Zorgautoriteit: standaardtarief voor rijbewijskeuring niet toegestaan

Medisch specialisten hanteren tegen de regels in standaardtarieven voor rijbewijskeuringen. De artsen mogen alleen de tijd in rekening brengen die ze daadwerkelijk aan een keuring hebben besteed, stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Ook vindt de NZa dat mensen zelf moeten kunnen kiezen naar welke specialist zij gaan voor hun rijbewijskeuring, vanwege de grote prijsverschillen.

De NZa heeft een inventarisatie gemaakt van klachten over rijbewijskeuringen. De meeste klachten gaan over hoge rekeningen door psychiaters en neurologen. Sommige keurend medisch specialisten declareren volgens de NZa standaard het hoogst toegestane bedrag dat soms oploopt tot meer dan driehonderd euro.

Een standaardtarief hanteren mag niet. Specialisten mogen alleen de directe en indirecte tijd in rekening brengen die ze daadwerkelijk aan een keuring besteden. De zorgautoriteit doet op dit moment onderzoek naar een aantal aanbieders van rijbewijskeuringen die zo werken.

De NZa gaat kijken of de regelgeving nog verder kan worden verbeterd. Ook stellen zij een brief op die mensen kunnen downloaden en toesturen aan hun rijbewijskeurder als zij geconfronteerd worden met een standaardtarief dat niet aansluit op het verloop van hun keuring. “Als wij toch meldingen ontvangen over rijbewijskeurders die standaardtarieven hanteren, dan spreken wij hen hierop aan. En bij misstanden grijpen we in”, aldus de NZa.

Zelf kiezen

Zo lang de tarieven zo sterk met elkaar verschillen, en mensen dit dus zelf moeten betalen, vindt de NZa dat mensen ook moeten kunnen kiezen door wie ze gekeurd worden. “Uit meldingen die wij ontvangen blijkt dat het CBR mensen verwijst naar een specifieke specialist. Op het moment dat er verschillen in tarieven zijn, is het voor mensen extra belangrijk dat ze zelf kunnen kiezen door wie ze gekeurd worden.”

Onnodig

Ook zouden alleen de mensen gekeurd moeten worden bij wie dat echt nodig is, vindt de NZa. “Voor mensen met ADHD is wettelijk bepaald dat zij gekeurd moeten worden. In de praktijk blijkt dat niet voor alle mensen met deze diagnose zo’n keuring nodig is.”

Vorig jaar is in de Gezondheidsverklaring een verduidelijking opgenomen voor mensen die als kind gediagnostiseerd zijn met ADHD, geen medicijnen gebruiken en bij wie de behandeling voor de 16e verjaardag is gestaakt. Zij hoeven niet gekeurd te worden. Deze verduidelijking kwam op verzoek van belangenvereniging Impuls. “Dit roept de vraag op of er meer mensen zijn die onnodig gekeurd worden. We doen een oproep aan de politiek om te kijken of de regelingen nog actueel zijn.”

Klachtenprocedure

Ook blijkt dat mensen nergens terecht kunnen als ze een klacht hebben over de keuring. Er bestaat voor rijbewijskeurders geen verplichting voor het aanbieden van een klachtenprocedure. Er bestaat een uitzondering in de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) die hen hiervoor vrijpleit. “Dit is in onze ogen een onwenselijke situatie. De wet zou hierop aangepast moeten worden.”

Lees ook: Vraag over ADHD/ADD op Gezondheidsverklaring vaak onterecht met ‘ja’ beantwoord

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Wed, 24 Apr 2019 04:37:54 +0000

Helft volwassenen weet niet waar dode hoek zit

Bijna 50 procent van de volwassenen weet niet waar de dode hoek van een vrachtauto zit en waar je als fietser veilig staat in de buurt van een groot voertuig. Dat blijkt uit onderzoek van Veilig Verkeer Nederland. De verkeersveiligheidsorganisatie heeft sinds kort een augmented reality-app waarmee ouders en kinderen thuis op een interactieve manier leren over de dode hoek van grote voertuigen in het verkeer.

Veilig Verkeer Nederland deed onderzoek naar hoe volwassen fietsers omgaan met de dode hoek van grote voertuigen in het verkeer. Bijna de helft van de respondenten koos de verkeerde plek bij de vrachtauto waar ze zich als fietser veilig dachten op te stellen. 4 van de 10 volwassenen wist niet dat ook tractors en shovels een gevaarlijke dode hoek hebben.

Gevaarlijke situaties

De dode hoek zorgt in het verkeer vaak voor gevaarlijke situaties: 46 procent van alle ernstige dodehoekongevallen kent een dodelijke afloop, meldt VVN. Gemiddeld komen per jaar 10 fietsers om het leven door een dodehoekongeval. Veilig Verkeer Nederland verzorgt al lange tijd dodehoeklessen in het basisonderwijs.

De app ‘Uit de hoek’ is gratis te downloaden in de appstores. Hiermee wil VVN ouders – via hun kinderen –  op een leuke manier samen leren waar de dode hoek van grote voertuigen zich bevindt en hoe zij zich in veilig gedragen.

Met augmented reality komen verkeerssituaties op de keukentafel tot leven. Kinderen zoeken met hun ouders naar schoolspullen die op weg naar huis uit hun tas zijn gevallen. Hierbij komen ze steeds in dodehoeksituaties terecht.

Lees ook: Gebruik dodehoekverklikker bij rijexamen leidt tot verdeeldheid

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 23 Apr 2019 07:05:20 +0000

‘Nieuwe sanctie voor rijinstructeurs is geen verdienmodel’

Eigenlijk is hij al zes jaar met pensioen. Maar hij is, zo zegt hij zelf, verslaafd aan het vak. Eerder deze maand is Wilbert van Beersum benoemd tot voorzitter van de Landelijke Belangenvereniging voor Verkeersopleidingsinstituten (LBVI). We spreken met hem over de samenwerking in de branche, de plannen op het gebied van praktijkbegeleiding en de toekomstvisie van de LBVI.

Echt nieuw is deze functie niet voor Van Beersum. Hij is al enkele jaren vice-voorzitter bij LBVI. Arnold Beumer heeft om gezondheidsredenen het voorzitterschap neer moeten leggen. Van Beersum vormt nu het bestuur samen met penningmeester Simon Jongepier (Jongepier Verkeersopleidingen) en secretaris Paul Wemer (SAN Verkeersopleidingen).

De LBVI heeft tien leden. Een mooi aantal, vindt Van Beersum. “Ons uitgangspunt is dat we niet in elkaars vaarwater komen. We streven ook naar een landelijke dekking. Wel hebben we flink wat voorwaarden gesteld aan lidmaatschap. Zo moet een opleider minimaal drie jaar lang rijinstructeurs hebben opgeleid.” Aan interesse vanuit andere opleiders geen gebrek, stelt de voorzitter. “Alleen komen de meeste verzoeken van opleiders die willen meeliften op de bijscholing. Als een van onze leden een bijscholing indient bij het IBKI en deze wordt goedgekeurd, dan mogen alle LBVI-leden deze bijscholing geven. Dat maakt het interessant.”

Met de concurrent

Van Beersum is eigenaar van de Veldhovense Rijinstructeurs Opleiding. Samen met vijf medewerkers leidt hij rijinstructeurs op voor onder meer personenauto, motorfiets, vrachtauto, bus en tractor. Zijn achtergrond ligt in de militaire wereld. Hij gaf onder meer leiding aan een militaire rijschool met 45 instructeurs en 15 examinatoren. Als luitenant-kolonel was hij verantwoordelijk voor opleidingen en ontwikkelde hij diverse trainingen. In 2005 werd hij uitgezonden naar Afghanistan waar hij als ‘chief liasion’ de verbindende schakel was tussen hulporganisaties en ministerie.

Het zoeken naar verbinding lijkt hem ook in de rijschoolbranche goed te liggen. Met ministerie, IBKI en brancheverenigingen, maar ook met de ‘concurrent’, namelijk de VVB (Vereniging VerkeersveiligheidsBelangen), waar de VerkeersAcademie onder valt. “De afgelopen periode hebben we veel met elkaar opgetrokken en hebben we goede gesprekken gehad”, zegt Van Beersum.

Praktijkbegeleiding

Een voorbeeld van samenwerking is de invulling van het nieuwe sanctiebeleid bij de praktijkbegeleiding. In plaats van het verliezen van de bevoegdheid, komt er een educatieve sanctie. “De LBVI heeft samen met de VVB, FAM, VRB en Bovag een plan ontwikkeld”, vertelt Van Beersum. “Dat lukte door goed naar elkaar te luisteren. Men ziet steeds meer het belang van samenwerking in. Je zag dit al gebeuren toen de drie brancheverenigingen samen een voorstel indienden voor een nieuwe WRM.”

Voorafgaand aan de gesprekken over de WRM, werd eerst een interne bijeenkomst gehouden om de mening van de LBVI-leden te peilen. “We hielden een workshop om te bepalen welke richting de LBVI op wil gaan. Door dit eerst met de achterban te bespreken, ben je niet zomaar een voorzitter die iets roept, maar ga je veel sterker de gesprekken in.”

Geen verdienmodel

Dat de sanctie verandert, vindt Van Beersum overigens een verbetering. Zijn bedrijf geeft ook cursussen om instructeurs voor te bereiden op de praktijkbegeleiding. “Veel mensen die zakken voor de praktijkbegeleiding, doen dat omdat ze zenuwachtig zijn en niet omdat ze de vaardigheden niet beheersen. Bovendien vervalt de tweede verplichte bijscholing: als je in 1x slaagt, ben je er ook meteen vanaf.”

De details van de educatieve sanctie kan hij nog niet geven, wel de grote lijnen. Wie na de derde keer niet slaagt voor de praktijkbegeleiding, moet een verplichte cursus volgen. Deze cursus is afgestemd op het beoordelingsformulier. Maatwerk dus, en dat maakt het prijzig. Het gaat om een opleiding van drie dagen van zes uur, met zowel theorie- als praktijklessen. Vervolgens moeten de cursisten opnieuw examen afleggen bij IBKI. Een flinke kostenpost voor een instructeur.

Is zo’n educatieve sanctie commercieel gezien niet erg interessant voor de rijinstructeursopleidingen? “Dit wordt vaak gezegd, maar dat is absoluut niet zo”, stelt Van Beersum. “Op jaarbasis gaat het om zo’n 23 instructeurs. Dat zijn er gemiddeld 2 per opleider, die een individueel traject aanbieden. Daar zit geen verdienmodel in.”

Lerend leren

Het ontwikkelen van de educatieve sanctie is een maatregel voor de korte termijn; officieel staat de invoerdatum van de nieuwe WRM op 1 januari 2020, al betwijfelt Van Beersum of die datum haalbaar is. Voor de langere termijn wil Van Beersum zich onder meer richten op het vernieuwen van de bijscholingen om deze nog relevanter te maken voor rijinstructeurs. “Denk bijvoorbeeld aan Talking Traffic: reuze interessant. Je auto communiceert met de verkeerslichten en andere voertuigen. Er wordt op je telefoon of navigatie precies aangegeven met welke snelheid je moet rijden om groen licht te krijgen, of wanneer een hulpdienst in je buurt is. Erg interessant om uit te leggen aan de leerlingen.”

Naast de nieuwe bijscholingen, wil Van Beersum zich ook meer richten op het ‘lerend leren’. “Ik ben groot fan van de RIS, alleen dekt de naam de lading niet. Mensen hebben een verkeerd beeld van RIS. Rijopleiding in Stappen: dat is toch elke rijopleiding? Daarom spreek ik liever van lerend leren, leren door ervaring en gewoon doen. Dit zou in de instructeursopleiding nog veel uitgebreider aan bod moeten komen.”

Lees ook:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 23 Apr 2019 12:35:08 +0000

Nieuw theorieboek speelt in op populariteit elektrische scooters

De elektrische scooter is in opmars. Met dank aan het groeiend aanbod, de dalende prijzen en de uitgebreide actieradius. Verjo Verkeersleermiddelen heeft de e-scooter opgenomen in het nieuwe theorieboek bromfiets, waarin de afwijkende regels en gebruiken op een herkenbare manier worden omschreven.

Sinds de introductie van het bromfietscertificaat in 1996 is er veel veranderd voor de bestuurders van brom- en snorfietsen. Denk aan de plaats op de weg, het bromfietsrijbewijs, het praktijkexamen en de komst van de speed pedelec.  Op dit moment ziet Verjo-directeur Chris Verstappen de grote verandering bij tweewielers de snelle opmars van de elektrische scooter. “In Nederland rijden al meer e-scooters rond dan elektrische auto’s. Ook levert de e-scooter een belangrijke bijdrage aan het verbeteren van de luchtkwaliteit en het bereikbaar houden van de Nederlandse steden.”

Lesmateriaal

Verjo heeft de ontwikkeling rond de e-scooter verwerkt in het lesmateriaal. In het nieuwe theorieboek bromfiets worden de afwijkende regels en het gebruik van een e-scooter op een unieke manier weergegeven. De leerling herkent dit aan het icoontje ‘e-scooter’. Voor de leerlingen die nog met een fossiele bromfiets of snorfiets rijden, is dan ook meteen duidelijk dat het (nog) niet voor hen bedoeld is.

“We leiden de kandidaat niet alleen op voor een examen maar ook voor een veilige deelname aan het verkeer. Binnen Europa zijn wij de eerste die hier serieus aandacht aan besteden in het lesmateriaal. Diverse andere landen zullen op korte termijn ons voorbeeld gaan volgen.”

Prettig rijden

Het team van Verjo is met een nieuwe e-scooter op pad gegaan om alle foto’s en 3D-tekeningen te vernieuwen. “Voor ons was het rijden met de e-scooter een zeer prettige ervaring. We hebben gekozen voor het merk EMCO, de leading leverancier van e-scooters in Nederland.”

Momenteel worden alle theorieboeken van Verjo vernieuwd. Deze vernieuwing is begonnen met het RIS-praktijkboek op het gebied van gebruik ADAS en automaat rijden. De theorieboeken voor auto en vrachtauto/bus zijn al aangepast.

Na elk hoofdstuk zijn studievragen opgenomen. “Dit is belangrijk voor een leerling omdat ze dan gelijk kunnen toetsen of ze het hoofdstuk begrepen hebben. In het theorieboek bromfiets zijn ruim 150 unieke studievragen opgenomen.” Het nieuwe theorieboek is ook aangepast aan de nieuwe Amsterdamse regel ‘snorfiets op de rijbaan’ en andere wetswijzingen.

Lees ook: Populariteit elektrische scooters neemt flink toe

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Fri, 19 Apr 2019 13:52:33 +0000