing drie dagen lang geen theorie-examen doen. In totaal werden als gevolg van de ICT-problemen 4.800 examens afgelast. De directie heeft destijds per brief aan rijscholen excuses aangeboden voor de hinder. Ook heeft het CBR extra capaciteit ingezet om gedupeerde theorie-kandidaten snel een nieuw examen aan te kunnen bieden.

Lees ook: CBR-directeur biedt excuses aan voor hinder door ICT-storing

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 04 Jul 2018 09:30:15 +0000

Rijschoolbranche verontwaardigd over rapport aan Europese Commissie

Brancheverenigingen Bovag, FAM en VRB zijn not amused na het lezen van een rapport dat wetenschappers hebben gestuurd aan de Europese Commissie. Daarin wordt onder meer benadrukt dat er géén wetenschappelijk bewijs is dat rijles door een professionele instructeur leidt tot een lager ongevalsrisico dan rijles van een leek, zoals een ouder. Ook SWOV heeft aan het rapport meegewerkt. “Rijles van pa of ma in een auto zonder technische aanpassingen? Dan maar meteen alle verkeersregels afschaffen”, reageert Bovag.

Het rapport beoordeelt onderzoeken die in het verleden zijn gedaan naar rijopleidingen in Europa. De bevindingen zijn gebaseerd op ‘het best beschikbare bewijs’ in bestaande literatuur. Daarnaast worden enkele aanbevelingen gedaan in het kader van het verkeersveiligheidprogramma 2011-2020 van de EU. Een van de auteurs van het rapport is Willem Vlakveld, specialist bij SWOV op de gebieden van jonge beginnende bestuurders, verkeersveiligheidseducatie en rijopleidingen.

Met of zonder instructeurs

Het is bekend dat er een groot verschil is in de rijopleidingen in Europa. Zo kunnen in sommige landen, waaronder België, jongeren worden opgeleid door ‘leken’ zoals ouders. De sleutel tot een succesvolle training ligt echter in de focus op hogere ordevaardigheden, concluderen de auteurs. Ook praktijkoefeningen op de weg zijn erg belangrijk, mét of zónder professionele instructeur. Het bewijs dat les van professionele instructeur zou leiden tot veilige bestuurders, is op zijn best ‘zwak’ te noemen, aldus het rapport.

We weten dat de meeste ongelukken niet zozeer worden veroorzaakt door een gebrek aan basisrijvaardigheden, maar door een gebrek aan hogere ordevaardigheden

Er is ook nauwelijks bewijs gevonden voor een verband tussen de competenties rijinstructeur en de verkeersveiligheid. “Het is belangrijk op te merken dat er zeer weinig bekend is over het effect van de kwaliteit van rijinstructeurs op het ongevalsrisico van nieuwe bestuurders. Er kan een verband zijn tussen de kwaliteit van rijinstructeurs en het ongevalsrisico van beginnende bestuurders, maar het is erg moeilijk om dit te bewijzen.”

Toch noemt het rapport een aantal voorbeelden van eisen voor rijinstructeurs die raadzaam zijn, zoals een minimumleeftijd, een theorie- en praktijkexamen en verplichte nascholingen. Lidstaten zouden moeten onderzoeken of de kwaliteit van rijinstructeurs effect heeft op het gedrag van bestuurders, met name op de hogere ordevaardigheden. “We weten dat de meeste ongelukken niet zozeer worden veroorzaakt door een gebrek aan basisrijvaardigheden, maar door een gebrek aan hogere ordevaardigheden, zoals risicoperceptie en zelfbewustzijn”, aldus de auteurs.

Leren door ervaring

Verder zou uit onderzoek blijken dat gemiddeld 3.000 kilometer of 120 uur rijden onder toezicht vereist is om het risico op ongevallen te verminderen in de eerste jaren dat bestuurders alleen op pad gaan. In Zweden kwam bijvoorbeeld naar voren dat jongeren gemiddeld 3.800 kilometer hebben gereden onder toezicht van een niet-professionele instructeur. In Noorwegen ging het om slechts 1.150 kilometer. In Zweden is het aantal ongevallen in de eerste jaren na het behalen van het rijbewijs gedaald, in tegenstelling tot Noorwegen.

De auteurs adviseren lidstaten GDL-systemen in te voeren (Graduated Driver Licensing, leren door ervaring). “De Europese Commissie zou de invoering van een sterk GDL-systeem als een prioriteit moeten beschouwen.” Hierbij moeten minimale leerperioden worden gehanteerd, net als minimumvereisten voor praktijk op de weg voordat nieuwe bestuurders aan het solo-rijden mogen beginnen. Hier zijn wel restricties aan verbonden, zoals een verbod op rijden in het donker.

‘Dan maar alle verkeersregels afschaffen’

Woordvoerder Tom Huyskens van Bovag merkt op dat onderzoeker Willem Vlakveld ‘al jaren de professionele rijopleiding ter discussie stelt, hoewel er geen cijfers zijn die aantonen dat daaraan getornd zou moeten worden’. “Er is immers óók geen bewijs dat professionele instructie (of rijles door ouders) een negatief effect heeft”, zegt Huyskens. “Waar we het echter wel allemaal over eens zijn in Nederland, is dat rijles van pa of ma in een auto zonder technische aanpassingen, zonder iemand in de auto die weet wat ‘ie doet, en op de openbare weg, ook niet echt een goed idee is. Dan kunnen we wellicht beter meteen alle verkeersregels afschaffen. Benieuwd wie dan de verantwoordelijkheid voor de gevolgen van zulke besluiten wil nemen.”

Professionele begeleiding is wat Bovag betreft van het grootste belang

De drie brancheorgaisaties hebben een aantal maanden geleden gesproken met Peter van der Knaap, directeur van SWOV, over het aanbevelingsdocument van Bovag, FAM en VRB. “We hebben onder meer verteld dat wij in de WRM een module ‘gedrag’ willen implementeren over hoe je instructeurs kunt leren instructie te geven aan kandidaten over gedrag en de noodzaak hiervan. Het is goed om deze hogere ordevaardigheden door het CBR te laten examineren zodat deze terugkomen in de opleiding. Peter van der Knaap bevestigde dat – individueel – gedrag een belangrijke component is in verkeersveiligheid”, aldus Huyskens. Ook Willem Vlakveld heeft dit volgens de brancheverenigingen mondeling bevestigd tijdens een sessie die het CBR vorig jaar hield met stakeholders waar ook FAM, Bovag en VRB bij waren.

“Dus door een andere benadering van en de examens te moderniseren zouden we een verkeersveiligheid stap kunnen maken”, zegt Huyskens. “Maar zoals altijd, zolang het een examen-gestuurd systeem is in Nederland en rijopleidingen niet verplicht gesteld worden, kan je het altijd blijven afdoen dat opleidingen er niet toe doen. Professionele begeleiding is wat Bovag betreft echter van het grootste belang.”

‘Ernstige twijfel’

VRB en FAM hebben met name moeite met de oude onderzoeken waarop de aanbevelingen gebaseerd zijn, zo laten de brancheverenigingen in een gezamenlijke reactie weten. “Wij vinden dat zijn beweringen gestoeld zijn op oude cijfers.” Bovendien doen de ongevallencijfers van de omringende landen, met name in België, hen ‘ernstig twijfelen aan zijn beweringen’. “Er is niet voor niets afgelopen week een artikel gepubliceerd dat de Belgen de slechtste chauffeurs van Europa zijn.”

Meten is weten, vinden FAM en VRB. “Dus pas wanneer met harde nieuwe onderzoekscijfers deze bewering onderbouwd kan worden willen en moeten wij wel meegaan.” Maar dan moet er volgens hen wel bij ieder ongeval een aantal zaken precies bijgehouden worden: hoe de bestuurder is opgeleid, of dit door zelf oefenen is gebeurd, hoe vaak deze bestuurder op examen is geweest, of de bestuurder ook de schuldige partij is geweest, hoeveel kilometers de bestuurder op dat moment had gemaakt, hoeveel bekeuringen heeft de bestuurder al gehad, of er alcohol en/of drugs in het spel waren en of er sprake was van doden en of zwaargewonden met al dan niet blijvend letsel.

“Kortom, dat wordt een klus van jaren. En ook mensen die niet betrokken zijn bij een ongeval kunnen allerbelabberdste chauffeurs zijn. Zij kunnen juist door de oplettendheid van de overige weggebruikers ‘gered’ worden.”

‘Geen standpunt SWOV’

RijschoolPro legde het rapport voor aan SWOV, met de vraag in hoeverre de verkeersveiligheidsorganisatie achter de aanbevelingen uit het rapport staat. “Wat in dat rapport staat is niet een mening of standpunt, maar zijn zaken die geconcludeerd worden op basis van systematische analyse van wetenschappelijke onderzoeken”, zegt woordvoerder Patrick Rugebregt. 

“In het rapport staat dat naar het effect van de rijinstructeur weinig onderzoek is gedaan en dat, voor zover er onderzoek is gedaan, niet is gebleken dat mensen die hebben leren rijden van een leek een hoger ongevalsrisico aan het begin van hun rijcarrière hebben dan mensen die hebben leren rijden van een professionele rijinstructeur”, vervolgt hij. “Daarbij is de kanttekening geplaatst dat het vaak om oude onderzoeken gaat en dat in de meeste studies het effect van zelfselectie niet uitgesloten kan worden.”

Het is volgens Rugebregt niet aan SWOV om ‘standpunten’ in te nemen: “Het gaat ons om feiten en resultaten die uit onderzoek komen. In het onderhavige EU-rapport staat enkel wat uit wetenschappelijk onderzoek gebleken is. Op basis van die kennis worden in het rapport een aantal ‘good practices’ genoemd. Die samenvatting is overigens geschreven door TRL en niet door SWOV.”

Lees hier het volledige rapport.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 28 Jun 2018 09:19:10 +0000

CBR wordt strenger: examens vaker afgebroken bij gevaar

Het CBR wil slecht voorbereide kandidaten weren van de praktijkexamens. Examinatoren zullen vaker examens afbreken wanneer de kandidaten zo slecht zijn opgeleid dat er gevaarlijke situaties ontstaan. Vervolgens moeten deze kandidaten langer wachten tot hun herexamen. Ook doet het CBR onderzoek naar het ‘ongewenst beïnvloeden’ van het slagingspercentage door rijscholen en naar omstreden verdienmodellen.

Dat meldt CBR-directeur Petra Delsing in een brief aan het ministerie van Infrastructuur en Milieu, waarin ze de maatregelen omschrijft om de lange wachttijden voor de examens tegen te gaan. Een ervan is het strenger optreden bij de slecht opgeleide kandidaten. “Deze kandidaten (en rijscholen) maken onnodig gebruik van onze schaarse examencapaciteit.”

130 examens per jaar

Momenteel worden elke maand zo’n 130 examens afgebroken vanwege ‘gevaarzetting’. “Een groter aantal examens komt daarvoor in aanmerking, gelet op de slechte voorbereiding van de kandidaat.”  Delsing kondigt aan dat de examinatoren deze bevoegdheid vanaf dit najaar strikter gaan toepassen.

Om herhaling te voorkomen, moeten de kandidaten bij wie het examen is afgebroken bovendien langer wachten: zes weken in plaats van de gebruikelijke twee weken. “Dit heeft naar verwachting vooral een preventieve werking.” In mei liet minister Cora van Nieuwenhuizen de Tweede Kamer weten dat deze maatregel op de planning stond.

Meerdere inschrijvingen

Ook noemt Delsing het ongewenst dat rijscholen hun slagingspercentage beïnvloeden door met meerdere inschrijvingen bij het CBR te werken. “Alleen kansrijke kandidaten doen examen onder naam van een van de
(handelsnamen van de) rijschool, waardoor de rijschool een hoog percentage kan laten zien.” Het CBR onderzoekt momenteel de aard en omvang van deze praktijk.

“Bovendien speelt het probleem van een onwenselijk verdienmodel van een rijschool door kandidaten veel te vroeg en dus kansloos op examen te laten komen bij het CBR, waaraan de betreffende rijschool verdient door een eigen opslag op het tarief van het CBR, dat de kandidaat niet beseft.” Het CBR stelt samen met de brancheorganisaties maatregelen op om om dit gedrag tegen te gaan.

Lees ook: Tot zeker eind 2019 lange wachttijden bij CBR

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 03 Jul 2018 16:23:29 +0000

Tot zeker eind 2019 lange wachttijden bij CBR

De lange wachttijden voor de praktijkexamens van het CBR zullen in ieder geval tot het najaar van 2019 niet zijn opgelost. Dat schrijft Petra Delsing, algemeen directeur van het CBR in een brief naar minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat. Dat de wachttijden voorlopig niet verbeteren, heeft mede te maken met de drukte bij de beroepsexamens, maar ook het hoge aantal geworven examinatoren dat tijdens de opleiding afhaakt.

Om de KPI’s voor 2018 te halen, komt het CBR naar verwachting capaciteit voor 22.500 praktijkexamens tekort. Met name de vraag naar beroepsexamens (CCV) is veel groter dan verwacht, schrijft Delsing. “Prognoses zijn minder goed te maken door een aantal factoren zoals de hoogconjunctuur, arbeidsmarktontwikkelingen en subsidieregelingen. De benodigde uitbreiding van de examencapaciteit voor deze beroepsexamens blijkt sinds 2017 erg moeilijk te realiseren vanwege krapte op de arbeidsmarkt en de lange opleidingstijd van examinatoren.”

Capaciteit naar CCV

Het opleiden van een examinator voor beroepsexamens duurt minstens negen maanden. De examinator in spé volgt in eerste instantie de opleiding tot B examinator gedurende drie maanden. Daarna neemt deze examinator voor een bepaalde periode B examens af om ervaring op te doen. Vervolgens begint hij aan de opleiding tot CCV examinator gestart die eveneens drie maanden duurt. Daarna kan hij aan de slag bij CCV.

De grote vraag bij de beroepsexamens wordt momenteel zoveel mogelijk opgevangen met vrijwillig overwerk en examinatoren die anders ingezet worden bij personenauto en motor, wat weer ten koste gaat van de capaciteit voor B(E) en A(M).

Hoewel de vraag naar beroepsexamens lastig is te voorspellen, is een goede prognose wel hard nodig. In overleg met een externe partij wordt daarom een prognosemodel ontwikkeld voor een betere voorspelling van de vraag naar beroepsexamens. “Hierdoor kan tijdiger dan nu het geval is geanticipeerd worden op de benodigde capaciteit aan CCV-examinatoren.”

Uitval van examinatoren

Minder verrast is het CBR over de groei bij praktijkexamens B, B(E) en A(M). “Deze marktvraag is goed te voorspellen (…). Voor 2018 is slechts 0,9 procent hoger dan verwacht.” Toch is het ook bij deze categorieën moeilijk om voor voldoende examencapaciteit te zorgen, laat Delsing weten.

Dat heeft onder meer te maken met de uitval van examinatoren tijdens hun opleiding. In 2017 zijn 60 nieuwe examinatoren geworven, maar hiervan is 30 procent afgehaakt, terwijl het CBR rekening had gehouden met 20 procent. Aanscherping van de selectieprocedure moet dit probleem verhelpen. Dit zorgt in 2018 al voor een lagere uitval.

Ook het ziekteverzuim onder examinatoren stijgt sinds medio 2017. “Het gaat hier om langdurig verzuim, door een diversiteit aan oorzaken.” Volgens het CBR gaat het met name om psychische klachten en het ‘bewegingsapparaat’, waar bijvoorbeeld rug- en nekklachten onder vallen. Sinds het tweede kwartaal van 2018 daalt het percentage verzuim weer. “We doen er alles aan om dit nog verder om te buigen en de dalende trend vast te houden. Daarbij houden we in de gaten of het vrijwillige overwerk nog steeds niet leidt tot ziekteverzuim.”

Opleidingsniveau

Verder is het, zoals bekend, moeilijk om de opleidingsklassen voor examinatoren vol te krijgen. “Daarom is zorgvuldig gekeken naar aanpassing van de criteria, waardoor het potentieel aan gekwalificeerde kandidaten recent is vergroot.” Zo zijn sinds kort ook parttimers welkom.

Daarnaast is de opleiding van het CBR gecertificeerd tot MBO4/havo-niveau. De entree-eis van MBO 4-diploma is verlaagd naar MBO 3-diploma met MBO 4 werk- en denkniveau. Hierdoor wordt de doelgroep voor werving verbreed. Dat maakt de doelstelling om in 2018 112 examinatoren te werven, realistisch, schrijft Delsing. Maar, door de lange opleidingstijd, zal het effect pas vanaf 2019 te merken zijn.

Bovendien vermindert het aantal verlofdagen van medewerkers boven de 58 jaar. Dat was een van de uitkomsten uit de cao-onderhandelingen tussen het CBR en de vakbonden. “Dit zal een extra capaciteit opleveren vanaf 2019, in de vorm van circa drieduizend extra examens per jaar.”

Tussentijdse toets

Ook noemt het CBR een aantal ‘niet wenselijke’ maatregelen, die wel veel effect kunnen hebben. Bijvoorbeeld een maximum stellen aan het aantal tussentijdse toetsen. Hiervan worden er jaarlijks zo’n 80.000 afgenomen. Als het CBR dit aantal zou verminderen met bijvoorbeeld de 22.500 examens die het tekort komt, is het mogelijk de reserveringstermijnen voor de examens weer op normaal niveau te brengen.

“Een tussentijdse toets verhoogt echter de kwaliteit van de rijopleiding (…). Rijscholen die dit instrument inzetten hebben doorgaans een hoger slagingspercentage. Aan quotering zitten dus onoverkomelijke bezwaren. Het risico bestaat dat het slagingspercentage daalt en dat leidt weer tot meer herexamens.” Ook zou zo’n maatregel een verkeerd signaal afgeven, stelt het CBR: “We willen juist de kwaliteit van de opleiding verhogen. Juist serieuze rijscholen en hun kandidaten maken nu al vaak gebruik van dit instrument en zullen dus last hebben van een quotering.”

Lees ook: CBR wordt strenger: examens vaker afgebroken bij gevaar

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 03 Jul 2018 08:16:27 +0000

Aanpassingen in WRM opnieuw uitgesteld

De Wet Rijonderricht Motorrijtuigen zal op zo’n vroegst in september worden behandeld door de Tweede Kamer. Dat betekent dat 1 januari 2019, de datum waarop brancheverenigingen hoopten dat de eerste wijzigingen zouden worden doorgevoerd, hoogstwaarschijnlijk opnieuw niet wordt gehaald.

Woensdagochtend besloot de commissie Infrastructuur en Waterstaat dat het onderwerp plenair aan bod moet komen. Dat debat zal niet voor het zomerreces plaatsvinden. Daarmee worden ook wijzigingen in de WRM opnieuw opgeschoven. Aangezien de invoering op 1 januari 2019 onwaarschijnlijk is, zal de eerstvolgende mogelijkheid 1 juli 2019 worden.

Tweede praktijkbegeleiding

Brancheverenigingen FAM, VRB en Bovag zijn al jaren in gesprek met het CBR, IBKI en het ministerie over het wijzigen van de WRM. Doel is de kwaliteit en professionaliteit van de branche te verbeteren. Omdat sommige aanpassingen relatief makkelijk zijn door te voeren, is er een verdeling gemaakt: één pakket aan maatregelen voor de korte termijn en één voor de langere termijn.

Voor de korte termijn stond onder meer de invoering van de VOG op het programma. Ook moet het aantal praktische bijscholingen op korte termijn worden teruggeschroefd. Rijinstructeurs hoeven dan elke vijf jaar niet twee maar één praktijkbegeleiding af te leggen. Het uitstellen van het WRM-debat heeft gevolgen voor instructeurs van wie de bevoegdheid verloopt voor 1 juli 2019. Zij moeten dus nog steeds een tweede praktijkbegeleiding afleggen.

Lange termijn

Voor andere onderwerpen uit de WRM is een wetswijziging nodig. Zoals strengere instroomeisen voor de opleiding tot rijinstructeur, het aantal stage-uren en de inhoud van de bijscholingen.

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 27 Jun 2018 10:02:03 +0000