Slagingspercentage van ééndaagse theoriecursussen ligt boven landelijk gemiddelde 

De acht grootste aanbieders van eendaagse theoriecursussen hebben samen een gemiddeld slagingspercentage van 67 procent voor de autotheorie (categorie B). Dit percentage is hoger dan landelijke gemiddelde van 51,2 procent. Dat blijkt uit open data van het CBR in de periode van april 2018 tot en met maart 2019. Van de grote aanbieders is NuTheorie de lijstaanvoerder met een slagingspercentage van 84,4 procent. Meer dan 27.000 eerste examens zijn afgelegd via de snelcursussen, op een totaal van 252.058 eerste examens. 

RijschoolPro vergeleek cijfers in de openbare data van het CBR van een aantal grote aanbieders van eendaagse theoriecursussen: NuTheorie, Theoriegarant, Turbo Theorie Opleidingen, Theoriepro, 123theorie, 123geslaagd, Theorie Snel Halen en Theoriestudie. De cijfers van de laatste drie kwartalen van 2018 en het eerste kwartaal van 2019 zijn met elkaar vergeleken. Het gaat om de cijfers van leerlingen die voor een eerste keer examen doen voor een theoriecertificaat in de categorie B. 

Het CBR doet geen uitspraken over slagingspercentages van ééndaagse opleiders. Omdat, zo antwoordt een woordvoerster: “We weten niet welke opleider welke opleidingsmethode hanteert. Dus we hebben hier geen aantallen van.” Wel kan de open data worden doorgespit waarin onder meer de aantallen examens per locatie en per bedrijf zijn genoteerd.  

Percentages

RijschoolPro heeft zoveel mogelijk geprobeerd om tot een compleet beeld te komen en de cijfers van alle handelsnamen van de ondernemingen mee te nemen in deze vergelijking. NuTheorie is aanvoerder van de lijst met slagingspercentages, zij komen uit op 84,4%. Theoriegarant volgt met 75,3%. De nummer drie in deze ranglijst is Turbo Theorie met 74,9%. Onderaan de lijst bungelt Theoriestudie met 43,9%. Zie onderstaande tabel voor de volledige lijst. 

Kanttekening 

In de bekeken periode zijn er 252.058 eerste theorie-examens door het hele land afgelegd, met een slagingspercentage van 51,1%. Dat cijfer is inclusief examens die via de ééndaagse cursussen zijn aangeboden. 

Een belangrijke kanttekening is dat hier geen vergelijking is gemaakt van opleidingsmethoden. Of meerdaagse trainingen of zelfstudie leiden tot hogere slagingspercentages is niet meegenomen in dit artikel. Aan de voorbereiding op het theorie-examen worden geen eisen gesteld door het CBR. “Kandidaten zijn vrij om te kiezen voor een voorbereiding op het theorie-examen dat bij hen past”, laat een woordvoerster weten.

Aan de hand van de cijfers kan niet worden geconcludeerd dat een ééndaagse cursus tot een hogere slagingskans leidt. De conclusie is sec dat het slagingspercentage van kandidaten die na een ééndaagse cursus theorie-examen doen, hoger ligt dan het landelijk gemiddelde. 

Slagingskansen 

Geen enkele aanbieder van een snelcursus haalt een slagingspercentage van honderd procent. Een aantal van hen, zoals 123 theorie, zegt een 100 procent slagingskans te hebben. Let wel, een slagingskans is geen slaaggarantie. Sommigen bieden nog wel een herkansing aan in hun pakket. De prijzen voor de snelcursussen schommelen rond de 100 euro, dat is exclusief de examenkosten bij het CBR van 33 euro. De prijzigste is Theoriepro met een dagcursus voor 125 euro, Theoriestudie is met 69,99 euro het goedkoopst. 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Redactie
Publicatie datum: Wed, 31 Jul 2019 07:41:14 +0000

‘Jonge xtc-gebruiker te snel achter het stuur’

Veel jonge drugsgebruikers stappen te snel achter het stuur nadat ze een xtc-pil geslikt hebben. Ruim zes op de tien jongeren denken dat ze minder dan 16 uur hoeven te wachten voordat ze veilig kunnen autorijden. Dat blijkt uit een onderzoek van jongerenorganisatie TeamAlert onder 1.460 jonge drugsgebruikers.

De harddrug is pas na 16 tot 58 uur uit het lichaam verdwenen. Hoe lang het precies duurt is afhankelijk van factoren als de hoeveelheid werkzame stof in de xtc-pil, lichaamsgewicht van de gebruiker en de mate waarin het middel is gebruikt. 

Rijden onder invloed van xtc is levensgevaarlijk. De kans op een ongeluk is 5 tot 30 keer hoger en wordt nog hoger als de drugs worden gecombineerd met alcohol of andere drugs. TeamAlert is eenorganisatie, die zich bezighoudt met jongeren en risicogedrag. Maartje Burghgraef van TeamAlert zegt: “Jongeren denken vaak dat ze goed bezig zijn. Ze gebruiken xtc op een meerdaags festival en blijven kamperen. Ze rijden de volgende dag pas weg, maar twaalf uur later is het nog niet verantwoord om te rijden”, aldus de organisatie.

Rij Tripvrij

Het is strafbaar om met drugs op te rijden. Of iemand gebruikt heeft, is aan te tonen met een speekseltest en/of een onderzoek naar psychomotorische functies, een oog- en spraaktest. De straffen zijn niet mals voor wie hogere waardes heeft dan toegestaan: een gevangenisstraf van maximaal 3 maanden, een geldboete van maximaal 8.200 euro of het verliezen van de rijbevoegdheid voor vijf jaar. 

Om jongeren te wijzen op de gevaren van xtc in het verkeer loopt TeamAlert donderdag met een levensgrote xtc-pil door het centrum van Utrecht. De actie is onderdeel van de campagne Rij Tripvrij. TeamALert is trouwens ook de organisatie achter 2toDrive. 

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Tue, 30 Jul 2019 11:31:32 +0000

VRB neemt het op voor het CBR 

Peter van Neck van de Vereniging Rijschool Belang neemt het deze week via de opiniepagina van de Volkskrant op voor het CBR. In het stuk roept de vereniging meteen ook rijinstructeurs op leerlingen aan te sporen zo snel mogelijk de Gezondheidsverklaring in te vullen. 

Op 22 juli was op de opiniepagina van de Volkskrant een ingezonden brief te lezen van Josette van Wolveren. Haar zoon is al meer dan een jaar bezig zijn rijbewijs te halen en heeft nog niet af mogen rijden. Hij liep vertraging op nadat hij op de Gezondheidsverklaring invulde dat hij ooit de diagnose ASS heeft gehad. Behalve tijd kost het traject ook veel geld. Volgens de moeder is er sprake van discriminatie op medische gronden. 

Peter van Neck van de Vereniging Rijschool Belang klom na het stuk van Van Wolveren in de pen. De VRB vindt het verhaal van de moeder ‘zeer eenzijdig’. De vereniging vindt het noodzakelijk openlijk te reageren om zo ook de andere kanten van het verhaal te belichten. Niet alleen het CBR heeft schuld aan het lange traject. “De rol van het CBR, de keuringsartsen, de medische specialisten en ook van de rijschoolhouders wordt verkeerd weergegeven”, meent de VRB. 

Doe het meteen

In het opiniestuk van Van Neck is te lezen dat rijbewijsleerlingen en hun ouders vaak niet beseffen dat het traject om een Verklaring van Geschiktheid te verkrijgen lang kan duren. “Zeker bij doorverwijzing naar een medisch specialist, die weer kampt met wachttijden en/of voor het bepalen van zijn bevindingen afhankelijk is van andere behandelende specialisten. Als je langs meerdere artsen moet, loop je tegen nóg langere afhandeltijden aan. Alle digitale systemen ten spijt”, schrijft hij.  

Kandidaten doen er verstandig aan om nog vóórdat ze beginnen aan hun rijbewijs na te denken of het zeker is dat ze een vraag voor de Gezondheidsverklaring met ja moeten beantwoorden. En het is aan de rijinstructeur om de leerling zo snel mogelijk aan te sporen de verklaring in te vullen. “Die verklaring blijft geldig zolang je bezig bent met het rijbewijs”, zegt secretaris Irma Brauers desgevraagd in een toelichting op het opiniestuk. “Vraag je leerling om dat meteen te doen.” 

Kosten

Over de kosten: in de brief van Van Wolveren worden alle kosten het CBR aangerekend en dat is volgens de branchevereniging niet correct. De tarieven voor de medische specialisten wordt door de NZA vastgesteld en die worden aan de specialist betaald. Wanneer een rijtest deel uitmaakt van het traject en er dus een lesauto nodig is, is het niet het CBR die een rekening stuurt, maar de rijschool die huur rekent voor een lesauto. “Omdat er maar op dertig CBR-oproepplaatsen rijtesten worden afgenomen, kan dat qua inzettijd al snel drie lesuren beslaan”, schrijft Van Neck. 

Blijf eerlijk

De voorzitter van de VRB benadrukt in zijn brief dat het verhaal van de moeder geen opmaat mag zijn om medische zaken níet naar waarheid in te vullen. “In Nederland is er gelukkig extra steun in de reguliere schoolopleiding voor wie dat nodig heeft, anderzijds kan uit een gedragsdiagnose ook voortvloeien dat er extra en zorgvuldige procedures bij het CBR moeten worden doorlopen. Dat heeft de wetgever in Nederland in het belang van de verkeersveiligheid nu eenmaal bepaald.” 

Brauers vult aan: “De check is er niet voor niets. Niet mee eens? Die klacht moet je richten aan de overheid die de wetgeving heeft opgesteld, niet aan het CBR.” 

Veiligheid voorop

Het artikel vervolgt: “Kunnen zaken beter? Zeker, we houden de vinger aan de pols over de ontwikkelingen bij de medische afdeling van het CBR, die al maanden kampt met zeer lange doorlooptijden. Maar als derde partijen moeten worden ingeschakeld, is dat niet het CBR aan te rekenen.” 

Van Neck sluit zijn betoog af met de stelling dat iedereen een eerlijke kans moet krijgen, maar dat veiligheid voorop staat.

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Tue, 30 Jul 2019 10:13:30 +0000

Vier op tien zzp’ers in rijschoolbranche heeft geen voorziening arbeidsongeschiktheid 

In de rijschoolbranche heeft 38,4 procent van de zelfstandigen zonder personeel geen verzekering of spaargeld achter de hand in het geval van arbeidsongeschiktheid. Dat blijkt uit eigen onderzoek van RijschoolPro.  

RijschoolPro zette een poll uit waarin aan zzp’ers in de rijschoolbranche werd gevraagd welke voorzieningen zij hebben getroffen voor eventuele arbeidsongeschiktheid. Uit een eerder onderzoek van TNO en het CBS bleek dat 41 procent van alle zzp’ers in Nederland geen voorzieningen heeft getroffen en dat terwijl een verzekering binnenkort verplicht wordt als onderdeel van het principe-akkoord pensioenen. 

Stand in de rijschoolbranche 

In de rijschoolbranche blijkt het percentage zelfstandigen dat niets heeft geregeld iets lager te liggen: 38,4 procent. De overige respondenten geven aan wél voorzieningen te hebben getroffen; iets meer dan een kwart heeft een arbeidsongeschiktheidsverzekering (aov). 15,1 procent kiest voor een broodfonds en 14,2 procent heeft een eigen spaarpot voor noodgevallen. Tot slot geeft 6,5 procent aan arbeidsongeschiktheid op een ‘andere manier’ te regelen, zoals een combinatie van broodfonds, spaargeld en een aov. 

In het onderzoek van TNO en CBS, genaamd Zelfstandigen Enquête Arbeid, is aan 5.500 zelfstandig ondernemers gevraagd of en wat zij geregeld hebben voor eventuele arbeidsongeschiktheid. Aan het onderzoek deden enkele tientallen rijscholen en -instructeurs mee, een te kleine groep respondenten om concrete uitspraken te doen over deze branche. Dat was aanleiding voor RijschoolPro om te onderzoeken hoe het in de branche is geregeld; 232 mensen vulden de poll in. 

Zwaar beroep 

Het belangrijkste argument om geen verzekering af te sluiten zijn de kosten, die conclusie valt te trekken na het lezen van alle reacties op social media en de eigen website van RijschoolPro naar aanleiding van de berichtgeving. Enkele commentaren: ‘onbetaalbaar’, ‘te duur’ en ‘niet op te brengen’. Ook wordt aangehaald dat de verzekeringsproducten te ingewikkeld zijn, de kosten met de leeftijd oplopen en dat een aov niet aantrekkelijk is vanwege de lange periode die overbrugt moet worden voordat er verzekeringsgeld wordt uitgekeerd.

Rijinstructeur wordt door de meeste verzekeraars aangemerkt als zwaar beroep, dat bevestigt een woordvoerster van het Verbond voor Verzekeraars. Die classificatie zorgt ervoor dat een verzekering inderdaad kostbaar is. Hoeveel premie een rijinstructeur precies betaalt, is afhankelijk van verschillende factoren, zoals leeftijd, hoeveel je op de weg zit en de gekozen mate van dekking. 

Iets meer dan een kwart van de zzp’ers die de poll van RijschoolPro invulden, geeft aan wel een arbeidsongeschiktheidsverzekering te hebben afgesloten. Een reactie op facebook: “Ik had vijf jaar geleden een hartprobleem en was toen blij dat ik goed verzekerd was.” In de comments wordt de hoop uitgesproken dat de premie omlaag gaat bij een verplichte aov voor iedereen. “Als het draagvlak breder wordt, hoop ik dat dat premie met minstens een derde omlaag gaat.” 

Spaarpotje 

15,1 procent van de zzp’ers kiest voor deelname in een broodfonds, dat wordt in sommige comments aangemerkt als een ‘betaalbaar alternatief’. Bij een broodfonds verenigen ondernemers zich in een groep, variërend van dertig tot vijftig leden, die allemaal een maandelijks bedrag inleggen. Raakt een van de ondernemers arbeidsongeschikt dan krijgt hij of zij een bedrag van dit fonds uitgekeerd. 

Uit de poll blijkt dat spaargeld of beleggingen voor 14,2 procent van de zelfstandige rijinstructeurs de oplossing is om arbeidsongeschiktheid op te vangen. Onder meer ING biedt een speciale spaarrekening aan voor zzp’ers. “Een goede buffer is de som van je vaste lasten vermenigvuldigt met het aantal maanden dat je wil kunnen overbruggen”, stelt de bank. Een spaarpot kan tevens helpen om een stabiel inkomen te creëren ook voor de momenten dat je op vakantie bent of niet aan het werk bent vanwege bijvoorbeeld bijscholing. 

Combinatie 

Een klein gedeelte van de ondervraagden, 6,5 procent, geeft aan de inkomensdip bij eventuele arbeidsongeschiktheid op een andere manier op te vangen. Uit de reacties blijkt dat ‘anders’ met name inhoudt dat er gekozen wordt voor een combinatie van spaargeld, broodfonds of verzekering. Een persoon geeft in de comments aan het helemaal anders aan te pakken; hij koopt iedere maand een rijtje staatsloten. 

Lees ook:

 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Tue, 30 Jul 2019 07:46:01 +0000

‘Verplichte opfriscursus voor automobilisten’ 

Branchevereniging BOVAG roept mensen die al een rijbewijs hebben op om van tijd tot tijd een opfriscursus volgen. Frank Hoornenborg, voorzitter van BOVAG Rijscholen stelt dit naar aanleiding van het nieuwsbericht dat een man uit Moordrecht een taakstraf van 40 uur kreeg voor het negeren van het bandenspanningslampje in de auto. 

Een opfriscursus moet vooral gaan over veranderde verkeersregels, nieuwe borden en nieuwe technieken in de auto. “We moeten met onze kennis en capaciteiten meegaan met de tijd”, redeneert de BOVAG-voorzitter. “Iedereen moet zich afvragen of hij wel up-to-date is om veilig te kunnen rijden. De verkeersregels veranderen, er komen nieuwe borden bij en bovendien zijn de auto’s van nu heel anders dan die van jaren geleden.” 

Hoornenborg spreekt in eerste instantie over een theoretische cursus, die bijvoorbeeld in een ochtend of middag bij een opleider kan worden gevolgd. Het doel ervan is het verhogen van de verkeersveiligheid door mensen bewust te maken van gevaren en uit te leggen hoe zij hun rijgedrag kunnen aanpassen aan bijvoorbeeld dat brandende lampje. 

Verkeersveiligheid

De voorzitter vraagt niet om een directe invoering van wet- en regelgeving, wel wil hij dat er wordt nagedacht over een verplichting. “Nu is het zo dat je nadat je op je achttiende je rijbewijs hebt gehaald er geen enkele check meer is of je later nog wel de kennis en kunde hebt om deel te nemen aan het verkeer. Door kennis bij te spijkeren, te wijzen op de gevaren en te bespreken hoe je je gedrag kunt aanpassen, verhogen we de verkeersveiligheid.” 

Een geschikt moment voor de opfriscursus zou op termijn zijn als het rijbewijs verlengd moet worden, ofwel eens in de tien jaar. Hoornenborg vindt ook: “Het moment dat een zoon of dochter rijles gaat nemen en de ouder de rol van coach op zich neemt is een uitgelezen moment voor zo’n cursus.”  

Een samenvatting van het nieuws dat de aanleiding is: een 38-jarige man is veroordeeld tot een taakstraf van veertig uur na het negeren van het bandenspanningslampjes in zijn auto. Ook is hij zes maanden zijn rijbewijs kwijt. De man strandde uiteindelijk met een kapotte band op de linkerrijstrook van de snelweg. Een volgende auto kon hem niet ontwijken en klapte met 120 kilometer per uur achterop. De bestuurder daarvan liep ernstig en blijvend letsel op, onder meer breuken aan zijn rugwervels.

Preventieve werking 

Bij het bedrijf van Hoornenborg, Bruinsma Verkeersopleidingen in Utrecht, wordt na de zomer al een start gemaakt met het aanbieden van een dergelijke cursus. Deze wordt gratis aangeboden aan mensen in de directe omgeving van leerlingen die al lessen volgen bij Bruinsma, zoals bijvoorbeeld de ouders.  

De veroordeling van de 38-jarige bestuurder zal maatschappelijke gevolgen hebben, al is het maar dat andere bestuurders gewaarschuwd zijn voor de gevolgen bij het niet aanpassen van het rijgedrag bij een signaal. “De uitspraak kan preventief werken”, aldus Hoornenborg. 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Fri, 02 Aug 2019 06:10:02 +0000

‘100 Nederlanders rijbewijs kwijt in Frankrijk’

Wie in Frankrijk wordt betrapt op te hard rijden, loopt het risico dat het rijbewijs direct wordt ingevorderd. Dat gebeurde in 2017 bij 104 Nederlanders die minimaal 50 kilometer per uur te hard reden, blijkt uit cijfers die BNR heeft opgevraagd bij het Franse ministerie van Binnenlandse Zaken.

Volgens het strenge Franse strafpuntensysteem krijgen Nederlandse snelheidsduivels 6 strafpunten, waarmee ze veroordeeld kunnen worden tot een rij-ontzegging van drie jaar. “Op het moment dat je in extreme mate onwenselijk verkeersgedrag vertoont – of dat nou in Nederland is of in het buitenland – moet de politie natuurlijk wel een middel hebben om dat tegen te gaan. Anders zou je vrolijk verder kunnen rijden”, aldus advocaat verkeersrecht Bert Kabel.

Een rij-ontzegging geldt volgens hem alleen in het land waar die is opgelegd.

Bron: ANP

Bron: Verkeerspro
Auteur: Frank van de Ven
Publicatie datum: Fri, 19 Jul 2019 09:18:21 +0000

Hittetips voor de zomerse dagen 

Het wordt heet vandaag. En dat blijft de komende dagen zo. Door de brandende zon kan het al snel te warm worden in de auto. Met deze hittetips hou je het koel. 

Het hitteprotocol is sinds dinsdag in werking gesteld. Dat houdt in dat als je met pech langs de weg komt te staan, je direct wordt geholpen door Rijkswaterstaat. RIjkswaterstaat schakelt voor iedereen die langs de snelweg strandt direct een berger in. Die zorgt ervoor dat je zo snel mogelijk naar een veilige locatie met voorzieningen, zoals een tankstation of parkeerplaats, wordt gebracht.

Behalve het hitteprotocol op de weg, geldt nu ook het Nationale Hitteplan. Dit hitteplan is in feite een waarschuwing voor hitte en de risico’s die dit met zich mee kan brengen en een oproep om extra op elkaar te letten. Vooral voor groepen kwetsbare mensen, zoals ouderen, baby’s, chronisch zieken, mensen met overgewicht, mensen in verzorgingshuizen en mensen in een sociaal isolement brengt hitte gezondheidsrisico’s met zich mee. Deze mensen moeten alert zijn op uitdroging en oververhitting. De tips in het Nationale Hitteplan liggen erg voor de hand: voldoende drinken, dunne kleding dragen, vooral ‘s middags niet te veel meer doen, hou je woning koel en let op mensen in je omgeving die zorg nodig hebben. 

Hou het koel

De ANWB heeft speciaal voor in de auto een aantal tips op een rijtje gezet om goed voorbereid op weg te gaan. 

  • Check voor vertrek de verkeersinformatie. Niets vervelender dan in de brandende zon in de file staan; 
  • Zet voor vertrek de deuren of ramen van je auto open. Op deze manier kan de ergste warmte vast ontsnappen;
  • Schakel de eerste vijf minuten van de rit de recirculatiestand van jouw auto in: hierdoor koelt het interieur sneller af;
  • Neem voldoende drinkwater mee in de auto en drink daar ook van 
  • Zet de airconditioning niet kouder dan zes graden onder de buitentemperatuur. Daarmee voorkom je klachten als verkoudheid, hoofd- en keelpijn. Een te groot temperatuurverschil is ongezond; 
  • Veraangenaam de temperatuur aan boord door het zijraam van de auto af te dekken met zonwering of een handdoek; 
  • Leg een paraplu in je kofferbak. Wanneer je pech krijgt, moet je de auto uit en met een paraplu sta je niet onbeschermd in de brandende zon; 
  • Laat je passagiers (dus ook eventuele huisdieren) nooit achter in een afgesloten auto; 
  • Motorrijders: blijf beschermende kleding dragen, ook bij hoge temperaturen. 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Tue, 23 Jul 2019 05:30:59 +0000

Meer tijdverlies door files in de eerste vier maanden van 2019

We staan steeds langer in de file en we rijden steeds meer kilometers. Dat blijkt uit de Rapportage Rijkswegennet. Het aantal uren vertraging veroorzaakt door files en oponthoud op de snelweg is in de eerste vier maanden van 2019 opnieuw gestegen. In deze periode reden we met z’n allen 73 miljard kilometer op het hoofdwegennet. De eerste plaats in de File Top 10 is voor de A20 van Hoek van Holland naar Gouda, tussen Crooswijk en het Terbregseplein. 

Het zogenoemde reistijdverlies (wanneer weggebruikers langzamer rijden dan de referentiesnelheid van 100 km per uur) komt op jaarbasis uit op 67 miljoen uur. Het aantal afgelegde voertuigkilometers op het hoofdwegennet is met 0,7 procent toegenomen tot 73 miljard. De meerjarige trend blijft hiermee licht stijgend. 

De cijfers komen uit de Rapportage Rijkswegennet. Deze rapportage geeft elke vier maanden de ontwikkeling van de doorstroming op het rijkswegennet weer. De rapportage bevat jaarcijfers per eind april 2019 over het gebruik van het rijkswegennet, de filezwaarte, de File Top 10 en het reistijdverlies. 

Jaarfilezwaarte

De jaarfilezwaarte is met 2,8 procent gestegen naar 11,9 miljoen kilometerminuten. De belangrijkste file-oorzaak blijft hoge intensiteit (reguliere spitsfiles), gevolgd door ongevallen en incidenten. Jaarfilezwaarte is de gemiddelde filelengte vermenigvuldigd met de duur van de file op jaarbasis. 

Het grootste deel van de files (71,6 procent) zijn reguliere spitsfiles. 17,8 procent wordt veroorzaakt door ongevallen en 6,9 procent door incidenten (zoals pechgevallen of lading op de rijbaan). Het aandeel ongevallen en incidenten is licht gedaald in vergelijking met de situatie per december 2018. 

File Top 10

Er is één nieuwe locatie in de filetop 10. Dit is de A4 bij Zoeterwoude in de richting van Den Haag. De A20 bij Rotterdam tussen Crooswijk en het Terbregseplein staat onveranderd op de eerste plaats. De meeste filetoplocaties bevinden zich in de Randstad (namelijk 8 van de 10).

  1. A20 Hoek van Holland – Gouda, tussen Crooswijk en het Terbregseplein 
  2. A20 Hoek van Holland – Gouda, tussen Nieuwerkerk aan den IJssel en Moordrecht 
  3. A1 Amsterdam – Apeldoorn, tussen Hoevelaken en Barneveld 
  4. A16 Rotterdam – Breda, tussen Feijenoord en Ridderkerk-Noord 
  5. A27 Utrecht – Gorinchem, tussen Lexmond en Noordeloos 
  6. A4 Den Haag – Rotterdam, tussen de Kethelunnel en het Kethelplein 
  7. A20 Gouda – Hoek van Holland, tussen Moordrecht en Nieuwerkerk aan den IJssel 
  8. A4 Den Haag – Amsterdam, tussen Leidschendam en Zoeterwoude-Dorp 
  9. A12 Arnhem – Den Haag, tussen Nieuwegein en Ouderijn 
  10. A4 Amsterdam – Den Haag, tussen Zoeterwoude-Rijndijk en Zoeterwoude-Dorp 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Rieneke Kok
Publicatie datum: Mon, 22 Jul 2019 13:40:56 +0000