CPB: laat veiligheid van auto meewegen in belastingen

De hoeveelheid CO2 die een auto uitstoot wordt al flink meegewogen in de belastingen, maar met de veiligheid van een auto wordt amper rekening gehouden, ziet het CPB. Opvallend, noemen de rekenmeesters noemen dat. Veiligheid blijkt namelijk de grootste maatschappelijke kostenpost van mobiliteit te zijn.

Het is niet zo dat er helemaal géén rekening gehouden wordt met de veiligheid van een auto, erkennen ze. De huidige accijns brengen de maatschappelijke kosten van zowel milieu, geluid als verkeersonveiligheid al bij de automobilist in rekening. Alleen, stellen rekenmeesters: de verkeersonveiligheid is een veel grotere maatschappelijke kostenpost dan de emissies CO2, NOx en fijnstof per voertuigkilometer.

Tegenovergestelde

“We pleiten dan ook niet voor een nieuwe belasting, maar voor het beter differentiëren van bestaande belastingen”, schrijven ze. Dat heeft tot gevolg dat veilige auto’s goedkoper worden en onveilige duurder en voorkomt het tegenovergestelde, zoals nu over het algemeen het geval is. Veilige auto’s zijn vaak duurder dan onveilige. Met als gevolg dat het aantal écht veilige auto’s achterblijft.

Dat is onwenselijk, aldus de onderzoekers. Er bestaan immers tal van systemen die de veiligheid in de auto en op de weg verhogen zijn en het aantal groeit. Maar er zijn verschillen in de mate waarmee voertuigen met dit soort technieken zijn uitgerust. Ook biedt niet ieder voertuig evenveel bescherming bij een botsing.

Informatievoorziening

Betere verdeling van bestaande belastingen blijkt de beste maatregel uit de lijst beschikbare opties, zo staat in het rapport. Overigens is dat niet alles, stellen de onderzoekers. “Zonder gedegen onderzoek en informatievoorziening is het voor consumenten niet eenvoudig om een veilig voertuig te kiezen.”

Lees ook: Piek in autoverkoop door nieuwe emissietest 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Jan Pieter Rottier
Publicatie datum: Mon, 10 Sep 2018 08:19:10 +0000

Spookrijden in file: gevolgen groot en onderzoek ontbreekt

Het gebeurde drie keer afgelopen weekend: automobilisten zien een file ontstaan en besluiten een stuk te gaan spookrijden om maar niet te hoeven wachten. Het Openbaar Ministerie, het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en Rijkswaterstaat zijn op z’n zachtst gezegd niet blij. Wat beweegt deze spookrijders? En kan dit worden voorkomen? Onderzoek is er nog niet naar gedaan. 

Bij de Sluiskiltunnel in Zeeland bekeurde de politie zondagavond drie automobilisten voor spookrijden. Zowel de Sluiskiltunnel als de Westerscheldetunnel was vanwege een brand afgesloten. Enkele bestuurders keerden hun voertuig op de N61 om en reden tegen het verkeer in. Drie van hen konden gepakt worden.

Eerder dat weekend was het ook al raak. Op de snelweg A8 bij de afrit Oostzaan bekeurde de politie negen automobilisten wegens spookrijden. Ze reden tegen de rijrichting in om een file te vermijden. Door een ongeval met letsel in de Coentunnel was de weg enige tijd afgesloten en ontstond er een lange file.

De bekeuringen komen vlak nadat op de A13 tussen Den Haag en Rotterdam tientallen autobestuurders die aan het keren waren, de weg versperden voor een ambulance met zwaailicht. Die kon daardoor niet op de plek van een ongeval komen.

De tekst gaat verder onder de video

Niet blij

Rijkswaterstaat is op z’n zachtst gezegd niet blij. Woordvoerder Bart Audenaert: “Naast het feit dat dit verboden is, kunnen er situaties ontstaan die levensgevaarlijk zijn: mensen die keren op de snelweg rijden immers tegen het verkeer in. En dat terwijl andere automobilisten de spookrijders nietsvermoedend naderen. Je brengt daarmee jezelf en andere weggebruikers in gevaar en kunt hulpverleners hinderen. Daardoor kan hulp te laat komen en kan de afhandeling van een ongeval nog langer duren.”

Ook het Openbaar Ministerie is niet gecharmeerd van dit gedrag. Verkeersofficier van justitie Roy Appels zegt dat een boete alleen niet voldoende is: “Wij gaan die zaken altijd dagvaarden en dat betekent dat we bij de kantonrechter altijd een eis neerleggen van 370 euro en daarnaast zes maanden ontzegging van de rijbevoegdheid.” Minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) liet op Twitter al haar ongenoegen merken. “Bizar! Zo breng je hulpverleners en jezelf in gevaar”, schreef ze. “Spookrijden is levensgevaarlijk!”

Cijfers

Onderzoek naar deze specifieke vorm van spookrijden is er niet. Audenaert: “We hebben hier geen harde cijfers van, omdat we niet altijd alles kunnen zien. Maar we krijgen geregeld een melding binnen of zien het gebeuren via de camerabeelden in onze verkeerscentrales. En iedere keer dat het gebeurt is er een te veel.” Ook de SWOV heeft het niet onderzocht, laat directeur Peter van der Knaap weten. De kennis over spookrijden die er is, is gebundeld in de factsheet spookrijden, vertelt hij.

Hoe vaak automobilisten in Nederland spookrijden, is niet precies bekend, blijkt uit dat overzicht. Meldingen van een spookrijder zijn wel altijd bijgehouden, en wel door de VerkeersInformatieDienst (VID). Van 2012 tot 2017 gaat het jaarlijks om 100 tot 150 meldingen. De VID is overigens begin dit jaar opgesplitst. Het bedrijf heeft haar verkeersinformatie-activiteiten overgedragen aan Rijkswaterstaat.

“Een melding betekent echter niet dat er daadwerkelijk een spookrijder is of is geweest”, staat in het factsheet. “We moeten er rekening mee houden dat een deel van de meldingen niet klopt.” Ongeveer de helft van de meldingen betreft volgens de VID daadwerkelijk een spookrijder, schreef VerkeersNet eerder al.

Stijgen

Het aantal meldingen lijkt de laatste jaren te stijgen, ziet de SWOV (zie grafiek). Maar dat zegt volgens de onderzoeksorganisatie niet alles. “Het is niet duidelijk of deze stijging betekent dat spookrijden vaker voorkomt, of dat mensen vaker een melding doen, bijvoorbeeld omdat mensen steeds gemakkelijker kunnen bellen vanuit de auto.”

Tekst gaat verder onder de grafiek.

Meldingen van spookrijders door de jaren heen. BEELD: SWOV/VID

Spookrijongevallen komen volgens de SWOV in alle leeftijdsgroepen voor, maar er is wel een onderscheid te maken. “Oudere automobilisten zijn oververtegenwoordigd. In iets mindere mate geldt dat ook voor jonge automobilisten.” De onderzoeksorganisatie maakt onderscheid tussen bewust en onbewust spookrijden. De eerste vorm komt vaker voor bij jongeren. Het kan volgens de onderzoeksorganisatie gebeuren uit stoerheid, roekeloosheid of overmoedigheid en/of als gevolg van alcohol- of drugsgebruik of de wens om zelfmoord te plegen.

Oproepen

Er zijn verschillende maatregelen voor handen om spookrijden tegen te gaan, vertellen de betrokken partijen. Audenaert van Rijkswaterstaat: “Het gaat hier om mensen die moedwillig keren op een plek waar dat niet is toegestaan. Helaas kunnen we dat niet tegenhouden. We benadrukken daarom de gevaren en roepen weggebruikers op het vooral niet te doen. En op het moment dat we het zien gebeuren, nemen we direct contact op met de politie met het verzoek tot handhaving.”

Daarnaast doet Rijkswaterstaat er ‘alles’ aan om ingesloten verkeer achter een incident zo snel mogelijk weg te leiden, onderstreept hij. Het kan zijn, zegt hij, dat automobilisten dan alsnog moeten keren op de snelweg. Maar dat gebeurt dan op ‘een gecontroleerde en veilige manier’ onder begeleiding van hun weginspecteurs of de politie.

Overigens kan het OM niet meekijken met de camera’s van Rijkswaterstaat, vertelt verkeersofficier Appels. “Helaas lukt dat niet, want die camera’s staan voor een ander doel daar. En die mogen wij niet voor opsporing gebruiken.”

Inbreken op radio

In het factsheet schrijft de SWOV dat spookrijden in het algemeen voorkomen kan worden met waarschuwingsborden, wegmarkering en infrastructurele maatregelen bij op- en afritten. Is er een spookrijder, dan kan ingebroken worden op alle radiostations, en krijgen weggebruikers het advies ‘rechts te blijven rijden, niet in te halen en de spookrijder met lichtsignalen te waarschuwen’.

De SWOV wijst ook op ontwikkelingen in de auto-industrie. Fabrikanten werken aan systemen als een ‘Wrong-way Alert’ of ‘Wrong-Way Assistant’. Die moeten bestuurders visueel en auditief waarschuwen als ze dreigen te gaan spookrijden. In de toekomst moeten automobilisten ook via vehicle-to-vehicle-communicatie gewaarschuwd kunnen worden voor een naderende spookrijder.

Over bewust spookrijden zegt SWOV-directeur Van der Knaap: “Het is een bewuste verkeersovertreding dus handhaving is absoluut op zijn plaats. Daarnaast kunnen bewustwording van risico’s en goede en tijdige informatie over werkzaamheden en files helpen.”

Lees ook: Video: lesauto weet spookrijder op het nippertje te ontwijken

Bron: Verkeerspro
Auteur: Jan Pieter Rottier
Publicatie datum: Fri, 07 Sep 2018 09:51:15 +0000

‘Indianenverhalen rondom de zelfrijdende auto’

Rijopleidingen over een paar jaar niet meer nodig? Onzin, vindt Frank Hoornenborg, voorzitter van Bovag Rijscholen. Sommige beweringen rondom de ontwikkeling van de zelfrijdende auto kan de branche gerust naar zich neerleggen, zo schrijft hij in zijn maandelijkse column op RijschoolPro.nl

COLUMN – Meermaals heb ik op deze plek stil gestaan bij de mediahype rondom zelfrijdende auto’s en indianenverhalen over rijopleidingen die over een paar jaar niet meer nodig zouden zijn. De jeugd zou ook helemaal niet meer in autorijden zijn geïnteresseerd en wil geen eigen auto meer bezitten.

Deze zomer zagen we een paar interessante berichten voorbijkomen. Allereerst dat de zelfrijdende auto nog wel een jaar of vijftig op zich laat wachten en vervolgens onderzoek van een Amerikaans instituut dat aantoonde dat rijhulpsystemen niet bepaald vlekkeloos werken. Natuurlijk moet u blijven nadenken over de toekomst van uw rijschool en de positie die u zult gaan bekleden onder invloed van externe factoren. Maar de bewering dat een rijopleiding binnen afzienbare termijn niet meer nodig is, kunnen we naar het rijk der fabelen verwijzen.

Het Centraal Planbureau voorspelt sowieso nóg een paar vette jaren vanaf nu.

Kijk tevens eens naar de cijfers over 2toDrive: meer jongeren dan ooit willen het rijbewijs halen. Kijk naar de cijfers over het Nederlandse wagenpark: het aantal auto’s blijft groeien, alle succesvolle deelautoprojecten ten spijt. Het aantal motorfietsen stijgt naar recordhoogte, transporteurs schreeuwen om nieuwe chauffeurs, de wachttijden voor rijexamens blijven (veel te) lang, we zitten zelf verlegen om goede nieuwe instructeurs, de campercursussen met NKC zijn een groot succes… Het Centraal Planbureau kwam er nog eens overheen met de economische groeicijfers en voorspelt sowieso nóg een paar vette jaren vanaf nu.

Maakt u dus zich geen zorgen en laat u niet gek maken door mediaberichten die u anders willen doen geloven. Blijf wel goed nadenken over uw eigen toekomst, hou in de gaten wat er om u heen gebeurt en stel uw koers van tijd tot tijd bij. Dan kunt u nog tot in lengte van jaren succesvol blijven ondernemen!

Frank Hoornenborg

Voorzitter Bovag Rijscholen

Bron: Verkeerspro
Auteur: Frank Hoornenborg
Publicatie datum: Fri, 07 Sep 2018 06:21:42 +0000

‘Langzaam maar zeker accepteert de rijschoolbranche dat we er zijn’

Begonnen als een Facebook-groep tegen de praktijkbegeleiding, is de Landelijke Beroepsgroep Kwaliteitsbevordering Rijschoolbranche (LBKR) in een jaar tijd uitgegroeid tot een stichting met honderd betalende deelnemers. Voorzitter Jos Post blikt terug op het afgelopen jaar. “We sluiten niet uit dat we een vereniging worden en aan willen sluiten bij de officiële overleggen.”

Het afgelopen jaar heeft Post (foto, rechtsboven) ervaren als een ‘opstartjaar’ dat voorbij gevlogen is. “Toen we aan de klus begonnen wist ik van tevoren dat we het een en ander niet snel voor elkaar zouden krijgen. Ook wisten we van tevoren dat we zowel met successen als met frustraties te maken zouden krijgen.” Vooral in het begin liep de communicatie  tussen LBKR en andere partijen in de branche niet altijd even goed, vertelt Post. “Zowel van ons uit als vanuit de media. Hier hebben we van geleerd. Dit loopt nu beter, dit geldt ook voor het contact met de brancheverenigingen.”

Groei

Maar eenmaal opgestart, zijn er zeker ook successen behaald: de groep groeit gestaag. Inmiddels bestaat LBKR uit honderd betalende rijinstructeurs en hebben verschillende sponsoren zich bij de stichting aangesloten. Onder hen ook instructeurs die bij andere brancheverenigingen lid zijn. Jos Post is zelf overigens ook lid van de VRB.

Verder noemt Post het mede opzetten van een broodfonds voor rijinstructeurs een winst voor de LBKR, net als interessante kortingen die ze rijschoolhouders kunnen aanbieden. “Ook hebben we goede gesprekken in Den Haag met verschillende politici. Aanstaande zaterdag houden we een politiek spreekuur in Vilsteren.”

Verbindende factor

Daarnaast merkt Post meer erkenning vanuit de rijschoolbranche. “Langzaam maar zeker acceptatie door ‘de branche’ dat we er zijn. Kijk bijvoorbeeld naar de Nationale Rijschooldag: samen met FAM en VRB staan we op het podium.”

Post ziet de rol van LBKR deels parallel lopen aan die van de brancheverenigingen. Anderzijds heeft de groep ook een overkoepelende rol, vertelt hij: “LBKR is uitgesprokener over het afschaffen van de praktijkbegeleiding en ziet mogelijkheden om dit te bewerkstelligen. Verder zien we ons als een verbindende factor tussen alle partijen in de branche. In de toekomst sluiten we niet uit dat we een vereniging worden en aan willen sluiten bij de officiële overleggen met het CBR en de brancheverenigingen.”

Het contact met de FAM En de VRB is goed te noemen, vertelt de voorzitter. “Elkaar vriend te noemen gaat te ver, maar dat hoeft ook niet. We respecteren elkaar en elkaars gedachtegoed, maar hebben dus een eigen mening. Belangrijk in deze is dat we allemaal een betere branche willen en dàt is belangrijk.”

Praktische bijscholing

Na een terugblik op het afgelopen jaar, komt natuurlijk de vraag hoe Post de komende periode voor zich ziet: “Het komende jaar zullen we verder vechten voor een kwalitatief betere branche waarbij we zullen laten zien dat we heel veel zaken wél willen. We willen graag beter in ons vak worden, we willen graag betere ondernemers worden en daarvoor zijn verschillende tools te bedenken. Hier zijn we druk mee bezig en daarbij kan de praktijkbegeleiding een echte praktijkbegeleiding worden die dan een praktische bijscholing is geworden verzorgd door een opleider van instructeurs.”

Lees ook: ‘Zie ons als een lastig persoon die tijdens een werkoverleg lastige vragen stelt’

FAM, VRB en LBKR geven samen een workshop op de Nationale Rijschooldag op 18 september bij Autotron in Rosmalen. Waar staan zij voor en in hoeverre werken ze samen? De voorzitters gaan graag het gesprek aan met de aanwezigen. Ben je geregistreerd voor het evenement? Dan kun je je aanmelden voor deze workshop om zeker te zijn van een plaats. 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Thu, 06 Sep 2018 09:37:25 +0000